Juweliersactie: elke tweede artikel 1 euro
Vz RCC 28 april 2011, Dossiernr. 2011/00094 (1 euro actie bij juwelier)
Reclamerecht. Advertentie in krant van juwelier over spectaculaire verbouwingsopruiming: elk tweede artikel 1 euro. Klager stelt dat deze actie alleen gold voor artikelen in etalage. Volgens verweerder is het logisch dat dit niet voor alle artikelen gold en waren artikelen die onder actie vielen voorzien van gele sticker.
Voorzitter oordeelt dat de Commissie klacht zal toewijzen. In uiting werd gesproken over "spectaculaire opruiming" en stond er geen beperking op "2e artikel 1 euro." Sprake van omissie (art. 8.3 aanhef en onder c NRC) en daarom in strijd met art. 7 NRC. Doet aanbeveling.
De voorzitter is van oordeel dat de Commissie de klacht zal toewijzen. Hij overweegt daartoe het volgende. In de advertentie staat zonder uitzondering “2e artikel 1 euro!”. Op grond hiervan zal de gemiddelde consument aannemen dat de actie voor alle artikelen van de collectie geldt. Dat sprake is van een juwelierswinkel doet daaraan niet af. In de advertentie staat uitdrukkelijk dat sprake is van een “spectaculaire verbouwingsoperatie”. Indien dergelijke woorden worden gebruikt ter omschrijving van een bijzondere actie, kan niet van het gebruikelijke verwachtingspatroon van de gemiddelde consument worden uitgegaan.
Niet weersproken is dat de actie een belangrijke beperkende voorwaarde heeft, te weten dat deze uitsluitend geldt voor bepaalde artikelen. Nu deze beperking niet uit de reclame-uiting blijkt, is sprake van een omissie als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c van de Nederlandse Reclame Code (NRC).
Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC art.7, art. 8.3 aanhef en onder c
Reclamerecht. Aanbieding in folder: Dreft vaatwastabletten "2 halen, 1 betalen" en "van 17,95 voor 8,95." Klaagster meende voor 2 pakken 8,95 euro te moeten betalen, maar moest 17,95 euro neerleggen. Verweerder stelt dat per ongeluk twee actievormen door elkaar zijn gebruikt, waardoor uiting onduidelijk was. Heeft actie ondernomen om dit in de toekomst te voorkomen.
Reclamerecht. Advertentie van D-reizen over prijsafspraken. Klager meent dat de uiting in strijd is met goede smaak en fatsoen. Verweerder stelt dat het geen andere reisbureaus zwart wil maken en de advertentie een knipoog naar de NMa was en dat deze inviel bij D-Reizen (
Reclamerecht. Slogan Becel "Al 50 jaar goed voor hart en bloedvaten". Klager stelt dat slogan misleidend is nu voor 1995 de margarines van Becel transvetten bevatten, welke slecht zijn hart en bloedvaten en er sprake is van disbalans in omega 3 en omega 6 vetzuren. Verweerder stelt dat de margarine alleen van 1963-1965 transvetten bevatte, maar niet in hoge percentages. Becel heeft haar product steeds verbeterd bij nieuwe inzichten. Stelt dat Becel producten al 50 jaar het gezonde alternatief zijn. Geen wetenschappelijke onderbouwing voor disbalans.
Reclamerecht. Folder Pizzalijn in brievenbus met Nee/Nee-sticker gedeponeerd. Voorzitter maakt gebruik van bevoegdheid art. 12 lid 1 aanhef en onder a
Reclamerecht. Folder in brievenbus met Nee/Nee-sticker gedeponeerd. Verweerder is ervan overtuigd dat zijn medewerkers dit niet hebben gedaan. Voorzitter maakt gebruik van bevoegdheid art. 12 lid 1 aanhef en onder a
Reclamerecht. Folder [een acupunturist] is in brievenbus met Nee/ Ja-sticker gedeponeerd. Voorzitter maakt gebruik van bevoegdheid in art. 12 lid 1 aanhef en onder a
Reclamerecht. Bonusfolder AH met actie tweede product gratis van Syoss. Klager stelt dat uiting indruk wekt dat alle Syoss producten onder de actie vallen, echter de hairspray was uitgesloten. Verweerder erkent de klacht en wil product aan klager vergoeden. Voorzitter oordeelt dat Commissie klacht zal toewijzen. Overweegt dat er sprake is van onjuiste informatie (art. 8.2 aanhef en onder d
Reclamerecht. Actie van restaurant Manna op website. Klager acht uiting in strijd met art. 20 RVA. Verweerder stelt dat er sprake is van een ludieke actie en dat er geen reclame wordt gemaakt voor alcolhoudende dranken.
Reclamerecht. Radiocommercial over rookmelders. Klager vindt dat gesuggereerd wordt dat er doden vallen bij brand zonder rookmelder. Aangezien er kans is op overleving, ook zonder rookmelder, vindt klager uiting misleidend. Verweerder stelt dat percentage overlevenden bij brand zonder melder zeer klein is. Uiting is stelling om Nederlander hier bewust van te maken. Commissie oordeelde dat er sprake was van onjuiste informatie (art. 8.2 aanhef