RB 3214

Adverteerder doet vermoeden dat houtkachels goed voor het milieu zijn

RCC 17 september 2018, RB 3214; dossiernr. 2018/00524 (Houtkachels milieuclaim) Aanbeveling. Misleiding. De uiting betreft een reclamefolder van adverteerder. Daarin staat onder de aanhef “Vier uw vakantie op Rundumhausen en geef uw vakantiegeld een groene bestemming” onder meer: “De tijd dat we zonder Gronings gas moeten leven komt rap naderbij. Mede hierom kan het een goed idee zijn om uw vakantiegeld een alternatieve bestemming te geven. Temeer, omdat investeren in lagere energiekosten loont. Wat u nu betaalt, verdient u namelijk in 5 jaar al terug. Want de combinatie van een houtkachel die warmte afgeeft aan de Cv-installatie, plus 3 zonnepanelen voor de boiler verlaagt uw gasverbruik met minstens 70%. Daar zijn niet alleen de Groningers blij mee. Daar wordt het hele Nederlandse milieu, ja zelfs de aarde vrolijker van. (…) Duurzaam milieu en besparen gaan hand in hand met zonnepanelen en hout-cv kachel”. De klacht wordt als volgt samengevat. Klager vindt de uiting misleidend en voert hiertoe het volgende aan. Gezien de uitstoot van schadelijke stoffen is het gebruik van houtkachels niet milieuvriendelijk. Deze kachels zijn ook niet CO2 neutraal, omdat hout een fossiele brandstof is. Klager verwijst in dit verband naar https://www.knaw.nl/nl/actueel/nieuws/vertrouwen-in-biobrandstof-en-houtstook-misplaatst  (...). Houtkachels, ook de hoogrendementskachels die gecertifîceerd zijn, dragen bij aan luchtverontreiniging, ook als zij volgens de richtlijnen worden gestookt, zij het in iets mindere mate (...). Een niet onbelangrijk deel van de mensheid ondervindt hier hinder van. In onderzoek van diverse organisaties waaronder de GGD worden percentages genoemd van 10 tot meer dan 20%. 

Op grond van artikel 2 MRC mogen milieuclaims geen mededelingen of suggesties bevatten waardoor de consument misleid kan worden over milieuaspecten van de aangeprezen producten. Ingevolge artikel 3 MRC dienen milieuclaims aantoonbaar juist te zijn, waarbij de bewijslast rust op de adverteerder, en worden zwaardere eisen gesteld aan het bewijsmateriaal naarmate de milieuclaims absoluter zijn geformuleerd.

In het onderhavige geval is weliswaar geen sprake van een absolute milieuclaim - gesteld wordt “vrolijker” - maar naar het oordeel van de Commissie wordt aldus wel een te mooie voorstelling van zaken gegeven. Zij overweegt daartoe het volgende.

Klager heeft onder verwijzing naar de inhoud van bij de klacht overgelegde bijlagen gemotiveerd weersproken dat “het hele Nederlandse milieu, ja zelfs de aarde vrolijker” wordt, waar het betreft het gebruik van houtkachels, waar deze mededeling mede betrekking op heeft. Meer in het bijzonder heeft hij gesteld dat het gebruik van houtkachels niet milieuvriendelijk is gezien de uitstoot van schadelijke stoffen, dat deze kachels niet CO2 neutraal zijn omdat hout een fossiele brandstof is, en dat houtkachels bijdragen aan luchtverontreiniging, waarvan volgens onderzoek van onder meer de GGD, mensen gezondheidsklachten kunnen ondervinden.

Gelet op deze gemotiveerde betwisting lag het op de weg van adverteerder om de juistheid van de mededeling: “Daar wordt het hele Nederlandse milieu, ja zelfs de aarde vrolijker van” aan te tonen. Naar het oordeel van de Commissie is adverteerder daarin niet geslaagd. In reactie op de klacht heeft adverteerder erkend dat er fijnstof vrijkomt bij het stoken van houtkachels, hetgeen volgens haar erg vervelend zal zijn voor patiënten. Dat deze fijnstof slechts ongeveer 0,5% van de totale Nederlandse uitstoot van fijnstof uitmaakt, zoals adverteerder heeft betoogd, neemt niet weg dat er sprake is van het leveren van een bijdrage door houtkachels aan de uitstoot van fijnstof.

Nu adverteerder de juistheid van de onderhavige milieuclaim niet heeft aangetoond, acht de Commissie de uiting in strijd met de artikelen 2 en 3 MRC.