Netflix-post onvoldoende herkenbaar als influencerreclame
RCC 5 juni 2026, RB 4074; 2026/00209 ([klager] tegen [naam influencer] en Netlfix). In deze zaak staat een Instagrampost van [naam influencer] over de Netflixfilm The Immortal Man (Peaky Blinders) centraal. De influencer is op verschillende foto’s te zien in een setting die is geïnspireerd op de personages uit Peaky Blinders. In de beschrijving wordt vermeld dat de film op Netflix te zien is. De aanduiding “AD” stond onderaan de tekst en werd pas zichtbaar nadat de gebruiker op “meer” klikte. Niet is betwist dat de post onderdeel was van een commerciële samenwerking tussen de influencer en Netflix. Volgens de voorzitter is daarom sprake van een relevante relatie in de zin van de Reclamecode Social Media & Influencer Marketing. Deze relatie moet uitdrukkelijk en op eenvoudig toegankelijke wijze in de uiting worden vermeld, zodat de consument de aanbeveling van de influencer op waarde kan schatten.
Claims over CO₂-neutraal wegenzout misleidend door ontbrekende tijdshorizon
RCC 27 mei 2026, RB 4073; 2026/00057 (Eurosalt tegen Gogreensalt). In deze zaak tussen Eurosalt en GoGreenSalt staat de reclame voor een mengsel van 75% wegenzout en 25% olivijn centraal. Op de website wordt GoGreenSalt onder meer aangeprezen als “CO₂-neutraal wegenzout”, “Hét duurzame wegenzout” en “Dé groene keuze in gladheidsbestrijding”. Ook worden concrete claims gedaan over de hoeveelheid CO₂ die het product uit de atmosfeer zou opnemen. De Commissie stelt vast dat de reclame is gericht op zakelijke afnemers, in het bijzonder wegbeheerders. De uitingen zijn duurzaamheidsreclame waarop de Code voor Duurzaamheidsreclame van toepassing is. Duurzaamheidsclaims moeten duidelijk, specifiek en ondubbelzinnig zijn. Naarmate een claim absoluter is geformuleerd, worden zwaardere eisen gesteld aan de onderbouwing.
Rooskleurige brochures over landbouwgrond niet misleidend
Rb. Noord-Holland 25 maart 2026, RB 4072; ECLI:NL:RBNHO:2026:8136 ([eiser] tegen DTP). In deze zaak tussen [eiser] en De Twaalf Provinciën Vastgoed B.V. staat de informatievoorziening bij de verkoop van landbouwgrond als investeringsobject centraal. [eiser] kocht in 2011 en 2012 voor in totaal € 385.000 aan percelen in Zeewolde en Leek. Hij stelt dat DTP hem met onjuiste en misleidende informatie heeft bewogen tot aankoop en beroept zich onder meer op een oneerlijke handelspraktijk. DTP presenteerde de percelen in haar brochures als strategisch gelegen gronden met ontwikkelpotentie. Daarin stonden formuleringen als ‘profiteer van explosieve waardevermeerdering’ en werd gewezen op mogelijke woningbouw en andere ontwikkelingen. Tegelijkertijd vermeldden de brochures dat grondprijzen kunnen fluctueren en dat geen garanties over toekomstige waardeontwikkelingen werden gegeven. Ook in de koopovereenkomsten en leveringsakten stond dat DTP geen garantie gaf op een toekomstige bestemmingswijziging. Volgens [eiser] waren de percelen niet strategisch gelegen en schetste DTP een te positief beeld van de kansen op een bestemmingswijziging en het mogelijke rendement. Ook zou DTP onvoldoende hebben gewaarschuwd voor het risico dat de investering bij het uitblijven van een bestemmingswijziging sterk in waarde zou dalen.
Mr. S.K. Martens Academie 2026/2027
Belangstellenden kunnen zich nu aanmelden voor de volgende editie van de Mr. S.K. Martens Academie. Deze officiële specialisatieopleiding intellectueel eigendoms- en procesrecht is bedoeld voor advocaten, rechters en (bedrijfs)juristen die hun juridische kennis en praktische vaardigheden verder willen verdiepen. De opleiding bestaat uit acht masterclasses en vier live online sessies en start naar waarschijnlijkheid in het najaar 2026.
De nadruk ligt op de praktische bescherming en handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Deelnemers werken in kleine groepen met actuele jurisprudentie, recente praktijkvoorbeelden en concrete businesscases. Ook de invloed van AI op de rechtspraktijk maakt deel uit van het programma. De hoofddocenten zijn Marijn Kingma, Peter Teunissen en Jorn Torenbosch.
Na succesvolle afronding van het mondelinge examen ontvangen deelnemers een certificaat in het intellectueel eigendoms- en procesrecht. De opleiding levert 54 tot 60 PO-punten op. Daarnaast krijgen deelnemers toegang tot het alumninetwerk en gedurende één jaar kosteloos toegang tot verschillende IE-publicaties en databanken van deLex, zoals AI-Forum, Auteursrecht, BMM Bulletin, Berichten Industriële Eigendom en Mediaforum.
Aanmelden of een offerte op maat aanvragen kan via info@delex.nl.
Overeenkomst met IT-dienstverlener vernietigd wegens geschonden informatieplichten en oneerlijke handelspraktijken
Rb. Amsterdam 23 juli 2026, RB 4070; IT 5401; ECLI:NL:RBAMS:2026:7689 ([eisers] tegen [gedaagde]). Twee consumenten sloten bij hen thuis mondeling een overeenkomst met een IT-dienstverlener voor een servicepakket van € 27,50 per maand. Omdat de overeenkomst buiten de verkoopruimte was gesloten, moest de dienstverlener voldoen aan de precontractuele informatieplichten van artikel 6:230m BW en de vormvoorschriften van artikel 6:230t BW. De vernietigingsvordering was niet verjaard, omdat de consumenten pas in februari 2024 daadwerkelijk bekend werden met de feiten en omstandigheden waarop zij de vernietiging baseerden. De dienstverlener had hen onvoldoende geïnformeerd over de voornaamste kenmerken van de diensten en zijn vergaande zeggenschap over onder meer de domeinnamen en digitale omgevingen, de wijze van betaling via automatische incasso, het herroepingsrecht, de duur van de overeenkomst en de opzeggingsvoorwaarden. Ook had hij de vereiste informatie en een bevestiging van de overeenkomst niet op papier of een andere duurzame gegevensdrager verstrekt. Daarmee schond hij de informatieplichten van artikel 6:230m lid 1, onder a, g, h en o, en artikel 6:230t leden 1 en 2 BW. Voor de minimumduur als bedoeld in artikel 6:230m lid 1, onder p, BW bestond geen informatieplicht, omdat geen minimumduur was overeengekomen. De schendingen waren zo ernstig en betroffen zozeer de kern van de overeenkomst dat deze op grond van artikel 3:40 lid 2 BW vernietigbaar was. Het weglaten van de essentiële informatie vormde bovendien een misleidende omissie. De e-mails waarin de dienstverlener na de opzegging dreigde de ICT-diensten te blokkeren en druk uitoefende om het abonnement voort te zetten, leverden een agressieve handelspraktijk op. De overeenkomst was daarom ook op grond van artikel 6:193j lid 3 BW vernietigbaar.
Booking moet inzicht geven in eerdere kennis van onjuiste locatiegegevens bij accommodatie
Rb. Amsterdam 10 juli 2026, RB 4069; ECLI:NL:RBAMS:2026:7389 ([verzoeker] tegen Booking). Via Booking.com werd voor € 2.540 een accommodatie in Griekenland geboekt. In de advertentie stond dat de accommodatie op slechts enkele tientallen meters van Komi Beach lag en op de kaart werd zij direct aan zee weergegeven. Bij aankomst bleek de accommodatie volgens de boekers op aanzienlijke afstand van het strand en in een afgelegen gebied te liggen. Na annulering werd slechts € 132 terugbetaald. De aanspraken van de boeker en de betaler zijn vervolgens gecedeerd aan de verzoeker, die in de Europese procedure voor geringe vorderingen betaling van het resterende bedrag van € 2.408 vordert. Hij stelt dat de advertentie misleidend was en beroept zich op een oneerlijke handelspraktijk, dwaling en non-conformiteit. De kantonrechter acht de Nederlandse rechter bevoegd omdat Booking in Amsterdam is gevestigd. Op grond van de rechtskeuze in de algemene voorwaarden is Nederlands recht van toepassing, zonder dat de consument de bescherming verliest die hij aan dwingend Spaans recht ontleent.
Artikel geschreven door Evelien Huberts, Hoogenraad & Haak.
“Nature Socks” een duurzaamheidsclaim?
Evelien Huberts, 7 april 2026.
Een verpakking met de namen “Wollsocken” en “Nature Socks” en een afbeelding van een bol wol met breinaalden suggereert volgens een klager bij de Reclame Code Commissie dat sprake is van een “veel natuurlijker en duurzamer product dan het in werkelijkheid is”. De klager vond de uiting misleidend. Maar hoe zit het écht?
Artikel geschreven door Ebba Hoogenraad, Hoogenraad & Haak.
De groene EmpCo-klok tikt … wat bedrijven nu moeten weten
Ebba Hoogenraad, 29 juni 2026.
De toepassingsdatum van de EmpCo-richtlijn, 27 september 2026, nadert snel. Niet alleen de zomerzon zorgt voor warmte; maar ook bedrijven met duurzaamheidsclaims op hun verpakkingen krijgen het hier warm van.
Vanaf die datum zijn o.a. generieke milieuclaims verboden. Woorden als duurzaam, groen, verantwoord of milieubewust mogen uitsluitend worden gebruikt met keihard bewijs ('erkende voortreffelijke milieuprestaties'), of als de claim direct in de uiting zelf wordt gespecificeerd.
HvJ EU: dynamische streamingdienst valt onder begrip digitale dienst
HvJ EU 9 juli 2026, IT 5392; RB 4066; ECLI:EU:C:2026:556 (Sky Österreich Fernsehen GmbH tegen Verein für Konsumenteninformation). In deze zaak biedt Sky Österreich een streamingdienst aan waarmee consumenten via een link of applicatie toegang krijgen tot programma’s die op een server zijn opgeslagen. De programma’s kunnen live of on demand worden bekeken en, afhankelijk van de beschikbare licenties, worden gedownload en offline worden bekeken. Een download kan slechts eenmaal worden bekeken en moet binnen 48 uur vanaf het begin van het afspelen volledig zijn bekeken. Bij het online afsluiten van een abonnement moet de consument instemmen met een beding waarin hij ermee akkoord gaat dat Sky Österreich vóór het verstrijken van de herroepingstermijn van veertien dagen met de uitvoering van de overeenkomst begint en erkent dat hij daardoor zijn herroepingsrecht verliest. De Oostenrijkse consumentenorganisatie Verein für Konsumenteninformation (VKI) stelt dat deze informatie ontoereikend is, omdat het streamingabonnement een digitale dienst vormt en het herroepingsrecht pas vervalt wanneer die dienst volledig is geleverd. Sky Österreich stelt daarentegen dat zij digitale inhoud levert, zodat het herroepingsrecht volgens haar is uitgesloten zodra de uitvoering van de overeenkomst een aanvang neemt. Nadat VKI in hoger beroep in het gelijk wordt gesteld, vraagt het Oberste Gerichtshof het Hof van Justitie in wezen of een dergelijke streamingdienst moet worden aangemerkt als de levering van digitale inhoud in de zin van artikel 2, punt 11, en artikel 16, eerste alinea, onder m, Richtlijn 2011/83.
Cursist dropshippingtraject is consument en behoudt herroepingsrecht door gebrekkige informatie
Rb. Gelderland 17 juni 2026, RB 4064; ECLI:NL:RBGEL:2026:5072 (MGG tegen [de gedaagde in conventie]). Een vrouw kwam via een reclamefilmpje op Facebook in contact met Mijn Geld Groeit LLP (MGG). Tijdens een videogesprek op 22 januari 2025 sloot zij een overeenkomst voor het zogenoemde Diamond Traject, een online cursus met begeleiding bij het opzetten van een dropshippingwebshop. De cursusprijs bedroeg € 12.495, te betalen in vijf termijnen van € 2.499. Zij betaalde direct de eerste termijn, maar liet diezelfde avond weten dat zij ook een veel goedkoper traject had gezien en zich zorgen maakte over de hoge betalingsverplichting. Enkele dagen later schreef zij dat zij niet meer in het aangeboden traject geloofde en vroeg zij opnieuw om een goedkoper traject. Nadat zij de tweede termijn niet betaalde, blokkeerde MGG haar toegang tot de online omgeving en vorderde zij betaling van de vier resterende termijnen, vermeerderd met rente, buitengerechtelijke incassokosten en overige kosten. De kantonrechter oordeelt dat de vrouw de overeenkomst als consument heeft gesloten. Dat haar eenmanszaak in het aanmeldformulier en op de factuur stond en dat zij een zakelijke bankpas gebruikte, maakt dat niet anders. Haar bestaande onderneming hield zich bezig met zorgverlening en de dropshippingcursus hield geen verband met die bedrijfsactiviteit. Dat zij mogelijk in de toekomst als dropshipper wilde beginnen, betekent niet dat zij bij het sluiten van de overeenkomst al in het kader van die beroepsactiviteit handelde. De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht omdat de vrouw in Nederland woont en op grond van de rechtskeuze van partijen is het Nederlandse recht van toepassing.









