RB

Algemene regels  

RB 2050

Voorkomen reputatieschade kennelijk ondergeschikt aan innen van hoge dwangsommen

Vzr. Rechtbank Amsterdam 3 februari 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:568 (Belfabriek tegen MTTM en ZakelijkeNummers)

Misleidende mededelingen. Executie dwangsommen. Doel en strekking dwangsommen. Bij vonnis in kort geding [RB 2020] (hierna: het vonnis) is Belfabriek verboden onjuiste/en of misleidende mededelingen te doen over MTTM c.s. en hun bedrijfsactiviteiten. Daartoe is haar geboden de webpagina's www.belfabriek.nl/mttm-problemen en www.belfabriek.nl/klachten-mttm offline te houden. De voorliggende vraag is of het plaatsen van afbeeldingen die gedurende een korte periode zichtbaar zijn geweest op Flickr, onder het doel en strekking vallen van hetgeen waartoe Belfabriek is veroordeeld. Belfabriek vordert succesvol MTTM te verbieden verdere executiemaatregelen te treffen op basis van het vonnis en de executoriale beslagen op te heffen.

Niet kan worden uitgegaan van schade aan de zijde van MTTM, terwijl het voorkomen van schade het doel was van het bij vonnis gegeven verbod. Zij heeft niet, zoals te verwachten was geweest indien het haar te doen zou zijn geweest schade te beperken, direct na de ontdekking van het Flickr-account een verzoek tot verwijderen gedaan. Zij heeft wel opdracht verstrekt tot het opmaken van 25 processen-verbaal. De voorzieningenrechter kan uit het voorgaande niet anders concluderen dan dat het voorkomen van reputatieschade voor MTTM kennelijk ondergeschikt was aan het innen van een zo hoog mogelijk bedrag aan dwangsommen. Een dwangsom is echter bedoeld als een prikkel tot nakoming, geen doel op zich.

5.4. [..] de partner van [bestuurder Belfabriek], heeft de account geopend met als doel het delen van kinderfoto’s. Zij heeft als experiment op 17 juli 2011 een aantal ‘zakelijke’ foto’s geüpload (de Afbeeldingen), om [bestuurder Belfabriek] te laten zien hoe hij de Flickr-website voor zijn bedrijf zou kunnen gebruiken. De reden dat er afbeeldingen over MTTM (dan wel ZakelijkeTelefonie.nl) te zien waren is dat dat nieuws speelde begin 2011. [partner] heeft de account zo ingesteld dat haar foto’s, en dus ook de Afbeeldingen, alleen te zien waren voor haar ‘vrienden’, de mensen die zij daarvoor heeft uitgenodigd, en dat deze niet voor iedereen toegankelijk waren. [partner] en [bestuurder Belfabriek] zijn de aanwezigheid van de Afbeeldingen in de Flickr-account vervolgens vergeten. In december 2013 heeft [partner] opnieuw foto’s geüpload van het Sinterklaasfeest, en waarschijnlijk is er daarbij technisch iets mis gegaan. Hoewel Belfabriek heeft gesteld dat niet is gebleken dat de pagina’s voor iedereen zichtbaar waren heeft in ieder geval de deurwaarder op de onder 2.5 vermelde data de Afbeeldingen waargenomen op internet. Dit was niet de intentie van [partner], noch van [bestuurder Belfabriek] of Belfabriek, en [partner] heeft haar gehele account direct verwijderd na de brief van 2 januari 2014 van MTTM. Belfabriek heeft bovendien Google aangeschreven met het verzoek de hit in de zoekmachine bij de zoekterm ‘mttm belfabriek’ te verwijderen. Dat dat nog niet overal is gebeurd heeft te maken met het grote aantal servers waarvan Google wereldwijd gebruik maakt, aldus steeds Belfabriek.

5.5. [..] Gelet op het voorgaande kan voorshands dan ook niet worden uitgegaan van schade aan de zijde van MTTM c.s., terwijl het voorkomen van schade het doel was van het in het Vonnis gegeven gebod en verbod. Bij dit oordeel speelt mede een rol dat MTTM c.s. niet, zoals te verwachten was geweest indien het haar te doen zou zijn geweest om schade te beperken, direct na de ontdekking van de Flickr-account Belfabriek heeft verzocht om de Afbeeldingen van het internet te (doen) verwijderen. Zij heeft daarmee gewacht tot 2 januari 2014, ondertussen wel opdracht verstrekkend aan een deurwaarder tot het opmaken van 25 processen-verbaal. De voorzieningenrechter kan uit het voorgaande niet anders dan concluderen dat het voorkomen van reputatieschade voor MTTM c.s. kennelijk ondergeschikt was aan het innen van een zo hoog mogelijk bedrag aan dwangsommen. Een dwangsom is echter bedoeld als een prikkel tot nakoming, en geen doel op zich.

5.6. De voorzieningenrechter is dan ook van oordeel dat het plaatsen dan wel niet verwijderen van de Afbeeldingen die gedurende een korte periode zichtbaar zijn geweest op het medium Flickr niet vallen onder het doel en de strekking van hetgeen waartoe Belfabriek is veroordeeld. De in het Vonnis bedoelde uitingen zijn immers gericht tot klanten van MTTM c.s. dan wel andere servicenummergebruikers, met als doel paniek te zaaien onder die klanten en te trachten hen over te laten stappen naar Belfabriek. De Afbeeldingen zijn – voor zover ze al voor het publiek zichtbaar zijn geweest – niet gericht aan een bepaalde groep mensen, noch wordt daarin getracht klanten over te laten stappen naar Belfabriek. Er wordt op de website van Belfabriek geen verwijzing gemaakt naar de Flickr-account, noch heeft Belfabriek op een andere manier actief de aandacht gevestigd op de Afbeeldingen.

Lees hier de uitspraak:
ECLI:NL:RBAMS:2014:568 (link)

RB 2049

Misleidende prijs zonder vermelding "vanaf" externe harde schijf

RCC 27 januari 2014, dossiernummer 2013/00810 (nieuwsbrief externe harde schijf)

Misleidende prijsvermelding. Aanbeveling. Het betreft een door adverteerder op 3 oktober 2013 per e-mail aan klager gezonden nieuwsbrief. Daarin staat onder de aanhef “Externe harde schijf met 320 GB, 500 GB, 1 of 2 TB gratis bezorging” onder meer: “prijs 44,90 €”. Ten onrechte is bij de in de uiting genoemde prijs niet vermeld: “vanaf”. Klager legt twee afdrukken van de nieuwsbrief over, ten eerste een afdruk van het gedeelte waarin de prijs “44,90 €” is vermeld, ten tweede een afdruk van het gedeelte waarin staat: “Externe harde schijf met 320 GB, 500 GB, 1 of 2 TB met beschermhoes (vanaf € 44,90)”. Volgens een eerdere uitspraak [RB 1900]  dient de eerst gegeven informatie juist te zijn.

Naar adverteerder niet heeft weersproken en zoals blijkt uit de tweede bij de klacht overgelegde afdruk van de uiting betreft de eerst vermelde prijs van € 44,90 in werkelijkheid een vanaf-prijs. Nu dit niet aanstonds uit de nieuwsbrief valt op te maken, wordt in de uiting onjuiste informatie gegeven ten aanzien van de prijs als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder d van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

De Commissie heeft nota genomen van adverteerders mededeling dat inmiddels, na het verzenden van de thans bestreden nieuwsbrief, een wijziging in de nieuwsbrief is aangebracht, teneinde de voorzittersaanbeveling van 13 augustus 2013 in dossier 2013/00481 op te volgen. Dit doet echter niet af aan bovenstaand oordeel. Op grond van het voorgaande acht de Commissie de reclame-uiting in strijd met artikel 7 NRC. Zij beveelt adverteerder aan, voor zover nog nodig, om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

RB 2048

Prijs Originalbox blijkt wekelijks abonnementsbedrag

RCC 27 januari 2014, dossiernummer 2013/00984 (www.hellofresh.nl)
Misleidend en oneerlijk. Aanbeveling. Het betreft adverteerders website www.hellofresh.nl, in het bijzonder de subpagina www.hellofresh.nl/onze-tassen/. Op de bewuste subpagina wordt de Originalbox aangeprezen voor een bedrag “vanaf € 34”. Niet duidelijk is dat dit bij een abonnement behorende bedrag is dat men per week verschuldigd is. Er dient een duidelijk onderscheid te worden gemaakt tussen eenmalig verschuldigde betalingen en abonnementsprijzen. Afgezien daarvan acht de Commissie het gebruik van de aanduiding “Flexibel lidmaatschap” verwarrend waar het in werkelijkheid gaat om een abonnement dat men desgewenst kan aanpassen en onderbreken.

Adverteerder beroept zich op de op de homepage in de header staande mededeling “Flexibel lidmaatschap” en wijst erop dat men in het menu onder “Hoe werkt HelloFresh?” informatie kan vinden over het “lidmaatschap”, maar de mogelijkheid om daarover op dat moment informatie te krijgen door bijvoorbeeld te klikken op het daarvóór staande zogenaamd aanvink-symbool, bestaat niet. Ook bij de prijs van deze box staat niet dat dit het bedrag is dat deze box “per week” kost. Dat op de hompage in een header de mededeling “Flexibel lidmaatschap” staat en/of dat in het menu onder “Hoe werkt HelloFresh?” informatie kan worden gevonden over “het lidmaatschap”, maakt het vorenstaande niet anders.

Blijkens het vorenstaande is sprake van een verborgen houden van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

RB 2047

Opmaak prijsvermelding bonusfolder AH misleidend

RCC 6 februari 2014, dossiernummer 2014/00005 (Albert Heijn)
Misleidend. Het betreft een uiting in de Bonusfolder. Daarin staat bij de afbeelding van een handmixer, een staafmixer en een contactgrill: "25% Tristar blackline korting. Handmixer, staafmixer 19,99 of contactgrill 14,99. Onder de vermelding van voornoemde producten en links naast de prijs van “14,99” staat in kleinere letters onder meer: “Bijv. handmixer”. Links onderaan de uiting staat in even kleine letters: “Staafmixer per stuk 25,99 19,49 Contactgrill per stuk 47.99 35,99”." De handmixer, staafmixer en contactgrill lijken te worden aangeboden voor € 14,99, maar bij de kassa bleek de contactgrill 35,99 te kosten. Weliswaar is de prijs van de contactgrill onderin de uiting in kleine lettertjes vermeld, maar klaagster vindt de uiting misleidend. Zij vraagt zich af waarom de groot afgedrukte prijs zo dicht bij de grill en de staafmixer staat, terwijl deze juist een andere prijs hebben.

In de bestreden uiting is in een kader dat de afbeelding van de contactgrill overlapt in grote cijfers een prijs van € 14,99 vermeld. Naast dit kader staat:

“Tristar blackline
Handmixer, staafmixer” en in kleinere letters: “Bijv. handmixer (..)”.

In dezelfde kleinere zijn links onderaan de uiting de (hogere) prijzen van de staafmixer en contactgrill vermeld. Door deze opmaak van de uiting kan gemakkelijk de onjuiste indruk ontstaan dat de contactgrill, en wellicht ook de staafmixer, verkrijgbaar zijn voor € 14,99 per stuk. Gelet hierop acht de Commissie de uiting voor de gemiddelde consument onduidelijk ten aanzien van de prijs als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder d van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

RB 2040

Ander tarief voor niet-klanten Ziggo

RCC 27 januari 2014, dossiernummer 2013/00947 (Ziggo Mobiel)
Reclame-uiting misleidend, ontbrekende informatie. Aanbeveling. Het betreft een banner onder de aanhef "Ziggo Mobiel": “300 1000 voor min/sms MB data WifiSpots € 15* p/m *Kijk voor de voorwaarden op ziggo.nl”. De klacht houdt in dat het aangeboden abonnement alleen kan worden afgesloten indien men reeds vast internet van Ziggo heeft. In de uiting wordt door middel van een asterisk verwezen naar de ‘voorwaarden’. Indien bij de asterisk was vermeld: “Alleen voor Ziggo abonnees” (met vast internet) was er niets aan de hand geweest.

Indien men een zodanig abonnement nog niet heeft, geldt een ander tarief. Dit gegeven betreft naar het oordeel van de Commissie essentiële informatie die de gemiddelde nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen. Nu deze informatie pas valt op te maken uit “de voorwaarden”, en niet reeds uit de uiting zelf, wordt te laat essentiële informatie verstrekt als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC. Op grond van het voorgaande acht de Commissie de reclame-uiting in strijd met artikel 7 NRC. Zij beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

RB 2037

Afbeelding tablet wijkt af van werkelijk aangeboden tablet

RCC 21 januari 2014, dossiernummer 2013/00948, (www.typhone.nl)
Aanbeveling. Het betreft een banner op https://www.typhone.nl. Daarin staat onder de aanhef “SUPERKNALLER!” onder meer: “Samsung Galaxy Tab3 8.0 + Samsung Galaxy Young voor slechts € 49,-” en “· 1-jarig Vodafone Bel + SMS + web 100 A · 200 MB + 100 min + Onbeperkt SMS · Slechts € 23,- p/mnd”. In de uiting zijn een tablet en een mobiele telefoon afgebeeld.

Adverteerder erkent dat in de bestreden uiting een afbeelding is opgenomen van een tablet, die afwijkt van de in werkelijkheid aangeboden tablet. Gelet hierop gaat de reclame gepaard met onjuiste informatie als bedoeld in artikel 8.2 aanhef van de NRC. De reclame-uiting is misleidend en daardoor oneerlijk als bedoeld in artikel 7 NRC. De voorzitter acht de uiting tevens in strijd met de "algemene aanbeveling onder i. afbeelding van het aangeboden product". Het verweer dat in de algemene voorwaarden een voorbehoud is opgenomen met betrekking tot fouten leidt niet tot een ander oordeel.

RB 2036

Geen gevaar kopieergedrag jongeren door uiting BNN-presentratice waarin handrem in rijdende trein en auto wordt getrokken

RCC 6 januari 2014, dossiernr. 2013/00875 / A (BNN Talent Day)
Afwijzing klachten. Uiting om je aan te melden voor "BNN Talent Day". In de uiting trekt Nicolette Kluijver in een rijdende trein aan de handrem. Ook is Nicolette Kluijver zichtbaar als 9-jarige meisje in de auto naast haar vader, rijdend door het bos. Ook in de auto trekt Nicolette Kluijver aan de handrem, waarna de auto slipt. Klager acht gedraging dat jongeren in een trein aan handrem zouden trekken onverantwoord als die getoond werden in een uiting waarin orgaandonoren werden geworven en die door de Commissie met de NRC in strijd werd geoordeeld.

Commissie stelt eerst vast dat het een reclame-uiting in de zin van artikel 1 NRC betreft, evenals in haar uitspraak van van 31 mei 2002 (dossier 02.0262) betreffende een klacht tegen een vooraankondiging van het BNN-programma “De Nationale Humor Test”. Dit omdat de oproep tot deelname wervend van aard is. Weliswaar is het verboden en strafbaar om in de trein onnodig aan de noodrem te trekken en kan dit, evenals het trekken aan de handrem in een rijdende auto, een gevaarlijke situatie opleveren, maar dit betekent niet dat het tonen van voornoemde gedragingen in de onderhavige reclame-uiting in strijd is met de NRC.Voorwaarde om als BNN-presentator te worden aangenomen, is dat men net zoveel “lef” heeft als de presentatoren van “Try before you die” en wie in een presentator-schap van BNN geïnteresseerd is, wordt uitgenodigd zich aan te melden voor BNN Talent Day, teneinde te laten zien dat men over zodanig lef beschikt. Nu deze handelingen voor de gemiddelde kijker duidelijk aansluiten bij het karakter van BNN en de gewenste kwaliteiten van een BNN-presentator, is de Commissie van oordeel dat er geen reden is om voor navolging te vrezen en acht zij de grens van wat in het licht van de NRC toelaatbaar moet worden geacht, niet overschreden.De Commissie wijst beide klachten af.

RB 2029

Toepassing Reclamecode Social Media en sponsored tweets

Inmiddels is de Reclamecode Social Media in werking getreden. Voordat de code gold, was het ook al mogelijk te klagen over reclame via social media. Na 1 januari 2014 worden dergelijke klachten op basis van de nieuwe code beoordeeld. De nieuwe code bevat onder meer gedetailleerde voorschriften over de wijze waarop kenbaar moet worden gemaakt dat degene die een bericht via social media verspreidt, dit doet tegen betaling of enig voordeel, voor zover dit de geloofwaardigheid van de reclame kan beïnvloeden. Voorheen werden dergelijke klachten getoetst aan de algemene bepalingen van de Nederlandse Reclame Code zoals blijkt uit een beslissing over tweets van tv-persoonlijkheden over de diensten van taxidienst Uber.

Deze tweets waren positief van toon voor Uber. Verweerder heeft erkend dat zij aan sommige bekende personen "free credits" biedt, bij wijze van introductie van de diensten van Uber, zonder dat zij deze personen verplicht om te twitteren over Uber. De Commissie acht het echter voor de hand liggend dat het aanbieden van free credits door verweerder ertoe strekt dat de bewuste bekende personen op positieve wijze ruchtbaarheid zullen geven aan (de diensten van) Uber. Om die reden is er naar het oordeel van de Commissie sprake van reclame die niet duidelijk als zodanig herkenbaar is, als bedoeld in artikel 11.1 NRC.

Indien de nieuwe code zou zijn toegepast, had gebruik kunnen worden gemaakt van een van de volgende vermeldingen:
● #spon (gesponsord)
● #paid (betaald)
● #sample (sample)
● #adv (advertentie)
● #prom (promoted)

Lees hier de volledige uitspraak van de Reclame Code Commissie.

RB 2035

Leuproreline Sandoz geen generiek noch therapeutisch uitwisselbaar geneesmiddel

Rechtbank Zwolle-Lelystad 29 augustus 2012, ECLI:NL:RBZLY:2012:1648, (Abbot B.V. tegen Sandoz B.V.)
Vordering op grond van misleiding in de zin van de artikelen 6:194 en 6:194a BW, zoals verder uitgewerkt in de artikelen 4.3, 5.3, en 5.8 van de Gedragscode, omdat Leuproreline Sandoz geen generiek geneesmiddel is en het noodzakelijke bewijs van de gestelde therapeutische uitwisselbaarheid tussen Leuproreline Sandoz en Lucrin ontbreekt.

Abbott en Sandoz brengen beiden Leuproreline bevattende geneesmiddelen op de markt. Abbott vordert een verklaring voor recht dat de reclame-uitingen van Sandoz inhoudende dat de geneesmiddelen Leuproreline Sandoz generieke geneesmiddelen zijn van één of meer van de leuproreline bevattende geneesmiddelen waarvoor Abbott handelsvergunningen heeft, en/of therapeutisch uitwisselbaar zijn misleidend zijn in de zin van de artikelen 6:194 en 6:194a BW (en artikelen 4.3, 5.3, en 5.8 van de Gedragscode). Sandoz wordt verboden enige andere mededeling te doen daaromtrent.

Misleidende reclame:
4.2.1 De te beantwoorden rechtsvraag is of Sandoz jegens Abbott onrechtmatig heeft gehandeld door in haar reclame-uitingen aan apothekers en urologen te stellen dat Leuproreline Sandoz generiek is aan en therapeutisch uitwisselbaar met Lucrin. De rechtbank is van oordeel dat die reclame-uitingen van Sandoz misleidend en daarmee onrechtmatig zijn en beantwoordt die vraag daarom bevestigend.[..]

Generiek:
4.3.10. Door de term generiek ook in andere zin te gebruiken, zoals Sandoz heeft gedaan, kan verwarring ontstaan tussen Leuproreline Sandoz en Lucrin. De apothekers en artsen tot wie de reclame-uitingen zijn gericht, zouden immers kunnen veronderstellen dat Leuproreline Sandoz een generiek geneesmiddel is als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de Richtlijn en artikel 1, aanhef en onder q van de Gnw. Het gevaar voor verwarring is bij apothekers met name groot omdat in de Handleiding de definitie van generiek wordt gehanteerd uit de Richtlijn en de Gnw.
4.3.11.Leuproreline Sandoz kan, anders dan Sandoz betoogt, ook niet worden gelijkgesteld met een generiek geneesmiddel omdat het onderling uitwisselbaar is met Lucrin. Dat is immers niet het geval; Leuproreline Sandoz is alleen geïndiceerd voor de behandeling van gemetastaseerd prostaat carcinoma waarbij suppressie van de testosteronproductie gewenst is, terwijl Lucrin is geregistreerd voor meerdere indicaties. Om die reden mag in vergelijkende reclame evenmin worden gesteld dat Leuproreline Sandoz en Lucrin substitueerbaar zijn.

Therapeutisch uitwisselbaar:
4.4.6. Uit het voorgaande vloeit voort dat Sandoz zich voor haar claim van therapeutische uitwisselbaarheid niet kan beroepen op studies die gebruikt zijn in de procedures die hebben geleid tot het verkrijgen van de handelsvergunningen. Die studies zijn immers niet in een peer-reviewed tijdschrift gepubliceerd, maar worden slechts op aanvraag door Sandoz beschikbaar gesteld.
4.4.7.Nu Sandoz ter onderbouwing van haar claim slechts verwijst naar “data on file”, heeft zij haar vergelijkende claims van therapeutische uitwisselbaarheid niet onderbouwd overeenkomstig de Gedragscode en de Richtlijnen
4.4.8.Gelet op het voorgaande komt, anders dan Sandoz betoogt, aan het FK wat betreft de therapeutische uitwisselbaarheid geen betekenis toe.
4.4.9.Het door Sandoz eerst bij brief van 3 april 2012 overgelegde artikel uit het peer-reviewed tijdschrift kan - wat er ook zij van de (betwiste) kwaliteit van dat artikel en het daarin beschreven onderzoek - aan het vorenstaande niet afdoen, omdat de onderbouwing van de claim (met objectieve en voor de arts verifieerbare gegevens en verwijzingen) uit de reclame-uiting moet blijken en niet achteraf geconstrueerd mag worden.

Conclusie:
4.5.1. Uit het voorgaande vloeit voort dat de gevorderde verklaring voor recht dat de reclame-uitingen van Sandoz, inhoudende dat Leuproreline Sandoz generiek is aan of therapeutisch uitwisselbaar is met één of meer van de leuproreline bevattende geneesmiddelen waarvoor Abbott handelsvergunningen heeft, misleidend zijn in de zin van de artikelen 6:194 en 6:194a van het BW, zoals verder uitgewerkt in de artikelen 4.3, 5.3, en 5.8 van de Gedragscode, voor toewijzing in aanmerking komt.
4.5.4. Nu Sandoz niet heeft aangevoerd zich in de toekomst te zullen onthouden van reclame-uitingen, vloeit uit het voorgaande voort dat het gevorderde verbod mededelingen te doen waarin de indruk wordt gewekt dat Leuproreline Sandoz generieke geneesmiddelen zijn en/of therapeutisch equivalent en/of therapeutisch uitwisselbaar en/of substitueerbaar zijn aan of met één of meer van de leuproreline bevattende geneesmiddelen waarvoor Abbott handelsvergunningen heeft, voor toewijzing in aanmerking komt.

RB 2032

Maximaal 15 tapas is niet 'All you can eat'

Vz. RCC 28 november 2013, dossiernummer 2013/00844, (Amigo)
Reclame-uiting misleidend en oneerlijk. Het betreft de mededeling “ ‘All you can eat’ tapas € 19,50” in een reclame voor “Amigo Kralingen” op billboards in Rotterdam en op adverteerders website www.amigo-rotterdam.nl. Klager stelt dat het aanbod misleidend is omdat het is beperkt tot maximaal tapas 15 personen. Volgens de medewerkers dient het  "om mensen binnen te lokken."

De Commissie oordeelt als volgt. Nu in de uiting geen voorbehoud of verwijzing naar voorwaarden is opgenomen, is sprake van het ontbreken van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen als bedoeld in de aanhef en onder c van artikel 8.3 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Omdat de Commissie voorts van oordeel is dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC. De stelling van adverteerder dat de maximale hoeveelheid van 15 tapas voor de meeste mensen voldoende is, doet aan dit oordeel niet af. De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC. Zij beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.