RB
DOSSIERS
Alle dossiers

Alcohol  

RB 2887

CVB: “Scotch Whisky International” op voetbalshirt niet toegestaan

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 31 mei 2017, RB 2887; Dossiernr. 2017/00164 - CVB (Voetbalshirt Scotch Whisky International), https://www.reclameboek.nl/artikelen/cvb-scotch-whisky-international-op-voetbalshirt-niet-toegestaan

CVB 31 mei 2017 RB 2887; Dossiernr. 2017/00164 - CVB (Voetbalshirt Scotch Whisky International) College bevestigt aanbeveling in strijd met art. 30 lid 1 RvD 2014. Bijzondere reclamecode. Uiting: Uiting 1 (hierna: ‘shirt 1’) betreft een voetbalshirt voor zover daarop staat: “SCOTCH WHISKY INTERNATIONAL- ” Uiting 2 (hierna: ‘shirt 2’) betreft een voetbalshirt voor zover daarop staat: “? INTERNATIONAL investdontdrink.com” Klacht: Klager maakt bezwaar tegen de naamsvermelding van de sponsor (Scotch Whisky International) op de shirts van de (senioren)spelers van HFC. Volgens klager is een shirt met deze opdruk niet toegestaan op grond van artikel 30 lid 1 van de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (RvA) 2014.  

 

RB 2885

Gratis blikje Bavaria bij bestelde boodschappen niet gewenst

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 16 mei 2017, RB 2885; dossiernr. 2017/00268 (promotieactie Bavaria bier), https://www.reclameboek.nl/artikelen/gratis-blikje-bavaria-bij-bestelde-boodschappen-niet-gewenst

Vz. RCC 16 mei 2017, RB 2885; dossiernr. 2017/00268 (promotieactie Bavaria bier) Bijzondere reclamecode. Uiting: Het betreft een blikje Bavaria 3.3 bier dat klager gratis bij zijn bij Albert Heijn bestelde boodschappen ontving. Klacht: Klager stelt, samengevat, dat het meeleveren van een gratis blikje Bavaria bier bij een bestelling in strijd is met artikel 20 van de Reclamecode voor alcoholhoudende dranken (RVA) 2014. Men zou verwachten dat verweerder en Bavaria hiervan op de hoogte zijn.

RB 2833

Bieden op internet-kavel is niet doen van bestelling uit de Drank- en Horecawet

Rechtspraak (NL/EU) 14 mrt 2017, RB 2833; ECLI:NL:RBNNE:2017:88 (Vereniging Slijtersunie tegen burgemeester van Assen, inzake Catawiki), https://www.reclameboek.nl/artikelen/bieden-op-internet-kavel-is-niet-doen-van-bestelling-uit-de-drank-en-horecawet

Rechtbank Noord-Nederland 14 maart 2017, RB 2833; IT 2254; ECLI:NL:RBNNE:2017:881 (Vereniging Slijtersunie tegen burgemeester van Assen, inzake Catawiki) Eiseres stelt dat belanghebbende gelegenheid biedt tot het doen van bestellingen van sterke drank en reeds daarmee handelt in strijd met artikel 19 van de DHW. Exploiteren van een veilingwebsite waar aan verkopers de mogelijkheid wordt gegeven om – onder meer – sterke drank aan te bieden en te verkopen is niet in strijd met artikel 19, eerste lid, Drank-en Horecawet. Definitie begrip bestelling. Volgens Van Dale Groot Woordenboek wordt onder ‘bestelling’ verstaan ‘opdracht tot levering en bezorging’. Naar het oordeel van de rechtbank kan hetgeen Catawiki met haar veilingwebsite bewerkstelligt, gelet op de gegeven definitie, niet worden aangemerkt als het gelegenheid geven tot het doen van een bestelling. Catawiki biedt slechts een platform of technische faciliteit waar (individuele) aanbieders in kavels ter veiling kunnen aanbieden. Doen van een bod op een kavel leidt niet rechtstreeks tot koop en levering of bezorging en voldoet niet aan het begrip 'bestelling'.    

RB 2801

Ingrediëntenlijst Limonchellopudding ongeschikt om verkeerde indruk genoegzaam te corrigeren dat er geen Italiaanse drank in zit

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 13 dec 2016, RB 2801; (Limonchellopudding), https://www.reclameboek.nl/artikelen/ingredi-ntenlijst-limonchellopudding-ongeschikt-om-verkeerde-indruk-genoegzaam-te-corrigeren-dat-er

RCC 13 december 2016, IEF 16504, RB 2801; dossiernr. 2016/00879 (Limonchello pudding) Oorsprongsbenaming. Toegewezen zonder aanbeveling ex artikel 2 NRC. Voeding en drank. Klager maakt bezwaar tegen de benaming ‘Limoncello pudding’ omdat het product volgens hem geen druppel limoncello bevat. Dit laatste blijkt uit de ingrediëntendeclaratie. Limoncello is volgens Wikipedia een Italiaanse alcoholische drank met een alcoholpercentage tussen 25% - 30%. Gewoon citroensap mag niet worden verkocht als limoncello, dus deze pudding verdient die aanduiding ook niet. De voorzitter oordeelt dat in de gegeven omstandigheden de ingrediëntenlijst, ook al is deze juist en volledig, ongeschikt is om de verkeerde indruk van de consument over de kenmerken van de pudding genoegzaam te corrigeren.

RB 2775

Strijd met RvA door het aanbieden van alcoholhoudende drank met 50% korting

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 1 aug 2016, RB 2775; Dossiers: 2016/00520 (Wijnvoordeel), https://www.reclameboek.nl/artikelen/strijd-met-rva-door-het-aanbieden-van-alcoholhoudende-drank-met-50-korting

RCC 1 augustus 2016, RB 2775; Dossiernr: 2016/00520 (Wijnvoordeel) Aanbeveling. Reclame-uiting. De klacht: Er wordt wijn aangeboden met een korting van meer dan 50%. Klaagster vindt dit in strijd met de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (RvA). Aangezien de alcoholhoudende drank tegen minder dan de helft van de normale verkoopprijs wordt aangeboden en er geen sprake is van een slijterij o.i.d. is de uiting naar oordeel van de Commissie inderdaad in strijd met de RvA.

RB 2748

Overmatig drankgebruik gestimuleerd door reclame met doktersgrap

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 1 aug 2016, RB 2748; Dossiers: 2016/00519 (Wijnvoordeel - RvA), https://www.reclameboek.nl/artikelen/overmatig-drankgebruik-gestimuleerd-door-reclame-met-doktersgrap

RCC 1 augustus 2016, RB 2748; Dossiernr: 2016/00519 (Wijnvoordeel - RvA) Wijnvoordeel en Reclame Code voor Alcoholhoudende Dranken. Aanbeveling. RvA. Het betreft: Het betreft een post, gezien op 19 april 2016, op www.facebook.com/Wijnvoordeel”. Daarin staat onder:  “Omdenken, daar houden wij van!”, met daarachter de afbeelding van een glas wijn, handgeschreven: “Ik mocht van de dokter nog maar 2 glazen wijn per dag. Ik heb nu 4 dokters!”. Onderaan de uiting staat: “wijnvoordeel.nl” en -in een kader- “sodeknetter wat voordelig”. De klacht: In de uiting wordt gesuggereerd dat -zo stelt klaagster- “er 8 glazen wijn per dag geconsumeerd worden” Gelet daarop vindt klaagster de uiting in strijd met artikel 1 van de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (RvA).

 

RB 2734

Conclusie AG: Vernevelaar Bachbloesem zijn geen dranken volgens LevensmiddelenVo

EU 22 jun 2016, RB 2734; ECLI:EU:C:2016:474 (Nelsons - Bachbloesemproducten), https://www.reclameboek.nl/artikelen/conclusie-ag-vernevelaar-bachbloesem-zijn-geen-dranken-volgens-levensmiddelenvo

Conclusie AG HvJ EU 22 juni 2016, LS&R 1338; RB 2734; ECLI:EU:C:2016:474; C-177/15; (Nelsons - Bachbloesemproducten)
Levensmiddel of geneesmiddel. Conclusie AG: Vraag 1: Vloeistoffen met vergelijkbare kenmerken als de producten in het hoofdgeding bezitten, die een alcoholgehalte van 27 volumeprocent hebben, als gedistilleerde dranken worden aangeduid, via apotheken in druppelbuisjes met een inhoud van 10 of 20 ml en als vernevelaar worden verkocht en volgens de bijbehorende instructies zijn bedoeld om in zeer kleine hoeveelheden in druppelvorm of door middel van een vernevelaar te worden ingenomen, zijn geen ‚dranken’ als bedoeld in artikel 4, lid 3, van verordening (EG) nr. 1924/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 inzake voedings- en gezondheidsclaims voor levensmiddelen.

RB 2684

Code verantwoorde alcoholverkoop in de supermarkt nietig en onrechtmatig

Nederland 9 mrt 2016, RB 2684; ECLI:NL:RBDHA:2016:2480 (HEM tegen CBL), https://www.reclameboek.nl/artikelen/code-verantwoorde-alcoholverkoop-in-de-supermarkt-nietig-en-onrechtmatig

Rechtbank Den Haag 9 maart 2016, RB 2684; ECLI:NL:RBDHA:2016:2480 (HEM tegen CBL)
Mededingingsrecht. CBL-Campagne “Noggeen20” en CBL-Code “Verantwoorde Alcoholverkoop in de supermarkt” beslissingen van ondernemingsvereniging en overeenkomsten met mededingingsbeperkende strekking in de zin van artikel 6 Mw. Verwijzing naar de schadestaatprocedure. De rechtbank verklaart voor recht dat de campagne en de Code nietig zijn; en dat Jumbo onrechtmatig heeft gehandeld jegens HEM vanaf 12 juni 2008 tot en met heden doordat zij in strijd met artikel 6 lid 1 van de Mededingingswet heeft gehandeld.

RB 2680

Televisiecommercial Amstel Bier "Zeg het met een vaasje" niet in strijd met goede smaak of fatsoen

RCC 17 februari 2016, RB 2680; Dossiernr. 2016/00061 (Amstel Bier)
Audiovisuele media. Uiting: Het betreft de televisiecommercial ‘Zeg het met een vaasje’ voor Amstel Bier. In de commercial vertellen vier verschillende mannen respectievelijk in de kleedkamer van een voetbalclub, liggend in een tent, tijdens het kaarten in een café en staand op het erf van een boerderij aan de andere aanwezige mannen hoe bijzonder deze andere mannen voor de betreffende spreker zijn en hoezeer die hen waardeert en van hen houdt. De andere mannen voelen zich duidelijk ongemakkelijk bij deze woorden. Een van de toehoorders bij de boerderij rent weg na het horen van de woorden “Dat voel ik gewoon voor jullie”. Vervolgens zegt de voice-over: “Vrienden hoeven hun gevoelens toch helemaal niet uit te spreken?” En, terwijl mannen in een café proosten met een biertje: “Zeg het met een vaasje. Amstel bier. Maak het onvergetelijk”.

Klacht: Er wordt geschetst dat het tonen van gevoel door tegen vrienden te zeggen dat je van ze houdt eng en niet nodig is, en dat je beter samen een vaasje kunt drinken. Een agrariër reageert zelfs door weg te rennen. “Homofoob?”, vraagt klaagster zich af. In West-Friesland, waar klaagster woont, wil men de mannen/jongens leren wel te praten in plaats van alles weg te drinken. Er is veel leed onder jongens die worstelen met wat zij voelen en dat niet kunnen delen, met zelfs suïcide als ‘oplossing’. Klaagster denkt “dat artikel 5 en artikel 6 lid 1 hier van toepassing” zijn.

Commissie:
1. Klaagster meent dat de televisiecommercial voor Amstel bier in strijd met de artikelen 5 en 6 lid 1 RVA 2014 is, zo begrijpt de Commissie, omdat volgens haar de commercial als boodschap heeft dat het uitspreken van gevoelens door mannen jegens elkaar eng en niet nodig is en beter kan worden vervangen door het met elkaar drinken van een biertje.

2. Artikel 5 RVA 2014 luidt: “Reclame voor alcoholhoudende drank mag niet in strijd zijn met de goede smaak, het fatsoen, of afbreuk doen aan de menselijke waardigheid en integriteit.”

Artikel 6 lid 1 RVA 2014 luidt: “Reclame voor alcoholhoudende drank mag niet wijzen op de ontremmende werking van alcoholhoudende drank, zoals het verminderen of verdwijnen van angstgevoelens en innerlijke of sociale conflicten.”

3. Naar het oordeel van de Commissie is voor de gemiddelde consument voldoende duidelijk dat de commercial op een overdreven en humoristisch bedoelde wijze weergeeft dat mannen hun vriendschap niet per se tegenover elkaar hoeven uit te spreken, maar ook zonder woorden kunnen laten blijken door met elkaar een biertje te gaan drinken. Hierin ligt geen oproep besloten aan mannen om in het geheel niet over hun gevoelens te spreken of deze weg te drinken. Ook zal de gemiddelde consument het wegrennen van een van de toehoorders niet opvatten als een uiting van homofobie, zoals klaagster kennelijk veronderstelt. Naar het oordeel van de Commissie is in de commercial evenmin sprake van het wijzen op de ontremmende werking van alcoholhoudende drank.

4. Gelet op het voorgaande acht de Commissie de commercial niet in strijd met artikel 5 en/of artikel 6 lid 1 RVA 2014. Daarom wordt als volgt beslist.

De beslissing
De Commissie wijst de klacht af.

RB 2642

HvJ EU: gemiddelde Europese consument uitgangspunt bij bescherming geografische aanduiding Calvados

HvJ EU 21 januari 2016, C-75/16, RB 2642; ECLI:EU:C:2016:35 (Verlados tegen Calvados)
Verordening Bescherming geografische aanduidingen van gedistilleerde dranken. Bescherming geografische aanduiding 'Calvados'. Een in Finland geproduceerde drank wordt verhandeld onder de benaming ‘Verlados’. Deze naam is afgeleid van het dorp en het landgoed Verla, waar de drank wordt vervaardigd. De controle-instantie heeft verboden de drank genaamde ‘Verlados’ te verhandelen wegens overeenkomsten met ‘Calvados’. Viiniverla doet een beroep tot nietigverklaring van dit besluit. De Finse rechter stelt prejudiciële vragen over de normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde consument, de overeenstemming tussen ‘Verlados' en ‘Calvados’ en het begrip ‘voorstelling’ in de zin van art. 16 onder b van de Verordening. Het Hof oordeelt dat ook inzake geografische aanduidingen de maatstaf van de gemiddelde consument geldt en dat, ook indien er geen risico tot verwarring bestaat, het gebruik van een benaming als ‘voorstelling’ in de zin van artikel 16 onder b niet kan worden toegestaan.

25      Uit inmiddels vaste rechtspraak inzake consumentenbescherming blijkt dat op dit gebied in de regel moet worden uitgegaan van de vermoedelijke verwachtingen van een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde consument (zie met name arresten Mars, C‑470/93, EU:C:1995:224, punt 24; Gut Springenheide en Tusky, C‑210/96, EU:C:1998:369, punt 31; Estée Lauder, C‑220/98, EU:C:2000:8, punt 30; Lidl Belgium, C‑356/04, EU:C:2006:585, punt 78; Severi, C‑446/07, EU:C:2009:530, punt 61; Lidl, C‑159/09, EU:C:2010:696, punt 47, alsmede Teekanne, C‑195/14, EU:C:2015:361, punt 36).

26      De beoordeling of een voor de aanduiding van een product gebruikte term zodanig is dat deze een beschermde benaming kan voorstellen in de zin van artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008, dient eveneens aan de hand van dit op het evenredigheidsbeginsel gebaseerde criterium plaats te vinden (zie in deze zin arrest Estée Lauder, C‑220/98, EU:C:2000:8, punt 28).

27      Wat betreft de twijfel van de verwijzende rechter of bij de toetsing aan het begrip „voorstelling” in de zin van artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 van belang is dat de benaming „Verlados” verwijst naar de plaats waar het in het hoofdgeding aan de orde zijnde product wordt vervaardigd – waarmee de Finse consument bekend is –, dient eraan te worden herinnerd dat artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 de in bijlage III bij die verordening geregistreerde geografische aanduidingen beschermt tegen elke „voorstelling” op het gehele grondgebied van de Unie. Gelet op de noodzaak om op dit grondgebied een daadwerkelijke en eenvormige bescherming van die geografische aanduidingen te waarborgen, dient met de Italiaanse regering en de Commissie te worden geoordeeld dat het begrip „consument”, waarop de in punt 21 van dit arrest genoemde rechtspraak betrekking heeft, ziet op de Europese consument, en niet enkel op de consument van de lidstaat waarin het product wordt vervaardigd dat de beschermde geografische aanduiding voor de geest roept.

28      Gelet op een en ander dient op de eerste vraag te worden geantwoord dat artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 aldus moet worden uitgelegd dat de nationale rechter voor de vaststelling of sprake is van een „voorstelling” in de zin van die bepaling, dient uit te gaan van de waarneming van een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde consument, waarbij dit laatste begrip moet worden opgevat als betrekking hebbend op Europese consumenten en niet slechts op consumenten van de lidstaat waarin het product wordt vervaardigd dat de beschermde geografische aanduiding voor de geest roept.


48      Gelet op een en ander dient op de tweede vraag te worden geantwoord dat artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 aldus moet worden uitgelegd dat de verwijzende rechter voor de beoordeling of de benaming „Verlados” in geval van vergelijkbare producten een „voorstelling” in de zin van die bepaling oproept van de beschermde geografische aanduiding „Calvados”, rekening dient te houden met de fonetische en visuele gelijkenis tussen die benamingen, alsmede met eventuele gegevens die erop wijzen dat die gelijkenis niet berust op toeval, om op die manier na te gaan of de normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde Europese consument, bij het zien van de naam van een product, als referentiebeeld het product waarvoor de beschermde geografische aanduiding geldt voor de geest zal komen.

52      Gelet op een en ander dient op de derde vraag te worden geantwoord dat artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 aldus moet worden uitgelegd dat het gebruik van een benaming dat in de zin van die bepaling als „voorstelling” van een in bijlage III bij die verordening opgenomen geografische aanduiding is aangemerkt, ook dan niet kan worden toegestaan wanneer er geen risico van verwarring bestaat.

Het Hof (Tweede kamer) verklaart voor recht:

1)      Artikel 16, onder b), van verordening (EG) nr. 110/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2008 betreffende de definitie, de aanduiding, de presentatie, de etikettering en de bescherming van geografische aanduidingen van gedistilleerde dranken en tot intrekking van verordening (EG) nr. 1576/89 van de Raad, moet aldus worden uitgelegd dat de nationale rechter voor de vaststelling of sprake is van een „voorstelling” in de zin van die bepaling, dient uit te gaan van de waarneming van een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde consument, waarbij dit laatste begrip moet worden opgevat als betrekking hebbend op Europese consumenten en niet slechts op consumenten van de lidstaat waarin het product wordt vervaardigd dat de beschermde geografische aanduiding voor de geest roept.

2)      Artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 moet aldus worden uitgelegd dat de verwijzende rechter voor de beoordeling of de benaming „Verlados” in geval van vergelijkbare producten een „voorstelling” in de zin van die bepaling oproept van de beschermde geografische aanduiding „Calvados”, rekening dient te houden met de fonetische en visuele gelijkenis tussen die benamingen, alsmede met eventuele gegevens die erop wijzen dat die gelijkenis niet berust op toeval, om op die manier na te gaan of de normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde Europese consument, bij het zien van de naam van een product, als referentiebeeld het product waarvoor de beschermde geografische aanduiding geldt, voor de geest zal komen.

3)      Artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 moet aldus worden uitgelegd dat het gebruik van een benaming dat in de zin van die bepaling als „voorstelling” van een in bijlage III bij die verordening opgenomen geografische aanduiding is aangemerkt, ook dan niet kan worden toegestaan wanneer er geen risico van verwarring bestaat.

Gestelde vragen:

„1.      Dient bij de beoordeling of er sprake is van voorstelling in de zin van artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 te worden uitgegaan van een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde consument?

2.      Welke betekenis dient in het kader van de beoordeling van een ter bescherming van de geografische benaming ‚Calvados’ gegeven verbod op het gebruik van de benaming ‚Verlados’ voor een op nationaal niveau onder die benaming in de handel gebrachte, uit appels gedistilleerde drank, te worden gehecht aan de volgende omstandigheden bij de uitlegging van het begrip ‚voorstelling’ in de zin van artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008 en de toepassing van deze verordening:

a)      het eerste deel van de benaming ‚Verlados’, Verla, een Fins dorp is en als zodanig door de Finse consument kan worden herkend;
b)      het eerste deel van de benaming ‚Verlados’, Verla, verwijst naar de fabrikant van het product ‚Verlados’, Viiniverla;
c)      ‚Verlados’ een in het dorp Verla gefabriceerd plaatselijk product is waarvan per jaar gemiddeld een paar honderd liter wordt verkocht in het eigen restaurant en dat voorts in beperkte omvang op bestelling kan worden geleverd in de staatswinkel in de zin van de wet inzake alcoholhoudende dranken;
d)      de woorden ‚Verlados’ en ‚Calvados’ slechts één gezamenlijke lettergreep (‚dos’) hebben van de drie lettergrepen, maar anderzijds vier letters (‚ados’), oftewel de helft van alle letters van beide woorden, hetzelfde zijn?

3.      Indien er wordt geacht sprake te zijn van ‚voorstelling’ in de zin van artikel 16, onder b), van verordening nr. 110/2008, kan het gebruik van de benaming Verlados dan toch worden gerechtvaardigd door een van de bovengenoemde omstandigheden of een andere omstandigheid, zoals de omstandigheid dat bij de Finse consument in ieder geval niet de opvatting kan ontstaan dat het product ‚Verlados’ gefabriceerd zou zijn in Frankrijk?”