RB
Gepubliceerd op maandag 2 maart 2015
RB 2327
De weergave van dit artikel is misschien niet optimaal, omdat deze is overgenomen uit onze oudere databank.

Klacht over 'Een kikker laat zich niet koken' afgewezen

RCC 6 februari 2015, RB 2326, 2014/00862 (Triodos Bank- kikker) - 2014/00862A - 2014/00862B
Afwijzing. Goede smaak en/of fatsoen. Niet bedoeld tot aanzetten tot veroorzaken van dierenleed. Het betreft een televisiecommercial voor ‘Triodos Bank’. In de commercial is een boomkikker te zien die zich bevindt in een bak met water met daaronder een gasbrander die het water aan het verwarmen is. De voice-over zegt: “Ken jij het verhaal van de kikker en het kokende water? Als een kikker in heel heet water valt springt ie d’er meteen uit. Maar leg je ‘m in koud water en breng je dat water langzaam aan de kook dan blijft ie zitten. (...)

1. De Commissie begrijpt de klacht aldus, dat klager de televisiecommercial in strijd acht met de goede smaak en/of fatsoen als bedoeld in artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Gelet op het subjectieve karakter van deze criteria stelt de Commissie zich, bij de beoordeling of een uiting daarmee in strijd is, terughoudend op. Met inachtneming van deze terughoudendheid is de Commissie op grond van het volgende van oordeel dat in de onderhavige uiting de grens van wat naar huidige maatschappelijke opvattingen toelaatbaar moet worden geacht niet is overschreden.

2. In de onderhavige commercial is een kikker te zien die uit het (ogenschijnlijk) verwarmde water springt. De commercial is duidelijk niet bedoeld om mensen aan te zetten tot het veroorzaken van dierenleed, maar om het publiek aan te zetten tot kritisch denken: net zoals de kikker niet in het langzaam aan de kook gebrachte water blijft zitten tot hij sterft, zo zal de gehele mensheid in staat kunnen zijn om zich aan te passen aan langzaam veranderende en uiteindelijk bedreigende omstandigheden, zoals de opwarming van de aarde of het disfunctioneren van de economie. Gelet op de strekking van de commercial, het aan de kaak stellen van de onjuiste, maar ingesleten ‘boiling frog’-mythe, kan niet worden geoordeeld dat sprake is van het aanzetten tot navolging. Adverteerder heeft ook voldoende aannemelijk gemaakt dat de beelden in de televisiecommercial zodanig zijn bewerkt, dat het slechts lijkt alsof een kikker wordt verwarmd. Dit is in werkelijkheid niet gebeurd, terwijl voor het overige ook niet is gebleken van dierenmishandeling. Tegen deze achtergrond kan niet kan worden gezegd dat marketeers worden neergezet als gewetenloze schoften.

3. Het voorgaande neemt overigens niet weg dat de Commissie er begrip voor heeft dat niet iedereen de onderhavige uiting zal waarderen. Dit leidt evenwel niet tot een andere beslissing.