RB
DOSSIERS
Alle dossiers

productveiligheid  

RB 1331

Gevoelens van angst voor bijwerkingen

RCC 22 februari 2012, dossiernr. 2011/01208 (Remark groep Appeleren aan gevoelens van angst voor bijwerkingen geneesmiddelen; misleiding)

image003.jpgIn een serie uitingen over geneesmiddelen is onder andere opgenomen: onder A. “Grijp niet direct naar een geneesmiddel als je ergens last van hebt. Ga niet direct iets slikken bij elk ongemak. Zeker als je probleem redelijk aan de buitenkant van je lichaam zit. Dan is het logischer en efficiënter een middel te gebruiken dat ter plekke zijn werk doet. Dat is minder belastend voor je lichaam. Zo voorkom je nare bijwerkingen. En het levert vaak betere resultaten.” Klager meent dat de tekst appelleert aan angstgevoelens, ex artikel 6 NRC, dat er sprake is van agressieve reclame en dat er op een denigrerend wijze gesproken wordt over geneesmiddelen. Tot slot zijn de I SAY-producten slechts hulpmiddelen, die niet door het CBG worden beoordeeld en de mededeling "vaak betere resultaten" is daarom misleidend ex artikel 8 NRC. In een uitgebreid oordeel worden de klachten voor het overgrote deel gegrond verklaard en een aanbeveling gedaan.


1. Tussen partijen is niet in geschil dat de producten waarop de bestreden uitingen betrekking hebben medische hulpmiddelen zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de medische hulpmiddelen (WMH). In reactie op de klacht is namens adverteerder aangevoerd dat de
i say producten een CE-markering met nummeraanduiding hebben. Het is de Commissie bekend dat een dergelijke CE-markering krachtens artikel 7 van het Besluit medische hulpmiddelen (BMH)  wordt  afgegeven door een aangewezen instantie die heeft geverifieerd of sprake is van conformiteit van het betreffende product met de essentiële eisen die op het product van toepassing zijn. Nu door Bayer echter niet wordt betwist dat de i say producten een CE-markering hebben, maar - kort samengevat - wordt gesteld dat de uitingen misleidend zijn en appelleren aan gevoelens van angst, kan de verleende CE-markering in de verdere beoordeling buiten beschouwing blijven.
 
2. Met betrekking tot het beroep van Bayer op artikel 6 NRC overweegt de Commissie het volgende.
Met de tekst “Grijp niet direct naar een geneesmiddel als je ergens last van hebt. Ga niet direct iets slikken bij elk ongemak. Zeker als je probleem redelijk aan de buitenkant van je lichaam zit. Dan is het logischer en efficiënter een middel te gebruiken dat ter plekke zijn werk doet. Dat is minder belastend voor je lichaam. Zo voorkom je nare bijwerkingen. En het levert vaak betere resultaten.” wordt naar het oordeel van de Commissie ingespeeld op gevoelens van angst voor “nare bijwerkingen” van geneesmiddelen. Hiervoor bestaat geen aanleiding. Daarom acht de Commissie de hiervoor aangehaalde tekst op de verpakkingen en de website in strijd met artikel 6 NRC, waarin is bepaald dat reclame zonder te rechtvaardigen redenen niet mag appelleren aan gevoelens van angst.
 
3. Naar het oordeel van de Commissie is tevens sprake van misleidende reclame. Van de naam “i say bye-bye..” in combinatie met het noemen van een kwaal gaat de suggestie uit dat de kwaal waarvoor het product bestemd is geheel weggaat. In de onder A t/m C aangehaalde uitingen wordt gesteld dat het gebruik van de i say producten logischer en efficiënter is dan het gebruik van geneesmiddelen, de i say producten minder belastend zijn voor het lichaam en de resultaten vaak beter zijn dan bij geneesmiddelen. Voorts wordt geclaimd dat de i say producten geen bijwerkingen kennen en “volkomen veilig” zijn. Nu deze stellingen door Bayer gemotiveerd zijn aangevochten, ligt het op de weg van adverteerder de juistheid ervan aannemelijk te maken. Naar het oordeel van de Commissie is adverteerder daarin niet geslaagd. Ten aanzien van deze kwalificaties is immers geen inhoudelijk verweer gevoerd.
 
Gelet op het vorenstaande gaan de uitingen gepaard met onjuiste informatie ten aanzien van de voordelen van de i say producten als bedoeld in artikel 8.2. aanhef en onder b NRC. Omdat de Commissie voorts van oordeel is dat de gemiddelde consument door de uitingen ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, zijn de uitingen misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
 
4. Van agressieve reclame in de zin van artikel 14 lid 1 NRC is sprake als reclame door intimidatie, dwang, inclusief het gebruik van lichamelijk geweld, of ongepaste beïnvloeding de keuzevrijheid of de vrijheid van handelen van de gemiddelde consument met betrekking tot het product aanzienlijk beperkt of kan beperken. Blijkens de toelichting bij artikel 14 NRC wordt onder ongepaste beïnvloeding verstaan het uitbuiten van een machtspositie ten aanzien van de consument om pressie uit te oefenen op een wijze die het vermogen van de consument om een geïnformeerd besluit te nemen, aanzienlijk beperkt. Een dergelijke situatie doet zich naar het oordeel van de Commissie in het onderhavige geval niet voor, zodat de klacht dat sprake is van agressieve en om die reden oneerlijke reclame in de zin van artikel 7 NRC wordt afgewezen.

 

RB 1307

RCC over Slankbrood: overtreding van de Claimsverordening

RCC 14 februari 2012, dossiernr. 2011/01158 (Stichting Nederlands Bakkerij Centrum tegen Bloem Natuurproducten Winschoten en Prograin International)

65030?width=400&height=464Beslissing ingezonden door Maurits Jan Voogt en Marjolein Bronneman, De Brauw Blackstone Westbroek N.V.

De uiting prijst het product Slankbrood aan met de term "Slankbrood", "Eet je slank met..." en "Slankbrood versnelt vetafbraak". De RCC volgt de klacht van Stichting NBC zodat de beweringen moeten worden aangemerkt als niet toegestane gezondheidsclaims en ook dat de beweringen misleidend zijn, omdat zij niet wetenschappelijk zijn onderbouwd.

Kort gezegd heeft de Reclame Code Commissie geoordeeld dat:
- de betreffende claims gezondheidsclaims zijn in de zin van artikel 2 lid 5 Claimsverordening;
- de claims niet voorkomen op een zogenaamde artikel 13-lijst van goedgekeurde gezondheidsclaims, dat er geen aanvraag is ingediend voor opname van de claims in deze lijst en dat er geen overgangsregime van toepassing is waardoor deze claims nog tijdelijk gebruikt zouden mogen worden;
- de claims derhalve in strijd zijn met artikel 10 lid 1 Claimsverordening en daarmee in strijd met de wet als bedoeld in artikel 2 Nederlandse Reclame Code en tevens met art 3 lid 1 Reclame Code voor Voedingsmiddelen; en
- de claims daarnaast als misleidend worden aangemerkt, omdat de juistheid van de claims niet kon worden aangetoond door de adverteerder van Slankbrood. Om die reden is het in strijd geoordeeld met artikel 7 NRC.

Inzenders tippen de volgende passage:

"Het verweer van verweerder sub 1 dat de nVWA geen bezwaren heeft geuit wat betreft gebruik van gezondheidsclaims in de campagne voor Slankbrood leidt niet tot een ander oordeel. Naar klager ter vergadering onweersproken heeft medegedeeld, heeft de Minister van VWS in antwoord op Kamervragen medegedeeld dat de nVWA niet handhaaft ten aanzien van onterechte gezondheidsclaims, totdat de artikel 13 lijst is vastgelegd in de Claimsverordening. Dit neemt niet weg dat de Commissie kan oordelen dat deze verordening is overtreden."

RB 1291

Jaarplan 2012 Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

Jaarplan 2012 van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), Bijlage bij kamerstuk 32 262, nr. 8.

Het jaarplan van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit is opgebouwd uit twee delen. Hoofdstuk 1 beschrijft de missie, taken en de visie van de NVWA op de toekomst van handhaving. Daaruit zijn de belangrijkste resultaten voor de vernieuwing van de handhaving in 2012 gedestilleerd. Hoofdstuk 2 beschrijft de belangrijkste handhavingsresultaten die de NVWA in 2012 wil bereiken in de diverse domeinen.

Uitgebreide inhoudsopgave:

De ontwikkeling van handhaving 2012 - 2016
1.1 De missie en taken
1.2 De kaders in ontwikkeling
1.3 De visie
1.4 De ontwikkeling van de visie
1.4.1 Risicogericht
1.4.2 Kennisgedreven
1.4.3 Samenwerkend
1.4.4 Beïnvloedend
1.5 De samenvatting – Op weg naar ‘De staat van..’
De resultaten van handhaving in 2012

2.1 Inleiding
2.2 Veiligheid in de voedselketen
2.2.1 Vleesketen en Voedselveiligheid
2.2.2 Visketen
2.2.3 Industriële productie
2.2.4 Dierlijke bijproducten
2.2.5 Diervoeders
2.2.6 Bijzondere eet- en drinkwaren, inclusief claims
2.2.7 Horeca en ambachtelijke productie
2.2.8 Pathogene micro-organismen en alimentaire zoönosen
2.3 Productveiligheid
2.4 Diergezondheid
2.4.1 Diergezondheid (Bestrijding en afhandeling van verdenkingen dierziekten
& non-alimentaire zoönosen)
2.4.2 Levende dieren (Preventie, I&R en exportcertificeringen)
2.4.3 Levende dieren en diergezondheid (I&R)
2.4.4 Diergeneesmiddelen
2.5 Dierenwelzijn
2.5.1 Dierenwelzijn
2.5.2 Dierproeven
2.6 Plantgezondheid
2.6.1 Gewasbescherming
2.6.2 Fytosanitair
2.6.3 Meststoffen
2.7 Natuur
2.8 Export
2.9 Import
2.10 Alcohol en tabak
2.11 Uitvoeringstaken
2.11.1 Europese subsidieregelingen, inclusief nacontroles
2.11.2 Cross Compliance
2.11.3 Grondgebonden subsidies
2.12 Inlichtingen en opsporing
2.13 Risicobeoordeling en onderzoeksprogrammering
2.14 Internationale projecten

RB 1274

Veiligheidswaarschuwing: terugroep Massive klassieke kroonluchter

massive.veiligheidswaarschuwing.kroonluchters.425.jpgVWA veiligheidwaarschuwingen Philips constateert dat een klein aantal klassieke kroonluchters van het merk Massive niet voldoet niet aan de kwaliteitseisen. Het gaat om de O-ringen aan beide uiteinden van de ketting, waarmee de kroonluchter aan het plafond hangt, die zouden kunnen breken. Als dit gebeurt kan de kroonluchter naar beneden vallen.

RB 1270

Schonere brandstoffen

Vz RCC 22 december 2011, dossiernr. 2011/01233 (Tank en Autowascentrum - ZWART Milieuvriendelijke/schonere brandstoffen)

Op de website www.bpzwart.nl staat de volgende mededeling: “Na de verhuizing in 2000 naar de locatie aan de Ookmeerweg zijn we gaan samenwerken met BP en kunt u sindsdien bij ons terecht voor benzine, diesel, lpg en de milieuvriendelijke en schonere ultimate brandstoffen.”
 
Klager stelt dat de aanduiding “milieuvriendelijke en schonere” voor brandstoffen in strijd met de Milieu reclame Code (MRC) is. Voorzitter wijst de klacht toe op basis van artikel 2 MRC:

Niet in geschil is dat de aanduiding “milieuvriendelijke en schonere” voor brandstoffen in strijd met de MRC is. Meer in het bijzonder acht de voorzitter deze aanduiding in strijd met artikel 2 MRC.
 
De voorzitter neemt nota van het feit dat adverteerder de fout heeft erkend en gecorrigeerd. Dit kan evenwel niet tot een andere beslissing leiden nu klager de klacht heeft gehandhaafd. Tot slot doen zich geen feiten of omstandigheden voor die aanleiding zou kunnen geven voor een “openbare aanbeveling”, zoals klager verzoekt. Derhalve wordt beslist als volgt.

RB 1268

De Halal-factuur

Strafrechter Rechtbank Breda 18 januari 2012, LJN BV1237 (Halalvleesfraude)

halal.jpgAls randvermelding. Uitspraak over fraude met facturen geeft aan hoe gewoon vlees opeens een Halal-stempel krijgt. (halal)vleesfraude. Valsheid in geschrift bij het opmaken van verkoopfacturen voor levering/verkoop van halalvlees aan bedrijven van de hoofdverdachte. Aan deze facturenstroom lag geen fysieke levering van vlees ten grondslag. De hoofdverdachte heeft deze facturen gebruikt voor het verkrijgen van zogenaamde halaltraceerbaarheidsformulieren.

Via NJD.

RB 1262
RB 1256

Geen voorbehoud financiële dienstverlening

RCC 8 december 2011, dossiernr. 2011/01131 (Alex.nl-In't verleden behaalde resultaten)

alex.jpgEen radiocommercial voor Alex Vermogensbeheer eindigt met de volgende uitgesproken tekst: “Bij Alex Vermogensbeheer checken we elke dag uw portefeuille. U bent al welkom vanaf 25.000 euro. Op kansen en bedreigingen reageren we meteen. Dat doen we zó goed, dat we uitgeroepen zijn tot de beste vermogensbeheerder van Nederland. Voor Alex Vermogensbeheer én onze rendementen". Er is volgens klager geen voorbehoud gemaakt zoals “In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst”. Dit is in strijd met art. 10.4 Wft en bijlage 10, dus strijd met 2 NRC strijd met de wet.

2. Krachtens artikel 6.3 lid 1 van de Nadere regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft en artikel 10.4 van de daarbij behorende Bijlage 10 dienen in reclame-uitingen van beleggingsondernemingen, waarin verwachtingen omtrent de toekomst worden uitgesproken dan wel wordt gerefereerd aan in het verleden behaalde resultaten, de volgende zinnen te worden opgenomen: “De waarde van uw belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.”

3. Weliswaar worden in de bestreden radiocommercial geen concrete rendementen uit het verleden genoemd, maar door de zinsneden “Op kansen en bedreigingen reageren we meteen. Dat doen we zó goed dat we uitgeroepen zijn tot de beste vermogensbeheerder van Nederland” en de verwijzing naar de website voor “onze rendementen” wordt naar het oordeel van de Commissie in de commercial als geheel bezien een inhoudelijke kwalificatie van de diensten van adverteerder gegeven waarbij wordt gerefereerd aan in het verleden behaalde resultaten. Op grond daarvan had de waarschuwing “De waarde van uw belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst” in de commercial niet mogen ontbreken. Dat de waarschuwing wel is vermeld op de website van adverteerder doet hieraan niet af. 

4. Adverteerder heeft blijkens het voorgaande gehandeld in strijd met artikel 6.3 lid 1 en bijlage 10 van de Nadere regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft, die is gebaseerd op artikel 56 van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft. Nu in ieder geval laatstgenoemd besluit een wettelijke basis heeft en de reclame-uiting daarmee niet in overeenstemming is wegens het ontbreken van de voorgeschreven waarschuwing, heeft adverteerder artikel 2 NRC geschonden.

RB 1244

Up to 3 home PC's

RCC 1 december 2011, dossiernr. 2011/00969(Best2Serve Protection for up to 3 home PC's)

norton-internet-security-2011-36-months-3.jpgVolgens de uiting biedt Norton Internet Security 2011 “Protection for up to 3 home PC’s”. Klager kon het programma echter op slechts één computer downloaden. De uiting is daarom misleidend. Per abuis een foutieve NIS-code toegezonden, dit is met een gepast oplossing verholpen (aankoopbedrag overmaken).
 
Het verweer 
Klager heeft op 24 mei 2010 via het Portugese call center van HP een bestelling geplaatst voor Norton Internet Security (NIS) 2011. Via Best2Serve worden alleen NIS-codes verkocht die voor drie verschillende computers gebruikt kunnen worden. Klager is per abuis een NIS-code toegezonden die slechts op één computer gebruikt kan worden omdat Best2Serve van de leverancier ten onrechte een aantal van dergelijke NIS-codes heeft ontvangen. Zodra klager heeft gemeld een verkeerde NIS-code te hebben ontvangen, is besloten hem het aankoopbedrag terug te betalen. Helaas blijkt een en ander niet goed te zijn gegaan en is de klacht gesloten zonder dat klager daadwerkelijk een gepaste oplossing is geboden. Adverteerder zal het aankoopbedrag alsnog naar de rekening van klager overmaken en klager daarover informeren.

Overigens stelt Best2Serve zich op het standpunt dat het toezenden aan klager van een NIS-code  die slechts op één computer te gebruiken is op een incidentele fout berust. De bestreden advertentie is niet misleidend.
 
Het oordeel van de Commissie
 
Niet is weersproken dat adverteerder in het algemeen de in de reclame-uiting beloofde NIS-codes verkoopt die geschikt zijn voor gebruik op drie computers en dat klager - mede als gevolg van een fout van de leverancier - per abuis een NIS-code is toegestuurd die slechts op één computer gebruikt kan worden. De Commissie acht voldoende aannemelijk geworden dat hierbij sprake is van een incidentele fout, die niet leidt tot het oordeel dat de bestreden uiting misleidend is. De klacht wordt daarom afgewezen.

RB 1207

RCC: effect van dagelijks melk drinken

 RCC 11 november 2011, dossiernr. 2011/00874 (Stichting Wakker Dier tegen St. Wageningen UR en NZO - grosse) 

media_xl_949063.jpgMet dank aan Jaap Kronenberg, Dirkzwager en in navolging van Kamervragen RB 1197.

Naar aanleiding van een nieuwsbericht (2010) en een redactioneel artikel (2011) van Wageningen UR over de in de American Journal of Clinical Nutrition gepubliceerde resultaten van een onderzoek naar het effect van dagelijks melk drinken op het risico van hart- en vaatziekten, heeft Wakker Dier een klacht ingediend bij de RCC tegen Wageningen UR en de Nederlandse Zuivelorganisatie. Volgens Wakker Dier bevatten het nieuwsbericht en het artikel reclame uitingen en zijn die bovendien ongeoorloofd omdat ze niet toegelaten gezondheidsclaims inhouden.

De RCC wijst de klacht af omdat de gewraakte uitingen niet als reclame in de zin van de NRC kunnen worden aangemerkt. Wageningen UR is niet als adverteerder aan te merken en er is ook geen beïnvloeding of uitlokking door NZO is aangetoond in relatie tot inhoud en publicatie van die uitingen. Ook de klacht tegen NZO faalt, omdat er geen uitingen van NZO aan de klacht ten grondslag zijn gelegd.