29 sep 2026,
Forbo en Duracryl moeten bepaalde misleidende duurzaamheidsclaims staken
Hof Den Haag 29 september 2026, IEF 23919; RB 4157; ECLI:NL:GHDHA:2026:3024 (Forbo tegen Duracryl c.s.). Forbo Flooring en Duracryl c.s. zijn concurrerende producenten van vloerbedekkingen die elkaar over en weer verwijten misleidende mededelingen te doen over de samenstelling en duurzaamheid van hun producten. Forbo stelt onder meer dat Duracryl haar product Corques Liquid Lino (CLL) ten onrechte als linoleum en als natuurlijk en klimaatvriendelijk presenteert. Duracryl c.s. voeren op hun beurt aan dat Forbo misleidende duurzaamheidsclaims doet over haar Marmoleum- en PVC/vinylvloeren. Het hof beoordeelt de uitingen aan de hand van artikel 6:194 BW. Een onjuiste of onvolledige mededeling is pas misleidend wanneer deze, gelet op de context, van voldoende materieel belang is om het economische gedrag van het relevante publiek te kunnen beïnvloeden. Op grond van artikel 6:195 BW rust de bewijslast van de juistheid of volledigheid van de relevante feitelijke mededelingen op degene die de inhoud daarvan heeft bepaald, nadat de wederpartij voldoende heeft onderbouwd waarin de gestelde misleiding bestaat. De Europese richtsnoeren over oneerlijke handelspraktijken en de Leidraad Duurzaamheidsclaims van de ACM zijn niet rechtstreeks van toepassing op misleiding tussen ondernemingen, maar kunnen wel aanknopingspunten bieden bij de beoordeling van duurzaamheidsclaims. Volgens het hof mag Duracryl CLL als linoleum en als gebaseerd op natuurlijke materialen aanduiden. Het product heeft vergelijkbare eigenschappen als traditioneel linoleum en bestaat volgens een overgelegde Environmental Product Declaration (EPD) voor 89% uit natuurlijke grondstoffen. Wel zijn de claims dat CLL geen gevaarlijke materialen bevat, een CO2-voetafdruk van -7 kg/m² heeft en dat de vloeren van Duracryl klimaatpositief zijn misleidend. Dit geldt ook voor het gebruik van de keurmerken Climate Positive Flooring en BREEAM. De claim met het RedListFree-keurmerk acht het hof daarentegen voldoende onderbouwd. Verder bevestigt het hof het oordeel van de rechtbank dat de mededelingen waarin CLL wordt aangeduid als een puur mengsel van natuurlijke materialen, als een mix van pure duurzame materialen die door moeder natuur zijn gegeven en als EPD-gecertificeerd product misleidend zijn (r.o. 6.5-6.50).
Ook Forbo maakt zich volgens het hof schuldig aan misleidende reclame. De algemene mededeling dat zij echt duurzame vloeren maakt die goed zijn voor mensen, gebouwen en het milieu, is misleidend, onder meer omdat Forbo onvoldoende weerlegt dat de bij het leggen gebruikte lijm schadelijke effecten heeft. Daarnaast zijn de claims dat Marmoleum CO2-neutraal is en voor 97% uit natuurlijke materialen bestaat misleidend. Uit de overgelegde gegevens blijkt dat verschillende Marmoleumvarianten tijdens het productieproces CO2 uitstoten en dat bepaalde varianten een lager percentage natuurlijke materialen bevatten. Ook de aanduiding van de PVC/vinylvloer Allura als duurzaam is misleidend, omdat daarmee een gunstige milieu-impact wordt gesuggereerd die Forbo onvoldoende heeft onderbouwd. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank gedeeltelijk en veroordeelt Duracryl c.s. en Forbo om de betreffende misleidende uitingen te staken en binnen vijf werkdagen na betekening van het arrest te verwijderen. Beide partijen moeten daarnaast gedurende zestig dagen een rectificatie plaatsen op hun websites en sociale mediakanalen, in zowel het Nederlands als het Engels. Aan de veroordelingen is voor beide partijen een dwangsom van € 1.000 per dag of gedeelte daarvan verbonden, met een maximum van € 500.000 per partij. Voor het overige wordt het vonnis bekrachtigd en worden de proceskosten in hoger beroep gecompenseerd (r.o. 6.53-6.63 en dictum).
6.5
Het hof stelt voorop dat art. 6:194 lid 1 BW bepaalt dat hij die omtrent goederen of diensten die door hem of degene ten behoeve van wie hij handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf worden aangeboden, een mededeling openbaar maakt of laat openbaar maken, onrechtmatig handelt jegens een ander die handelt in de uitoefening van zijn bedrijf, indien deze mededeling in een of meer opzichten misleidend is. Het misleidende karakter van een mededeling kan zijn gelegen in onjuistheid of in onvolledigheid. De enkele vaststelling dat een mededeling onjuist of onvolledig is, brengt evenwel niet zonder meer mee dat deze ook misleidend is. Daarvoor is vereist dat de onjuistheid of onvolledigheid, gelezen in de context waarin de mededeling is gedaan, van voldoende materieel belang is om het economische gedrag van de maatmens tot wie de mededeling zich richt of die zij bereikt te kunnen beïnvloeden4. Daadwerkelijke beïnvloeding is daarvoor niet vereist. Bij de beoordeling moet worden uitgegaan van de vermoedelijke verwachting van de gemiddeld geïnformeerde, redelijk omzichtige en oplettende persoon die behoort tot het relevante publiek. Welk publiek in dit geval als het relevante publiek moet worden aangemerkt en welke kennis en ervaring bij die maatmens mogen worden verondersteld, komt hierna aan de orde.
6.43
Op grond van het voorgaande zijn de mededelingen van Duracryl c.s. waarin wordt gezegd dat CLL geen gevaarlijke materialen bevat, dat CLL een carbon footprint heeft van -7kg/m2 en dat de vloeren van Duracryl c.s. klimaatpositief zijn, misleidend. Dat geldt ook voor het gebruik van de keurmerken Climate Positive Flooring en BREEAM (mededeling 5 en 7). Het hof zal Duracryl c.s. dan ook veroordelen tot het staken en gestaakt houden van deze mededelingen. Het hof ziet ook aanleiding om als prikkel tot nakoming daaraan een dwangsom te verbinden.
6.61
Het hof is dus van oordeel dat voornoemde mededelingen van Forbo onjuist zijn. Zoals hiervoor is overwogen is duurzaamheid voor de maatmens bij de aanschaf van een vloer en een linoleum vloer in het bijzonder van groot belang. Omdat aldus het economisch gedrag van de maatmens kan worden beïnvloed, acht het hof deze mededelingen ook misleidend. Forbo zal daarom worden veroordeeld tot het staken en gestaakt houden van de mededelingen dat zij ‘echt duurzame vloeren maakt die goed zijn voor mensen, goed voor gebouwen en goed voor het milieu’, dat haar Marmoleum producten CO2 neutraal zijn en voor 97% uit natuurlijke materialen bestaan en dat Allura een duurzame vloer is. Zoals gevorderd zal Forbo worden veroordeeld tot rectificatie. Forbo heeft geen omstandigheden aangevoerd die zich daartegen zouden verzetten. Ook hier ziet het hof aanleiding om een dwangsom aan de staking en rectificatie te verbinden.