Media

RB 3559

Prejudiciële vragen over reclametijd

EU 21 apr 2021, RB 3559; (Reti Televisive Italiane), http://www.reclameboek.nl/artikelen/prejudici-le-vragen-over-reclametijd

Consiglio di Stato 21 april 2021, IEF 20209, RB 3559, IEFbe 3285, IT 3668; C-255/21 (Reti Televisive Italiane) Verzoek om een prejudiciële beslissing. Via MinBuza: De Italiaanse toezichthouder heeft drie zenders van RTI sancties opgelegd wegens het overtreden van de regels omtrent maximale reclametijd per klokuur. Volgens RTI werd in deze tijd ook zelfpromotie gepresenteerd, die bij de berekening niet mee hoeven worden genomen. In het geschil is dan ook aan de orde de vraag of het aanprijzen door de moedermaatschappij van (radio)programma's van de dochter-onderneming rechtmatig is. De verwijzende rechter verwijst in dit verband naar een besluit van de AGCOM, volgens welke de concentratie van televisie- en radio-uitzendingen ertoe kan leiden dat concurrenten worden uitgesloten van de markt. Er worden verschillende prejudiciële vragen gesteld over deze kwestie. De belangrijkste ziet op de vraag of het bestaan van diverse vormen van communicatie ondergebracht in onderling verbonden ondernemingsgroepen ertoe kan leiden dat de omroeporganisatie als groep aan te merken is als één economische eenheid. De overige vragen zien op de maximumzendtijd voor reclame en de gevolgen hiervan als de verschillende ondernemingen inderdaad als één economische eenheid beschouwd moeten worden.

RB 3498

Facebook moet gegevens advertentie-accounts afgeven

Nederland 17 mrt 2021, RB 3498; ECLI:NL:RBDHA:2021:2422 (PVH tegen Facebook), http://www.reclameboek.nl/artikelen/facebook-moet-gegevens-advertentie-accounts-afgeven
Facebook-Unsplash

Rechtbank Den Haag 17 maart 2021, IEF 19857, RB 3498, IT 3460; ECLI:NL:RBDHA:2021:2422 (PVH tegen Facebook) [Vervolg op IEF 18172RB 3273IT 2694]. PVH is een groot kleding- en modebedrijf dat verschillende merken exploiteert, waaronder Tommy Hilfiger. Op Facebook en Instagram constateerde PVH een aantal advertenties voor kleding en schoeisel met de naam "Tommy Hilfiger" die niet van haar afkomstig waren, terwijl zij met Facebook al een advertentieovereenkomst had gesloten ten behoeve van haar eigen merk. Dit leidde tot een bevel van de voorzieningenrechter jegens Facebook om de nodige maatregelen te nemen tegen de inbreukmakende advertenties. Facebook is hiertegen in beroep gegaan en heeft o.a. geweigerd om de gegevens van de advertentie-accounts aan PVH te geven. De rechtbank oordeelt dat Facebook deze gegevens alsnog moet afgeven en benadrukt daarbij dat zij het plaatsen van de inbreukmakende advertenties gestaakt dient te houden. Daarnaast stelt zij ook dat Facebook niet aansprakelijk is voor inbreuken gemaakt door klanten, maar dat zij zich wel succesvol mag beroepen op de hosting vrijstelling. Tot slot wordt Facebook ook een beperkte filterverplichting met betrekking tot de advertenties opgelegd.

RB 3440

Omnicom toch veroordeeld tot betaling media-executiefee

Rechtspraak (NL/EU) 15 sep 2020, RB 3440; ECLI:NL:GHAMS:2020:2511 (Cosmos tegen Omnicom), http://www.reclameboek.nl/artikelen/omnicom-toch-veroordeeld-tot-betaling-media-executiefee

Hof Amsterdam 15 september 2020, IEF 19458, RB 3440; ECLI:NL:GHAMS:2020:2511 (Cosmos tegen Omnicom) Contractenrecht. Uitleg overeenkomst. Beide partijen exploiteren een mediabureau en houden zich onder meer bezig met de inkoop van advertentieruimte voor hun klanten. In 2008 hebben partijen een samenwerkingsovereenkomst gesloten, waarin is geregeld dat Cosmos, nu Camborde, gebruikmaakt van de quantumkortingen die het veel grotere Omnicom kan bedingen bij het inkopen van media en dat de daarmee samenhangende backofficewerkzaamheden door Omnicom worden uitgevoerd. Daarvoor ontvangt Omnicom 0,4% van de bruto maandomzet die zij maakt ten behoeve van Cosmos.

RB 3371

Website Booking.com moet duidelijker

toezichthouder 20 dec 2019, RB 3371; (Booking.com tegen ACM), http://www.reclameboek.nl/artikelen/website-booking-com-moet-duidelijker

ACM 20 december 2019, RB 3371, IT&R 2979 (Booking.com tegen ACM) Online misleiding. Na optreden van de ACM en andere Europese consumententoezichthouders moet Booking.com haar website aanpassen. De website moet duidelijker zijn om misleiding van consumenten de voorkomen. Booking.com heeft toegezegd de aanpassingen door te zullen voeren.

RB 3338

CvB: te veel koeien in commercial Milka

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 3 sep 2019, RB 3338; (Milka Melkchocolade), http://www.reclameboek.nl/artikelen/cvb-te-veel-koeien-in-commercial-milka

CvB RCC 3 september 2019, IEF 18662, RB 3338; Dossiernr: 2019/00392 (Milka Melkchocolade) Televisiecommercial. Reclame-uiting. Misleidende reclame. De klacht betreft een televisiecommercial voor Milka melkchocolade in de vorm van een animatiefilmpje. De beelden worden begeleid door een voice-over die zegt: “Alle melk in Milka chocolade komt van boerderijen met hooguit 60 koeien. De klacht houdt in dat het genoemde aantal van maximaal 60 koeien te laag is, nu Milka een groot merk is, dat actief is in meer dan 40 landen over de wereld en de kalfjes van de koeien niet mee worden geteld. Het CvB bevestigt de gegrondverklaring van de Commissie wat betreft de klacht over de televisiecommercial en het aantal koeien. Er wordt een onjuist aantal genoemd. Het gedeelte van de klacht over de zinsnede “teder geproduceerde melk” is afgewezen. Ook hier gaat het College in mee.

RB 3329

Denigrerende vergelijkende reclame Dyson over stofzuiger BSH

EU 26 jun 2019, RB 3329; (Dyson tegen BSH), http://www.reclameboek.nl/artikelen/denigrerende-vergelijkende-reclame-dyson-over-stofzuiger-bsh

Ondernemingsrechtbank Antwerpen (Afdeling Antwerpen) 26 juni 2019, IEF 18584, IEFbe 3329, RB 2912  (Dyson tegen BSH) Marktpraktijken. Slechtmaking. Vergelijkende reclame. Dyson dagvaardde BSH in 2015, omdat de reclame van een stofzuiger van BSH incorrect en misleidend zou zijn. Naast de dagvaarding stuurde Dyson ook een persbericht uit, waarin zij stelde dat BSH zich schuldig maakte aan oneerlijke marktpraktijken en waarbij zij de link maakte met het Volkswagenschandaal. De Europese Commissie bepaalde dat de aangegeven energielabel niet meer gebruikt mag worden in verband met stofzuigers. Volgens Dyson bleef BSH verwijzen naar het energielabel in verband met haar stofzuigers en misleidde zij nog steeds de consument. De stakingsrechter oordeelt dat Dyson zich bij het persbericht schuldig maakte aan slechtmaking en denigrerende en onrechtmatige vergelijkende reclame. 

RB 3324

Inbreuk Unierechten door verhandelen nep-artikelen

Nederland 12 jun 2019, RB 3324; ECLI:NL:RBDHA:2019:5988 (Popsockets tegen VOF), http://www.reclameboek.nl/artikelen/inbreuk-unierechten-door-verhandelen-nep-artikelen

Rechtbank Den Haag 12 juni 2019, IEF 18532, RB 3324; ECLI:NL:RBDHA:2019:5988 (PopSockets tegen VOF) Merkenrecht. Modellenrecht. Inbreuk. PopSockets verkoopt een button en houder in een combi-pack dat achterop een mobiele telefoon of een ander elektronisch apparaat kan worden aangebracht en is houder van de merken en het model. De VOF exploiteert een groot- en detailhandel in partijgoederen en verkoopt deze goederen via internet en op markten. De VOF plaatst op Facebook en Marktplaats advertenties waarin zij namaak Popsockets te koop aanbiedt. VOF heeft inbreuk heeft gemaakt op de Uniemerken.

RB 3314

Rendementen uit reclame zijn niet representatief voor daadwerkelijke rendementen

Rechtspraak (NL/EU) 7 mei 2019, RB 3314; ECLI:NL:CBB:2019:177 (X tegen AFM), http://www.reclameboek.nl/artikelen/rendementen-uit-reclame-zijn-niet-representatief-voor-daadwerkelijke-rendementen

CBb 7 mei 2019 RB 3314,  ECLI:NL:CBB:2019:177 (X tegen AFM) Niet duidelijke en misleidende reclame-uiting. Schending nemo tenetur-beginsel. Appellante beschikt over een vergunning voor het uitoefenen van het bedrijf van bank en biedt beleggingsdiensten aan. Tussen 2012 en 2014 heeft ze de volgende reclamecampagnes via televisie gevoerd: Achtbaan, Geld slaapt en Time out. In de reclames werden rendementen van X getoond. AFM heeft onderzocht in hoeverre ze voldeden aan artikel 4:19, tweede lid, van de Wet op het financieel toezicht (Wft). Het College is van oordeel dat de in de reclame-uitingen getoonde rendementen niet representatief waren voor de daadwerkelijk behaalde rendementen in het getoonde risicoprofiel. De conclusie dat de getoonde informatie ook misleidend was, omdat in de reclame-uitingen een verband wordt gesuggereerd tussen rendementspercentage, werkwijze en profiel komt naar het oordeel van het College geen zelfstandige betekenis toe. Anders dan AFM is het College van oordeel dat het in de reclame-uitingen gesuggereerde verband er op zichzelf wel is. De werkwijze van X houdt, naar blijkt uit de reclame-uitingen, in dat elke dag de (volgens het algoritme juiste) beleggingen worden gekozen voor de klant en dat, als de beurs tegenzit, uit de aandelen wordt gestapt.