RB 3019

Honeyandmore.nl mag honing niet aanprijzen als een gezondheidsvoordeel

RCC 11 oktober 2017, RB 3019; dossiernr. 2017/00555 (Honeyandmore.nl) Aanbeveling. De uiting: Het betreft een aantal mededelingen van adverteerder op haar website 'honeyandmore.nl'. Klager is van mening dat de volgende claims in de reclame-uitingen op de website van adverteerder niet zijn toegestaan. I. Dat “pure honing” door zijn voedingstoffen bijdraagt aan “het herstel en het voorkomen van lichamelijke kwalen” en bijenproducten aan “een gezonder lichaam” zijn gezondheidsclaims die niet zijn opgenomen in de bijlage bij de Verordening (EG) 1924/2006 (de Claimsverordening) en dus niet toegestaan. II. Ten tweede meldt de uiting: “Bijenpollen echte Superfood!” en dat “bijenpollen een van de meest complete voedingsstoffen op aarde” is. Deze mededelingen impliceren heilzame voedingseigenschappen met betrekking tot nutriënten of andere stoffen die het in verhoogde hoeveelheden bevat, zodat sprake is van een voedingsclaim. De uiting spreekt daarbij over rijkheid aan natuurlijke vetten, vitamines, aminozuren en minerealen. Niet is gebleken dat daarbij is voldaan aan de voorwaarden zoals door de Claimsverordening gesteld. 

III. Ten derde wordt vermeld dat bijenbrood “zeer rijk is aan verschillende vitamines, mineralen en aminozuren”. Ook hier is niet aan de door de Claimsverordening gestelde voorwaarden voldaan. IV. Verder wordt “propolis” aangeprezen als natuurlijk desinfectans. Het toeschrijven van anti-microbiële effecten aan propolis is wegens gebrek aan wetenschappelijke bewijs niet toegestaan. V. Tenslotte wordt geclaimd dat royal jelly “zeer goed werkt tegen lusteloosheid, vermoeidheid en depressiviteit”. De claim met betrekking tot lusteloosheid is niet opgenomen in de toegestane lijst. Die voor vermoeidheid is niet-toegestaan omdat het niet aan de eisen van de Claimsverordening voldoet wegens gebrek aan wetenschappelijk bewijs (ID 1231). De claim met betrekking tot depressiviteit is feitelijke reclame voor een geneesmiddel, nu depressie een ziekte is. Er is geen handelsvergunning verleend voor dit product voor die aandoening.

1.  De Commissie begrijpt dat de klacht is gericht tegen de mededelingen van adverteerder op haar website ‘honeyandmore.nl’ over diverse daarop aangeprezen producten die inhouden dat (I) deze door zijn voedingstoffen bijdragen aan het herstel en het voorkomen van lichamelijke kwalen en aan een gezonder lichaam, (II) een “superfood” zijn en “één van de meest complete voedingsstoffen op aarde” en voor een “een rijkheid aan natuurlijke vetten, vitamines, mineralen en aminozuren” zorgen, (III) zeer rijk is aan verschillende vitamines, mineralen en aminozuren, (IV) een natuurlijk desinfectans is en (V) zeer goed werkt tegen lusteloosheid, vermoeidheid en depressiviteit. Deze mededelingen bevatten volgens klager niet toegestane voedings-, gezondheids- en medische claims waardoor in strijd met de Nederlandse Reclame Code (NRC) wordt gehandeld.

De hier bedoelde mededelingen dienen per uiting afzonderlijk te worden beoordeeld, nu daarop een uiteenlopend toetsingskader van toepassing is.

2. Ten aanzien van de mededeling dat de aangeprezen producten “bijdragen aan het herstel en het voorkomen van lichamelijke kwalen” (uiting I), “een natuurlijk desinfectans” is (uiting IV) en “zeer goed werkt tegen lusteloosheid (,…) en depressiviteit” (uiting V).

In de bovengenoemde uitingen worden claims gebruikt die in strijd zijn met de artikelen 19 en 20 van de Warenwet en art. 10 van de CAG. Dat wil zeggen dat er sprake is van aanprijzingen met geneeskundige inhoud of toespelingen daarop. Bovendien is sprake van strijdigheid met art. 84 van de Geneesmiddelenwet omdat door het gebruik van de medische claims de producten volgens het aandieningscriterium geneesmiddelen zijn en daarvoor de wettelijke vereiste handelsvergunning niet is afgegeven. De gezondheidsproblemen waarnaar wordt verwezen, zullen door de gemiddelde consument immers kunnen worden opgevat als een ziekte, gebrek of pijn bij de mens (vgl. de definitie van geneesmiddel in artikel 1 aanhef en onder b sub 1 Geneesmiddelenwet). De werking die daarbij wordt gesuggereerd, kan worden opgevat als het genezen, verminderen of het voorkomen daarvan. De Commissie oordeelt op grond van het voorgaande, in navolging van de Keuringsraad KOAG/KAG, dat de producten door de hiervoor weergegeven mededelingen volgens het aandieningscriterium als bedoeld in artikel 1 aanhef en onder b Geneesmiddelenwet als een geneesmiddel dienen te worden gekwalificeerd.

Voor reclame voor een geneesmiddel is vereist dat hiervoor een handelsvergunning is verleend als bedoeld in artikel 84 lid 1 Geneesmiddelenwet. Niet gesteld of gebleken is dat voor de aangeprezen producten een dergelijke handelsvergunning is verleend. Om die reden is de uiting in strijd met het verbod van artikel 84 lid 1 Geneesmiddelenwet en daardoor in strijd met artikel 2 NRC. Tevens is de uiting daardoor in strijd met artikel 4 Code Publieksreclame voor Geneesmiddelen (CPG) 2015.

3. Ten aanzien van de mededeling dat aangeprezen producten “verschillende gezondheidsvoordelen” hebben en bijdragen “aan een gezonder lichaam” (uiting I) en “goed werkt tegen (…) vermoeidheid” (uiting V).  

De bestreden claims betreffen gezondheidsclaims in de zin van Verordening (EG) 1924/2006 (de Claimsverordening). Met de mededelingen dat de aangeprezen producten verschillende gezondheidsvoordelen hebben, bijdragen aan een gezonder lichaam en goed werken tegen vermoeidheid wordt de indruk gewekt of geïmpliceerd dat er een verband bestaat tussen deze levensmiddelen of een bestanddeel daarvan en de gezondheid. Dergelijke gezondheidsclaims mogen ingevolge de Claimsverordening uitsluitend worden gebruikt indien de claims door de Europese Commissie zijn goedgekeurd en zijn geplaatst op de communautaire lijst van toegestane claims als bedoeld in artikel 13 lid 3 Claimsverordening. De KOAG/-KAG heeft bevestigd dat alle claims voor honing zijn afgewezen. Hierdoor is gehandeld in strijd met artikel 10 lid 1 Claimsverordening en in strijd met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC.

4. Ten aanzien van de mededeling dat bijenpollen een superfood zijn die zorgen voor “een rijkheid aan natuurlijke vetten, vitamines aminozuren en mineralen” en “een van de meest complete voedingsstoffen op aarde” (uiting II) en bijenbrood “zeer rijk is aan” vitamines en mineralen (uiting III).

Naar het oordeel van de Commissie zijn deze mededelingen in de onderhavige context voedingsclaims als bedoeld in artikel 2 lid 4 van de Europese Verordening inzake voedings- en gezondheidsclaims voor levensmiddelen (Claimsverordening), meer in het bijzonder de claims “rijk aan” als vermeld in de bijlage bij die verordening. De claim dat een levensmiddel rijk is aan vitaminen en/of mineralen, is gelet op deze bijlage bij de Claimsverordening alleen toegestaan indien het product tenminste een bepaalde hoeveelheid bevat van de betreffende vitaminen en/of mineralen. Het is aan de adverteerder om bij een gemotiveerde klacht aan te tonen dat is voldaan aan de vereisten. Nu adverteerder dit heeft nagelaten, acht de Commissie de mededelingen “(zeer) rijk aan” en “de rijkheid aan” in strijd met de Claimsverordening en daardoor in strijd met de wet als bedoeld in artikel 2 NRC. 

5. Gelet op het voorgaande beslist de Commissie als volgt.   

De beslissing

De Commissie acht op grond van hetgeen in onderdeel 2 is geoordeeld de uitingen I, IV en V in strijd met artikel 2 NRC en artikel 4 Code Publieksreclame voor Geneesmiddelen (CPG) 2015 en op grond van hetgeen in onderdeel 3 en 4 is geoordeeld uitingen I, II, III en V in strijd met artikel 2 NRC. De Commissie beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.