Eurobankbiljetten en -munten

RB 1987

EU voorstel: richtlijn betreffende de strafrechtelijke bescherming van de euro en andere munten tegen valsemunterij

Brief inzake advies over het voorstel van de Commissie voor een richtlijn betreffende de strafrechtelijke bescherming van de euro en andere munten tegen valsmunterij (COM2013) 42 final). Kamerstukken I, 2013/14, 33667 nr. C.
De Europese Commissie is de Eerste Kamer erkentelijk voor het advies over het voorstel van de Commissie voor een richtlijn betreffende de strafrechtelijke bescherming van de euro en andere munten tegen valsmunterij {COM(2013) 42final}. De Commissie neemt nota van het advies van de Eerste Kamer over de invoering van minimumstraffen en zou de navolgende toelichting willen verschaffen:

De Commissie heeft bij de voorbereiding van het voorstel zorgvuldig geanalyseerd in hoeverre het nationale strafrecht de euro voldoende beschermt. Zij heeft de mogelijkheden onderzocht om het beschermingsniveau te verhogen en de geloofwaardigheid van het monetaire stelsel van de Unie, dat steunt op de Europese eenheidsmunt, te bevorderen. De Commissie acht het nodig de strafrechtelijke sancties verder op elkaar af te stemmen. Zij verwacht dat dit de afschrikkende werking van straffen zal vergroten en ook de rechtshandhaving en grensoverschrijdende samenwerking ten goede zal komen.

Personen die de intentie hebben om vals geld te vervaardigen en te verspreiden en daarbij een zeker bedrag te overschrijden, zullen hun plannen wellicht herzien als zij weten dat hen daarvoor ten minste zes maanden
gevangenisstraf kan worden opgelegd. Bovendien dragen minimumstraffen ertoe bij dat de rechtshandhavingsinstanties en justitiële autoriteiten prioriteit geven aan onderzoek en vervolging van de betrokken feiten. Aldus bevorderen de minimumstraffen de grensoverschrijdende samenwerking. De Commissie hoopt dat deze toelichting de in het advies geuite punten van zorg wegnemen en verheugt zich op de voortzetting van de politieke dialoog met de Eerste Kamer.