RB
DOSSIERS
Alle dossiers
Gepubliceerd op dinsdag 25 augustus 2026
RB 4108
Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) ||
6 aug 2026,
Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 6 aug 2026,, RB 4108; 2026/00334 (klacht tegen Philip Morris Benelux), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/philip-morris-campagne-over-eu-tabaksconsultatie-is-verboden-tabaksreclame

Uitspraak ingezonden door Laura van Gijn en Sietske de Boer, De Roos.

Philip Morris-campagne over EU-tabaksconsultatie is verboden tabaksreclame

SRC 6 augustus 2026, RB 4108; 2026/00334 (klacht tegen Philip Morris Benelux). In deze zaak staat een klacht centraal over de campagne Your Voice, Your Choice van Philip Morris Benelux. De campagne bestaat uit een poster en flyer in tabaksspeciaalzaken en de website yourvoicedecides.com. Op de poster en flyer staat onder meer dat de keuzevrijheid van consumenten gevaar loopt doordat nieuwe Europese wetgeving alternatieve tabaksproducten ingrijpend zou kunnen veranderen of verbieden. Via een QR-code komen consumenten op de website, waar zij informatie krijgen over de herziening van de Europese Tabaksproductenrichtlijn en via een interactieve toepassing een reactie op de publieke consultatie van de Europese Commissie kunnen opstellen. Op de website worden onder meer e-sigaretten, nicotinezakjes en verhitte tabaksproducten besproken. In toelichtingen bij de vragen worden alternatieve tabaksproducten onder meer als betere en minder schadelijke alternatieven gepresenteerd. Volgens klagers is de campagne daarom verboden tabaksreclame en daarnaast in strijd met verschillende bepalingen van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Philip Morris stelt dat de campagne geen reclame is, maar consumenten informeert over de Europese consultatie en burgerparticipatie ondersteunt. 

De Reclame Code Commissie oordeelt eerst dat de uitingen reclame zijn in de zin van art. 1 NRC. De positieve waarderingen van alternatieve tabaksproducten en de presentatie van een beperking van hun beschikbaarheid als bedreiging voor de keuzevrijheid bevatten een aanprijzend element. Het gaat daarom niet om zuiver feitelijke informatie over voorgenomen regelgeving. De uitingen zijn ook reclame in de zin van art. 1 lid 1 Trw. De Commissie merkt ze aan als commerciële mededelingen, omdat Philip Morris de campagne heeft geïnitieerd en betaald en de poster en flyer via haar bestaande verkooppunten rechtstreeks onder consumenten heeft verspreid. De vorm van een oproep tot deelname aan een publieke consultatie verandert dat commerciële karakter niet. Daarbij zetten de uitingen alternatieve tabaksproducten in een gunstig daglicht door deze als waardevolle, betere en minder schadelijke alternatieven te presenteren. De wettelijke uitzonderingen op het reclameverbod uit art. 5 Trw zijn niet van toepassing, omdat de uitingen geen reguliere productpresentatie of verkooppuntaanduiding zijn en de website bovendien niet aan een verkooppunt is gebonden. De campagne is daarom in strijd met het reclameverbod van art. 5 lid 1 Trw en daarmee met art. 2 NRC. De Commissie bespreekt de overige klachtgronden niet afzonderlijk en beveelt Philip Morris aan niet meer op deze manier reclame te maken. Het verzoek om de uitspraak als Alert te verspreiden wijst zij af, mede omdat het interactieve deel van de website medio juni 2026 al was beëindigd. 

8. Naar het oordeel van de Commissie kwalificeren de uitingen als commerciële mededelingen. Zij zijn geïnitieerd en bekostigd door verweerder, een onderneming die tabaksproducten en aanverwante producten produceert en verhandelt, en zijn via de bestaande verkooppunten van verweerder verspreid, specifiek gericht op de consument. Dat de uitingen zijn vormgegeven als een oproep tot deelname aan een publieke consultatie, doet aan dit commerciële karakter niet af. Daarnaast plaatsen de uitingen, zoals onder de randnummers 5 en 6 is vastgesteld, de betrokken alternatieve tabaksproducten in een gunstig daglicht. Dit blijkt uit de positieve waarderingen in de mouse-overs bij de vragen 4 en 5 en uit de toonzetting van de flyer, de poster en de website als geheel. De alternatieve tabaksproducten worden gepresenteerd als waardevolle, "betere" en "minder schadelijke" alternatieven die voor de consument behouden zouden moeten blijven wegens hun smaak, uiterlijk en nicotinegehalte. Daarmee prijzen de uitingen deze producten aan en is sprake van reclame in de zin van artikel 1 lid 1 Trw, nu op grond van het bovenstaande aangenomen kan worden dat elke vorm van aanprijzing van tabaksproducten of aanverwante producten in ieder geval onder het reclamebegrip van de Trw valt.

10. Op grond van het voorgaande vallen de bestreden uitingen onder het reclamebegrip van artikel 1 lid 1 Trw. Nu zij niet onder een van de in artikel 5 Trw genoemde uitzonderingen vallen, zijn de uitingen in strijd met het in artikel 5 lid 1 Trw neergelegde reclameverbod. Dat betekent dat verweerder dit reclameverbod heeft overtreden en aldus heeft gehandeld in strijd met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC. Bij deze uitkomst behoeven de overige gronden geen afzonderlijke bespreking, nu reeds sprake is van bij wet verboden reclame. De Commissie ziet voorts in de omstandigheden van het onderhavige geval onvoldoende aanleiding om de beslissing, zoals door klagers verzocht, als 'Alert' te laten verspreiden, mede nu zij ambtshalve heeft vastgesteld dat het interactieve gedeelte van de website medio juni 2026 is beëindigd