RB
DOSSIERS
Alle dossiers
Gepubliceerd op donderdag 30 april 2026
RB 4005
Rechtspraak (NL/EU) ||
9 apr 2026
Rechtspraak (NL/EU) 9 apr 2026, RB 4005; ECLI:NL:RBAMS:2026:3561 ([verweerster] tegen Talpa TV), https://www.reclameboek.nl/artikelen/talpa-moet-verweerster-blijven-betalen-maar-exclusiviteit-blijft-gelden

Talpa moet [verweerster] blijven betalen, maar exclusiviteit blijft gelden

Rb. Amsterdam 5 maart 2026, RB 4005; ECLI:NL:RBAMS:2026:3561 ([verweerster] tegen Talpa TV). In dit kort geding staat een geschil centraal tussen een influencer, [verweerster] en Talpa TV over een overeenkomst voor de ontwikkeling en presentatie van een zogenoemd “juice”-programma. Talpa had de samenwerking feitelijk stopgezet en de maandelijkse vergoeding niet langer betaald. De influencer vorderde doorbetaling van het overeengekomen bedrag.

De voorzieningenrechter oordeelt dat de overeenkomst nog steeds van kracht is. Opzegging was contractueel alleen mogelijk na ingebrekestelling met een redelijke termijn voor nakoming, en daarvan is geen sprake geweest. Talpa heeft de samenwerking feitelijk beëindigd zonder de overeengekomen procedure te volgen, zodat de influencer haar recht op de maandelijkse vergoeding behoudt. Het door Talpa aangevoerde gedrag van de influencer tijdens de ontwikkelfase van het programma kan hieraan niet afdoen, nu zij niet de gelegenheid heeft gekregen om haar vermeende tekortkomingen te herstellen. Ook uit uitlatingen van de influencer op social media kan geen eenzijdige beëindiging van de overeenkomst worden afgeleid. In reconventie oordeelt de rechter dat de influencer wel gebonden blijft aan de exclusiviteitsafspraken uit de overeenkomst. Het zelfstandig publiceren van zogenoemde “juice”-content via eigen socialmediakanalen is daarmee in beginsel in strijd. De influencer wordt daarom bevolen deze activiteiten te staken en haar content exclusief via Talpa te brengen. Dit leidt tot een wederzijdse nakomingsverplichting: Talpa moet blijven betalen, terwijl de influencer zich moet houden aan de exclusiviteit.

4.11 Slotsom is dat de gebondenheid aan de overeenkomst voor beide partijen voortduurt. Nu Talpa TV de overeengekomen vergoeding sinds 17 februari 2026 niet meer betaalt, bestaat voldoende grond voor toewijzing van de vorderingen in conventie. [verweerster] heeft daarbij spoedeisend belang: van haar kan niet worden gevergd dat zij de uitkomst van een bodemprocedure afwacht, terwijl haar aanspraak op de overeengekomen vergoeding reeds nu voldoende aannemelijk is. Ook bestaat voldoende grond voor toewijzing van de vorderingen in reconventie die strekken tot nakoming van de in artikel 2.1 en 2.2 van de overeenkomst neergelegde exclusiviteitsafspraken. Nu [verweerster] sinds februari 2026 juice is gaan publiceren buiten Talpa TV om, bestaat gerede twijfel of [verweerster] de in die bepalingen neergelegde exclusiviteitsverplichtingen zal nakomen. Zij heeft in dit kort geding ook niet bevestigd dat zij daaraan zal voldoen. Met dit vonnis is voorlopig duidelijkheid ontstaan over de rechtsverhouding tussen partijen; ook [verweerster] zal de overeenkomst onverkort moeten nakomen. Talpa TV heeft voldoende spoedeisend belang bij toewijzing van de vorderingen in reconventie, nu zij [verweerster] betaalt voor haar exclusiviteit en aannemelijk is dat zij schade lijdt als [verweerster] buiten Talpa TV om juice blijft publiceren.