RB 3229

Verscheidene claims groene thee extract Happy Healthy in strijd met Claimsverordening

RCC 2 oktober 2018, RB 3229; dossiernr. 2018/00562 (HappyHealthy) Toewijzing zonder aanbeveling. Strijd met wet. Het betreft uitingen op de website www.happyhealthy.nl en op www.facebook.com/happyhealthyfan/ voor zover het gaat om de aanprijzing van het product ‘HappyHealthy Groene Thee Extract’. De klacht. Klager stelt dat op de genoemde website en Facebookpagina diverse ontoelaatbare claims worden gebruikt met betrekking tot het voedingssupplement ‘HappyHealthy Groene Thee Extract’. Het gaat om gezondheidsclaims, claims die zinspelen op de mate of snelheid van het gewichtsverlies en een -volgens klager- medische claim. Daarnaast maakt klager bezwaar tegen de aanduiding van het product als “afslanksupplement” en “afslankcapsules”. 

1) Centrale vraag in deze zaak is, of de claims die adverteerder aan haar product HappyHealthy Groene Thee Extract verbindt, gerechtvaardigd zijn. Vooropgesteld dient te worden dat het gegeven dat de mededelingen op de website en Facebook-pagina van adverteerder inmiddels verwijderd of aangepast zijn er niet aan in de weg staat dat de uitingen waarop klager zijn klacht heeft gebaseerd, beoordeeld kunnen worden. Of klager nog belang heeft bij de beoordeling of niet, is hierbij niet relevant. Waar het om gaat, is of de uitingen waartegen klager bezwaar heeft gemaakt (en zoals deze door klager zijn overgelegd) in overeenstemming zijn met de Nederlandse Reclame Code (NRC).

2) Gezondheidsclaims. Niet is in geschil dat de bestreden claims 1 t/m 6 gezondheidsclaims zijn in de zin van Verordening (EG) 1924/2006 (de Claimsverordening). Ingevolge de Claimsverordening mogen gezondheidsclaims uitsluitend worden gebruikt indien deze door de Europese Commissie zijn goedgekeurd en zijn geplaatst op de lijst van toegestane claims. Van een goedgekeurde claim is in dit geval geen sprake. De Claimsverordening kent echter naast de lijst met toegestane claims ook een categorie producten waarvoor onder bepaalde voorwaarden het gebruik van gezondheidsclaims voorlopig is toegelaten. De desbetreffende claims vallen onder een overgangsregeling en staan ‘on hold’. Volgens adverteerder staat de claim voor het groene thee extract (ID-nummer 1544) en gewichtsregulatie c.q. vetverbranding 'on hold’. Zoals ook is overwogen door het College van Beroep in zijn beslissing van 2 februari 2016 (dossier 2015/00916), mag een adverteerder, zolang de Europese Commissie ten aanzien van bepaalde (bestanddelen van) levensmiddelen niet heeft beslist of een hiervoor ingediende gezondheidsclaim op de communautaire lijst van toegestane claims wordt geplaatst en deze claim “on hold” staat, gedurende deze toelatingsprocedure in reclame melding maken van die claim. Als de adverteerder echter in reclame in feite vooruitloopt op de uitkomst van de toelatingsprocedure door al tijdens de ‘on hold’ status zonder voorbehoud in reclame een concreet en daadwerkelijk effect te claimen, dient de adverteerder deze werking bij een gemotiveerde betwisting, vooruitlopend op de beslissing over het plaatsen van de claim op de communautaire lijst van toegestane claims, aannemelijk te maken. Indien in een uiting voor een levensmiddel op deze wijze een effect op de gezondheid wordt geclaimd dat niet aannemelijk wordt gemaakt, moet de uiting om die reden misleidend worden geacht. De gemiddelde consument zal immers verwachten dat een product waarvan stellig en zonder voorbehoud een bepaalde werking op de gezondheid wordt geclaimd, die werking ook daadwerkelijk heeft. Klager heeft de gezondheidsclaims in zijn klacht genoemd onder 1 t/m 6 gemotiveerd betwist aan de hand van verschillende onderzoeken. De Commissie overweegt met betrekking tot deze claims als volgt. Voor wat betreft claim 1, 2, 3, 5 en 6 geldt dat het om stellig geformuleerde claims gaat, doordat zij een concreet effect claimen, en/of suggereren dat de werking van het product gebaseerd is op wetenschappelijk onderzoek, wat de claims een zekere mate van autoriteit geeft. Nu deze claims gemotiveerd zijn betwist, had het vervolgens op de weg van adverteerder gelegen om aannemelijk te maken dat voornoemde claims gerechtvaardigd zijn. Adverteerder heeft dat onvoldoende gedaan. In haar verweer heeft adverteerder enkel meegedeeld dat de door klager aangehaalde meta-analyse (die klager gebruikt vanwege de conclusie “geen significante effecten”) “voldoende aanknopingspunten” bevat ter ondersteuning van de door haar gebruikte claims. Ter zitting heeft adverteerder mondeling toegelicht (zonder schriftelijke onderbouwing) dat uit onderzoeken van Jurgens (een van de auteurs van de door klager aangehaalde Cochrane-review) en Kapoor (een van de onderzoekers betrokken bij de door klager genoemde meta-analyse) de geclaimde werking van haar product wél aannemelijk gemaakt kan worden. Adverteerder heeft bij deze mondelinge toelichting echter enkel verwezen naar de vindplaats van de onderzoeken, zij heeft zelf geen stukken overgelegd. Nu de betreffende onderzoeken door klager zijn aangehaald met het doel om aan te tonen dat het product níet werkt, en het mondelinge, technische betoog dat adverteerder ter zitting heeft gehouden voor de Commissie noch voor klager te verifiëren was, acht de Commissie de onderbouwing van de claims onvoldoende.

Gelet op het bovenstaande komt de Commissie tot de conclusie dat de juistheid van de gezondheidsclaims 1, 2, 3, 5 en 6 niet aannemelijk is gemaakt, en daarom niet gerechtvaardigd is. De uitingen zijn in strijd met artikel 6 lid 2 van de Claimsverordening en daardoor met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC.

Voor wat betreft claim 4 geldt het volgende. In deze claim staat: “Het is interessant om te vermelden dat cafeïnevrije groene thee in verband staat met verhoogde hoge-dichtheid lipoproteïne (HDL) waarden. 7 HDL cholesterol wordt ook wel het ‘goede cholesterol’ genoemd.” Naar het oordeel van de Commissie lijkt deze claim te impliceren dat groene thee goede cholesterol bevordert en daardoor een gunstige werking heeft op het lichaam. Deze claim wijkt af van de andere claims, omdat het hier niet gaat om gewichtsbeheersing of vetverbranding, zodat in zoverre eerst dient te worden beoordeeld of sprake is van een on hold claim. Bij de on hold claims voor groene thee (in zijn algemeenheid) wordt cholesterol wel genoemd, maar niet op de wijze zoals adverteerder dat in de uiting doet. De Commissie oordeelt daarom dat deze claim niet onder de on hold status valt en om die reden direct in strijd is met artikel 10 lid 1 Claimsverordening en daardoor met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC.

3) Claims die zinspelen op de mate of snelheid van gewichtsverlies. Tussen partijen staat niet ter discussie dat de claims 7 t/m 9 zinspelen op de mate of snelheid van gewichtsverlies. Ingevolge artikel 12 van de Claimsverordening zijn dergelijke claims niet toegestaan. Om die reden is de uiting in strijd met artikel 12 van de Claimsverordening en daardoor met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC. Adverteerder heeft dit ook erkend en de bestreden citaten verwijderd.

4) Aanduiding “afslanksupplement” en “afslankcapsules”. Volgens klager kunnen de aanduidingen (10 t/m 13) van het product als afslanksupplement of afslankcapsules niet aannemelijk gemaakt worden. Onder verwijzing naar hetgeen is overwogen onder overweging 2) acht de Commissie ook met betrekking tot de aanduidingen “afslanksupplement” en “afslankcapsule” niet aannemelijk gemaakt dat het product stoffen bevat  die de claim dat het product een afslankende werking heeft, rechtvaardigt. De uitingen zijn in strijd met artikel 6 lid 2 van de Claimsverordening en daardoor met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC.

5) Claim met betrekking tot een beschermend effect (de “medische claim”). Klager maakt bezwaar tegen de mededeling: “Een grootschalig onderzoek bevestigt het standpunt dat groene thee consumptie beschermende effecten kan hebben tegen hart- en vaatziekten bij ouderen.” Het betreft hier een claim met ziekterisicobeperking. Anders gezegd: het product kan ertoe bijdragen dat hart- en vaatziekten worden voorkomen. Uit artikel 14 van de Claimsverordening volgt dat een dergelijke claim mag worden gedaan indien er een vergunning is verleend om deze op te nemen in een communautaire lijst van dergelijke toegestane claims, en dat daarbij op de etikettering, of, bij ontbreken daarvan, in de presentatie en de reclame, ook moet worden vermeld dat de ziekte waaraan de claim refereert, meerdere risicofactoren heeft en dat verandering van één van die factoren al dan niet een heilzaam effect kan hebben. In het onderhavige geval is niet gebleken dat aan deze eisen is voldaan. De claim is daarom in strijd met artikel 14 de Claimsverordening en daardoor met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC.

6) Adverteerder heeft na ontvangst van de klacht alle bestreden mededelingen in de uitingen verwijderd. Nu zij daarnaast beterschap heeft beloofd, acht de Commissie het opleggen van een aanbeveling niet nodig.