2 sep 2026,
Vanafprijs Santos Boats misleidend door hogere prijs bij minimale huurduur en ontbrekende borg
RCC 2 september 2026, RB 4135; 2026/00506 (klager tegen Santos Boats). Santos Boats vermeldt op een flyer voor de verhuur van elektrische boten: “minimale huur twee uur, prijzen vanaf € 37,50 per uur”. Volgens klager is deze prijsvermelding misleidend, omdat tijdens het reserveringsproces blijkt dat een boot voor twee uur € 120 kost en daarnaast een borgsom van € 150 moet worden betaald. Santos Boats voert aan dat het tarief van € 37,50 per uur daadwerkelijk geldt wanneer een boot voor acht uur wordt gehuurd en dat de uurprijs afneemt naarmate de huurduur langer is. De borg van € 150 staat volgens Santos Boats los van de huurprijs en wordt na afloop terugbetaald wanneer de boot volgens de voorwaarden wordt ingeleverd.
De voorzitter oordeelt dat de gemiddelde consument de vermelding van een minimale huurduur van twee uur en de vanafprijs van € 37,50 per uur redelijkerwijs met elkaar in verband zal brengen. In werkelijkheid bedraagt de huurprijs bij de minimale huurduur € 60 per uur en geldt het tarief van € 37,50 per uur uitsluitend bij een huurduur van acht uur. De werkelijke prijs voor de kortst mogelijke huurperiode ligt daarmee aanzienlijk hoger dan de genoemde vanafprijs. De uiting bevat daarom onduidelijke informatie over de prijs als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder d NRC. Ook de verplichting om € 150 borg te betalen is essentiële informatie in de zin van artikel 8.3 aanhef en onder c NRC. Die verplichting is van invloed op het bedrag dat de consument in verband met de huur moet voldoen en daarmee op zijn besluit om al dan niet een boot te huren, ongeacht of de borg na afloop wordt teruggestort. Omdat de uiting deze essentiële informatie niet vermeldt en de gemiddelde consument hierdoor ertoe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk als bedoeld in artikel 7 NRC. De voorzitter beveelt Santos Boats aan niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.
2. In de bestreden reclame-uiting staat: "minimale huur twee uur, prijzen vanaf € 37,50 per uur en varen kan tot 20:00 uur". Hiermee wordt bij de gemiddelde consument de indruk gewekt dat men reeds voor een vanafprijs van € 37,50 per uur een boot voor twee uur kan huren, nu de consument beide gegevens redelijkerwijs op elkaar zal betrekken. In werkelijkheid geldt het tarief van € 37,50 per uur echter uitsluitend indien men een boot voor acht uur huurt, terwijl het huren van een boot voor de genoemde minimale duur van twee uur € 60,- per uur bedraagt. De daadwerkelijke prijs voor de kortst mogelijke huurperiode ligt daarmee aanzienlijk hoger dan de in de uiting genoemde vanafprijs. Een dergelijk prijsverschil zal de gemiddelde consument op basis van de uiting niet verwachten. Hierdoor bevat de bestreden uiting onduidelijke informatie over de prijs als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder d van de Nederlandse Reclame Code (NRC).