Claims ten aanzien van conditie bloedvaten onvoldoende onderbouwd
CVB 7 mei 2015, RB 2398, dossiernr. 2015/00056 (Curanol)
Claims. Aanbeveling bevestigd. De klacht: In de uiting betreffende Curanol zalf ontbreken de hoeveelheden van de in de zalf aanwezige ingrediënten. In de uiting voor Curanol tabletten zijn wel de hoeveelheden van het extract van muizendoorn (Ruscus aculeatus) en van vitamine K2 vermeld, maar ontbreken de hoeveelheden van de andere ingrediënten. De zalf is met name bedoeld voor de aambeien (uitgezette aderen, d.w.z. spataderen) waarvan zwangere en/of kraamvrouwen last hebben. De uiting suggereert dat Curanol zalf in combinatie met Curanol tabletten iets aan (de conditie van) de vaatwand zou kunnen bijdragen, maar wetenschappelijk bewijs hiervoor ontbreekt. Een cosmetische verbetering kan alleen bereikt worden als Curanol de aambeien zou kunnen verkleinen c.q. genezen. Daarvan is echter niets gebleken en deze werking is uiterst onwaarschijnlijk.
Voor de Curanol producten worden kruiden gebruikt die blijkens de - door klaagster overgelegde - gegevens in de Natural Medicines Comprehensive Database (NMCD) niet de voor Curanol geclaimde werking hebben. Voor Hamamelis virginiana (Amerikaanse toverhazelaar) wordt de toepassing die Curanol vermeldt niet genoemd; bij Calendula officinalis (goudsbloem) wordt geen enkele betrouwbare toepassing genoemd wegens onvoldoende bewijsmateriaal; voor Echinacea purpurea (rode zonnehoed) wordt alleen bij “mogelijk effectief” een voorbeeld genoemd, maar dan in combinatie met econazola zalf; de werkzaamheid van Aesculus hippocastanum (paardenkastanje) bij symptomen van moeilijkheden met aderen is mogelijk maar niet zeker; en voor Ruscus aculeatus (muizendoorn) bestaan onvoldoende betrouwbare gegevens voor het gebruik bij zwangerschap en borstvoeding.
Omdat de uitingen de gemiddelde consument ertoe brengen een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, zijn de uitingen misleidend en daardoor oneerlijk.
Het College oordeelt:
Ten aanzien van de tabletten
1.1. Het College constateert dat ter zake van de klacht met betrekking tot de tabletten door geïntimeerde een uiting is overgelegd voor tabletten waaraan blijkens het kopje “samenstelling” geen vitamine C is toegevoegd. Het College begrijpt uit het verweer van Pharma Webwinkel dat deze uiting per abuis nog op haar website stond, omdat zij nu tabletten op de markt brengt waaraan wel vitamine C is toegevoegd. Zij gebruikt hiervoor een aangepaste uiting die volgens haar voldoet aan de Claimsverordening. Het College zal evenwel uitsluitend de door geïntimeerde overgelegde uiting beoordelen nu de klacht hiertegen is gericht en deze uiting ten tijde van het indienen van de klacht op de website van Pharma Webwinkel stond.Ten aanzien van de zalf
1.2. Niet in geschil is dat in laatstbedoelde uiting een gezondheidsclaim werd gebruikt (“houdt de bloedvaten elastisch en in goede conditie”) die als zodanig niet letterlijk is opgenomen in de in de artikelen 13 en 14 van de Claimsverordening bedoelde lijsten van toegestane claims met betrekking tot de ingrediënten en nutriënten van Curanol tabletten. Deze claim heeft naar het oordeel van het College voor de consument ook niet dezelfde betekenis als een officieel vastgestelde bewoording voor een bestanddeel van die tabletten. Het College oordeelt derhalve dat de uiting, zoals die ten tijde van het indienen van de klacht op de website van Pharma Webwinkel stond, in strijd is met artikel 10 lid 1 Claimsverordening. Nu een wettelijk verbod is overtreden, is niet voldaan aan de eis dat reclame in overeenstemming met de wet dient te zijn. Om die reden is de uiting in strijd met artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Het College komt derhalve tot dezelfde uitkomst als de Commissie. Daarbij merkt het College nog op dat de Commissie had kunnen volstaan met te oordelen dat een gezondheidsclaim is gebruikt die niet voor de tabletten is toegestaan. Dat inmiddels aan de tabletten vitamine C wordt toegevoegd, doet verder niet ter zake nu de claim “houdt de bloedvaten elastisch en in goede conditie” voor vitamine C niet als een toegelaten gezondheidsclaim kan worden beschouwd, in tegenstelling tot de claims “van belang voor een goede conditie van de bloedvaten” en “gunstig voor elastische aderen”.
2.1. Ten aanzien van de zalf heeft geïntimeerde de ook voor dit product gebruikte claim “houdt de bloedvaten elastisch en in goede conditie” bestreden. Dit product valt niet onder de werking van de Claimsverordening omdat het niet voor orale nuttiging is bestemd. De Commissie heeft - in beroep onbestreden - geoordeeld dat de zalf als een gezondheidsproduct dient te worden aangemerkt en dat de uiting dient te worden getoetst aan het algemene gedeelte van de Nederlandse Reclame Code. Het College volgt de Commissie hierin, evenals in het oordeel dat het feit dat de Keuringsraad KOAG KAG een vergelijkbare reclame-uiting destijds - in 2004 - preventief heeft goedgekeurd, niet uitsluit dat thans, naar aanleiding van een specifieke klacht en op basis van toetsing na hoor en wederhoor, in deze procedure anders wordt beslist over de vraag of de geclaimde werking voldoende aannemelijk is.Ten aanzien van de verantwoordelijkheid voor vermelde uitingen
2.2. Pharma Webwinkel heeft in beroep stukken overgelegd ter onderbouwing van de stelling dat de Keuringsraad de uiting voor Curanol zalf terecht van een toelatingsnummer heeft voorzien. Deze stukken dienen specifiek ter ondersteuning van de claim “houdt de bloedvaten elastisch en in goede conditie”. Ook verwijst Pharma Webwinkel naar Monographs van de European Medicines Agency. Het College gaat aan die Monographs voorbij omdat hiervan geen stukken zijn overgelegd. Met betrekking tot de vier afzonderlijk door Pharma Webwinkel genoemde ingrediënten ter zake waarvan wel stukken zijn overgelegd en waarop de geclaimde werking van de tabletten wordt gebaseerd, oordeelt het College als volgt. Daarbij verwijst het College voor de volledige specificaties van de hierna te noemen onderzoeken naar de in het beroepschrift sub 1 tot en met 9 genoemde gegevens.
2.2.1. Met betrekking tot het bestanddeel Aesculus stelt Pharma Webwinkel dat dit bestanddeel volgens de overgelegde onderzoeken de natuurlijke werking van de bloedvaten verbetert en effectief is bij veneuze insufficiëntie. Het College acht dit niet zonder meer gelijk aan “houdt de bloedvaten elastisch en in goede conditie”. Daarnaast oordeelt het College dat de onderzoeken die Pharma Webwinkel in dit verband overlegt ook onvoldoende houvast bieden om een dergelijk effect van de aangeprezen zalf te verwachten. Ter zake van het onderzoek van Siebert e.a. (“Efficacy, routine effectiveness, and safety of horsechestnut seed extract in the treatment of chronic venous insufficiency”) merkt het College op dat hier blijkbaar “oral therapies” zijn onderzocht en niet lokale behandeling met een zalf, zodat reeds om die reden aan dit onderzoek dient te worden voorbijgegaan. Hetzelfde geldt voor het overzichtsonderzoek door Pittler e.a. (“Horse chestnut seed extract for chronic venous insufficiency”), het onderzoek door Diehm e.a. (“Comparison of leg compression stocking and oral horse-chestnut sees extract therapy in patients with chronic venous insufficiency”), het onderzoek door Felixsson e.a. (“Horse chestnut extract contract bovine vessels and affect human platelet aggregation through 5-HT(2A) receptors: an in vitro study”) en het onderzoek door Carrasco e.a. (“Endothelium protectant and contractile effects of the antivaricose principle escin in rat aorta”). Hetzelfde geldt voor het in nummer 2.2.4 van deze beslissing genoemde artikel van MacKay waarin onder meer naar Aesculus wordt verwezen.
2.2.2. Met betrekking tot het bestanddeel Calendula verwijst Pharma Webwinkel naar de resultaten van het onderzoek door Duran e.a. met de titel “Results of the clinical examination of an ointment with marigold (Calendula officinalis) extract in the treatment of venous leg ulcers”. Bij dit onderzoek is getest met zalf. De resultaten van dit onderzoek worden door de onderzoekers echter “preliminary” genoemd en betreffen specifiek de genezing van zweren bij spataderen. Deze resultaten onderbouwen onvoldoende de claim “houdt de bloedvaten elastisch en in goede conditie”.
2.2.3. Met betrekking tot het bestanddeel Echinacea verwijst Pharma Webwinkel naar de resultaten van het onderzoek door Raduner e.a. met de titel “Alkylamides from Echinacea are a New Class of Cannabinomimetics”. Het College constateert dat dit onderzoek het menselijk immuunsysteem betreft. Voor zover daarbij wordt verwezen naar een effect op het “Human Whole Blood”, leest het College daarin geen specifieke verwijzing naar het elastisch en in goede conditie houden van de bloedvaten.
2.2.4. Met betrekking tot het bestanddeel Hamamelis verwijst Pharma Webwinkel in de eerste plaats naar de resultaten van het onderzoek door Erdelmeier e.a. met de titel “Antiviral and antiphlogistic Activities of Hamamelis virginia Bark”. Dit onderzoek betreft de antivirale en ontstekingsremmende werking van dit bestanddeel, maar niet het elastisch en in goede conditie houden van de bloedvaten, zodat het College daaraan voorbijgaat. Met betrekking tot het artikel van MacKay met de titel “Hemorrhoids and varicose veins: a review of treatment options” heeft geïntimeerde gesteld dat dit artikel geen wetenschappelijke status heeft. Het College laat dit verder in het middel. Dit artikel verwijst specifiek naar “oral supplementation” en niet naar toepassing in de vorm van zalf.
2.3. Het College oordeelt op grond van het voorgaande dat Pharma Webwinkel onvoldoende heeft onderbouwd dat Curanol zalf bestanddelen bevat die bloedvaten elastisch en in goede conditie houden. Dit wordt niet anders indien de hiervoor aangehaalde publicaties in onderling verband en samenhang worden bezien. Deze werking is derhalve onvoldoende aannemelijk geworden. Daar komt bij dat, ook indien zou zijn aangenomen dat sommige bestanddelen wel een bepaalde werking zouden hebben, daarmee niet is gegeven dat dit ook voor het product als zodanig geldt. Denkbaar is immers dat de werkzame stoffen in dat geval in onvoldoende mate in het product aanwezig zijn of een zodanige invloed op elkaar hebben dat de werking wordt opgeheven. Het College onderschrijft derhalve het oordeel van de Commissie dat, nu de claim niet aannemelijk is gemaakt, de uiting in zoverre misleidend is.
2.4.Het College constateert dat de door de Commissie genoemde website www.curanol.nl doorlinkt naar de webshop op www.curanolwebwinkel.nl, waarop eveneens de bestreden uitingen voor Curanol tabletten en zalf zijn gepubliceerd. Het College begrijpt grief 3 aldus, dat Pharma Webwinkel op zichzelf genomen erkent dat zij verantwoordelijk is voor de op laatstgenoemde website geplaatste uitingen, maar dat zij van mening is dat de klacht tegen de distributeur Forest Healthcare had dienen te worden gericht die kennelijk de uiting heeft opgesteld en de website www.curanol.nl beheert. Wat hiervan verder zij, dit aspect kan niet tot het oordeel leiden dat de Commissie ten onrechte Pharma Webwinkel heeft aanbevolen niet meer op de onderhavige wijze reclame te maken met betrekking tot de Curanol tabletten en de Curanol zalf. Dit oordeel betreft, naar het College nader preciseert, de onjuist geachte mededelingen over Curanol tabletten en Curanol zalf op de website van Pharma Webwinkel zelf.
Stichting Reclamecode
Aanbeveling. Claims. 2 NRC. De uiting: Het betreft de aanprijzing van Duo Kruidenelixer Basic, Duo Kruidenelixer S.P.G. en Duo Kruidenelixer Femina op de website www.duokruidenelixer.nl. De klacht: Klaagster voert, kort samengevat, aan dat de geclaimde werking van de drie elixers niet bewezen is. Ook al bevatten de elixers kruiden die afzonderlijk de werking (mogelijk) ondersteunen, dan is dat nog geen bewijs dat de kruiden dezelfde werkzaamheid behouden als ze zijn opgenomen in de elixers. Over de wisselwerking tussen de verschillende kruiden wordt niets meegedeeld. De uitingen zijn verwarrend, nu de wetenschappelijke namen van de kruiden ontbreken en niet wordt vermeld welke delen van de planten zijn gebruikt.
Aanbeveling. Misleiding. Art. 7 & 8.2 NRC. De uiting: Het betreft de advertentie in NRC Handelsblad van 16 oktober 2014 voor de SnörEx® snurkbeugel, met als kop: “Unieke SnörEx® snurkbeugel stopt uw snurken”. De klacht: In de advertentie wordt letterlijk gezegd dat de SnörEx speciaal ontwikkeld is voor de behandeling van snurken en apneu en effectief is bij het voorkomen van ademstops, die eerder in de uiting genoemd zijn als kenmerk van apneu. Slaapapneu is een medische aandoening. De SnörEx is bewezen niet effectief als behandeling van slaapapneu. Klager verwijst naar de hiertoe in dossier 2014/00594 toegezonden documentatie. Zie ook
Aanbeveling. Misleiding. Voornaamste kenmerken product. Oneerlijke reclame. De uitingen: 1.Uitingen (a. homepage en b. handleiding) op de website www.tommyteleshopping.com en 2. een televisiereclame. De klacht: De uitingen gaan gepaard gaan met onjuiste informatie ten aanzien van de van het gebruik van het product (Reduform methode) en de te verwachten resultaten. De beslissing: Op grond van het voorgaande acht de Commissie de reclame-uitingen in strijd met artikel 7 NRC.
Voorzitterstoewijzing. Claims. Voornaamste kenmerken product. De klacht: Klaagster meende op grond van de bestreden uiting dat zij dankzij het product BioLean zou afvallen en dat dit product haar eetlust zou remmen. Van het product Flexibility verwachtte zij minder last van haar gewrichten te krijgen en soepeler te worden. Klaagster heeft echter geen enkel resultaat van de producten gemerkt en acht om die reden de uiting misleidend. De beslissing van de voorzitter: Op grond van hetgeen onder 1) en 2) is vermeld acht de voorzitter de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC. Op grond van hetgeen onder 4) is vermeld acht de voorzitter de reclame-uiting in strijd met artikel 2 NRC. De voorzitter beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken. Ten aanzien van hetgeen onder 3) is vermeld wijst de voorzitter de klacht af. Het oordeel van de voorzitter:
Aanbeveling. Uiting: CranMed Forte is bedoeld voor de behandeling van urine infecties in de blaas (veroorzaakt door E.Coli) en preventie van terugkerende urine infecties (blaasontsteking).
Negatief advies. Website met video's. Strijd met 5.8.2 en 5.8.4 Gedragscode. De marketinginstrumenten die [X] wil inzetten bestaan uit een consumentenposter en een consumentenwebsite waarvan de concept inhoud bij de adviesaanvraag is gevoegd. De marketinginstrumenten die [X] wil inzetten bestaan uit een consumentenposter en een consumentenwebsite waarvan de concept inhoud bij de adviesaanvraag is gevoegd. In de website wordt de nadruk gelegd op complicaties van de aandoening en meer in het bijzonder ernstige complicaties door 5 webpagina's met videomateriaal aan het onderwerp te besteden. Het videomateriaal bevat getuigenissen achteraf over pijn en hinder in dagelijks functioneren van patiënten met de aandoening. Deze video's zijn niet nodig voor het geven van een compleet beeld en jagen of versterken angstgevoelens bij het publiek aan.
Voorzitterstoewijzing. Misleiding. Gezondheidsclaim. Het betreft een televisiecommercial voor Ymea Silhouet waarin onder meer wordt gezegd dat dit product helpt bij overgangsverschijnselen. Aan het einde van de commercial verschijnen diverse mededelingen in beeld. De klacht - Klager stelt dat de mededelingen die als “kleine lettertjes” in beeld verschijnen absoluut onleesbaar zijn op een televisie met een beelddiagonaal van 60 tot 70 centimeter. De voorzitter acht de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 13 aanhef en onder c NRC respectievelijk artikel 2 NRC.
Afwijzing Vernietigd (= Aanbeveling). Bijzondere Reclamecode. Art. 27 CPG. Misleiding. Voornaamste kenmerken product. Het betreft een uiting op www.aleve.nl. Daarin staat onder meer: “Nieuwe Aleve Select 275. Werkt langer dan paracetamol of ibuprofen” en “Aleve Select 275 mg, naproxennatrium: niet te gebruiken bij maag-, darm- en andere bloedingen, maagpijn, gelijktijdig gebruik van antistollingsmiddelen, ernstig hartfalen en wanneer u in de laatste 3 maanden van uw zwangerschap bent. Lees voor gebruik de bijsluiter (…)”. De klacht - Klager maakt bezwaar tegen de mededeling “Werkt langer dan paracetamol (..)”. De Commissie wijst de klacht af (19 juni 2014). Hiertegen is beroep ingesteld. Het College vernietigt de beslissing van de Commissie en acht de bestreden reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 27 aanhef tweede en derde streepje CPG. Het College beveelt Bayer aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.