Diensten

RB 747

Conclusie AG HvJ EU: "vanaf"-prijs misleidende omissie?

Conclusie A-G Mengozzi HvJ EU 3 februari 2011, in zaak C-122/10, Konsumentombudsmannen KO tegen Ving Sverige AB (prejudiciële vragen marknadsdomstolen, Zweden)

Reclamerecht. Oneerlijke handelspraktijken. Prejudiciële vragen n.a.v. een Zweedse vliegvakantieadvertentie. De Zweedse ombudsman was van mening dat de geplaatste advertentie een commerciële boodschap was in de vorm van een uitnodiging tot aankoop, die een misleidende omissie bevatte, omdat er slechts een “vanaf”-prijs was vermeld en informatie over de voornaamste kenmerken van het aangeboden product ontbrak of tekortschoot.

De prejudiciële vragen betreffen o.a. de begrippen “uitnodiging tot aankoop” en “kenmerken van het product”, alsook de Vermelding van een “vanaf”-prijs  en de ereiste van informatie over het geadverteerde product en de prijs ervan om de consument in staat te stellen een aankoop te doen. De AG ziet in zijn conclusie vooral een taak voor de nationale rechter:

64. Gezien alle voorgaande overwegingen stel ik het Hof voor om op de door de marknadsdomstolen gestelde prejudiciële vragen te antwoorden als volgt:

1) Artikel 2, sub i, van de (…) richtlijn oneerlijke handelspraktijken, verzet zich er niet tegen dat in een commerciële boodschap naar het product wordt verwezen in woord of beeld; een dergelijke verwijzing kan voldoende zijn voor de vervulling van de voorwaarde ten aanzien van de kenmerken van een product. Deze bepaling verzet zich in beginsel evenmin tegen het gebruik van een gemeenschappelijke omschrijving van het product, voor zover uit de commerciële boodschap redelijkerwijs kan worden afgeleid dat er verschillende varianten van het product bestaan. Het is echter aan de verwijzende rechter om per geval te beoordelen, rekening houdend met het betrokken product en het gebruikte medium, of een redelijk geïnformeerde, omzichtige en oplettende gemiddelde consument in staat is om het product te identificeren op basis van de gemeenschappelijke presentatie en omschrijving in de commerciële boodschap.

2) Het is tevens aan de verwijzende rechter om na te gaan of de vermelding van een „vanaf”-prijs enerzijds passend is voor het gebruikte medium, en anderzijds voor de consument volstaat om, nadat hij het betrokken product heeft geïdentificeerd, te kunnen begrijpen dat het beschreven of weergegeven product tegen die prijs kan worden gekocht.

3) De in artikel 2, sub i, van richtlijn 2005/29/EG met de woorden „en de consument aldus in staat stelt een aankoop te doen” omschreven voorwaarde kan niet zo worden uitgelegd dat van een uitnodiging tot aankoop slechts sprake is wanneer de commerciële boodschap een daadwerkelijke mogelijkheid tot koop inhoudt of wanneer deze boodschap in de buurt van een verkooppunt is aangeplakt. De genoemde zinsnede moet integendeel worden uitgelegd als een algemeen criterium om te kunnen vaststellen of de consument objectief gezien over voldoende informatie over het product, de prijs en de verkoper beschikt om de aankoop te kunnen doen.

Mocht het Hof echter beslissen dat een commerciële boodschap slechts als een uitnodiging tot aankoop kan worden beschouwd indien zij een daadwerkelijke mogelijkheid tot aankoop biedt, dan kan de vermelding van een telefoonnummer of een website als daadwerkelijke aankoopmogelijkheid worden aangemerkt, waarbij het aan de verwijzende rechter is na te gaan of daadwerkelijk tot aankoop kan worden overgegaan door genoemd telefoonnummer te bellen of genoemde website te raadplegen.

4) Atikel 7, lid 4, sub a, van richtlijn 2005/29 moet aldus worden uitgelegd dat een uitnodiging tot aankoop kan volstaan met slechts enkele van de voornaamste kenmerken van het betrokken product te vermelden. De andere voornaamste kenmerken kunnen buiten het voor de uitnodiging tot aankoop gebruikte medium om worden aangegeven, wanneer hun vermelding in de uitnodiging zelf hetzij niet nodig (gelet op de context of het betrokken product) hetzij niet mogelijk is (gelet op het gebruikte medium) en de handelaar voor nadere informatie zijn website of een ander vergelijkbaar medium verwijst, mits deze website of dit medium de consument daadwerkelijk in staat stelt toegang te krijgen tot de aanvullende informatie over de voornaamste kenmerken. Het is aan de verwijzende rechter om al deze punten te beoordelen en na te gaan of de ontbrekende vermelding van enkele van de voornaamste kenmerken in de uitnodiging tot aankoop de consument in ieder geval niet heeft belet een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen.

5) Voor de vervulling van de informatieverplichting ten aanzien van de prijs in de zin van artikel 7, lid 4, sub c, van richtlijn 2005/29 is de vermelding van een „vanaf”-prijs slechts voldoende wanneer vermelding van de berekeningswijze van de eindprijs of van eventuele extra kosten en wie deze betaalt, hetzij niet noodzakelijk is (gelet op de context of het betrokken product) hetzij niet mogelijk (gelet op het gebruikte medium) en de handelaar voor nadere informatie naar zijn website of naar een ander vergelijkbaar medium verwijst, mits deze website of dit medium de consument daadwerkelijk in staat stelt om toegang te krijgen tot deze informatie. Het is aan de verwijzende rechter al deze punten te beoordelen en na te gaan of het ontbreken van de vermelding in de uitnodiging tot aankoop van de berekeningswijze van de eindprijs of van eventuele extra kosten en wie deze betaalt, de consument in ieder geval niet heeft belet een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen.

Lees de conclusie hier.

Regelingen: Richtlijnen 2005/29/EG97/7/EG, 98/27/EG, 2002/65/EG en Verordening (EG) nr. 2006/2004

RB 745

DAS Rechtsbijstand "Ermelo"


Grotere kaart weergeven

CVB 22 maart 2011, Dossiernr: 2010/00852 (DAS Rechtsbijstand Ermelo)

In een radiocommercial hoort men een conflictbespreking tussen Hans met een klant in Ermelo (Zuid-Afrika, red. zie inzet de twee Ermelo's) over transportkosten die niet waren vermeld in de Algemene voorwaarden. "Algemene voorwaarden die ondernemers hanteren hebben nog weleens zwakke plekken" zegt de voice-over. Klacht: DAS verleent geen rechtsbijstand igv conflict met buitenlandse klant, zo heeft klager ervaren. Commissie oordeelt dat omdat de suggestie wordt gewekt dat conflicten met buitenlandse afnemers onder de dekking vallen, wat niet zo is. Misleidend op de voornaamste kenmerken, strijd met art. 8.2 aanhef en onder a NRC, misleidend en daarom oneerlijk ex art. 7.

In beroep stelt DAS dat ook die gevallen onder bepaalde omstandigheden onder de dekking van Das Rechts­partner vallen. Dat daarbij, zoals bij verzekeringen gebruikelijk, diverse voor­waar­den en uitsluitingen gelden, maakt de reclame-uiting niet onjuist of mis­leidend gelet op de zeer algemene strekking daarvan. De grieven treffen derhalve doel. Het College vernietigt de beslissing van de Commissie en wijst de klacht alsnog af.

2. (...) Wel wekt de commercial de indruk dat ook bij dergelijke geschillen een beroep kan worden gedaan op DAS Rechtspartner. DAS heeft in beroep onweersproken ge­steld dat ook die gevallen onder bepaalde omstandigheden onder de dekking van DAS Rechts­partner vallen. Dat daarbij, zoals bij verzekeringen gebruikelijk, diverse voor­waar­den en uitsluitingen gelden, maakt de reclame-uiting niet onjuist of mis­leidend gelet op de zeer algemene strekking daarvan. De grieven treffen derhalve doel.

Lees de uitspraak hier(link) en hier(pdf).

Regeling: NRC art. 7 en art. 8.2 aanhef en onder c (door vernietiging niet toegepast).

RB 741

Autokruispunt.be "Je vrouw was toch ook geen maagd meer tijdens je eerste huwelijksnacht?" (BE)

JEP Jury in hoger beroep 10 februari 2011, beslissing 3098 (Autokruispunt.be “Je vrouw was toch ook geen maagd meer tijdens je eerste huwelijksnacht?”) Met dank aan Anne Voerman, Boekx Advocaten voor de nabeschouwing.

Het betreft een advertentie voor tweedehands auto’s. Op de foto is een model in zwarte lingerie afgebeeld met daarbij de slogan: “Je vrouw was toch ook geen maagd meer tijdens je eerste huwelijksnacht?” (red. klik plaatje voor vergroting). Klager meent dat de reclame vernederend is voor de vrouw omdat zij wordt gelijkgesteld met een gebruiksvoorwerp. Adverteerde heeft daar tegenin gebracht dat de afbeelding en tekst van de advertentie een metafoor zijn. Iedereen kan even gelukkig zijn met een partner die al eerdere relaties achter de rug heeft. Zo zit het ook met tweedehands auto’s. In eerste aanleg kreeg de adverteerde de deksel op de neus. De adverteerder liet het er niet bij zitten en ging in hoger beroep.

De Belgische Jury voor Ethische Praktijken inzake Reclame (JEP) oordeelde in hoger beroep wederom dat de reclame-uiting onfatsoenlijk en vrouwonvriendelijk is. Daarom is de reclame in strijd met artikelen 1, 2 en 4 Code van de Internationale Kamer van Koophandel en punt 2 en 4 Regels inzake de afbeelding van de mens. JEP in hoger beroep verzoekt de adverteerder de advertentie niet meer te verspreiden. 

Aangezien de adverteerder niet heeft aangegeven de uitspraak van JEP na te leven, heeft JEP aan de media een verzoek gestuurd de reclame niet meer te plaatsen op basis van artikel 10 van het Juryreglement.

Lees voor een NL-BE vergelijkende nabeschouwing verder...

De afbeelding en de tekst zijn duidelijk suggestief (seksuele relaties worden vergeleken met het gebruik van een wagen) en herleiden de vrouw tot een gebruiksvoorwerp.

De Jury merkt op dat er geen enkele reden is om de vrouw op dergelijke wijze af te beelden in een reclame voor tweedehandsvoertuigen.

Dergelijke instrumentalisering van de vrouw voor commerciële doeleinden is aanstootgevend en van aard om stereotypen die indruisen tegen de evolutie in de maatschappij te bestendigen en de maatschappelijke waardigheid van de vrouw aan te tasten, hetgeen strijdig is met de artikelen 1,2 en 4 van de code van de Internationale Kamer van Koophandel en de punten 2 en 4 van de JEP regels inzake de afbeelding van de mens.

De Jury in hoger beroep vestigt er tevens de aandacht op dat de Jury in eerste aanleg verwezen heeft naar een Jurybeslissing in een gelijkaardig dossier en er dus consistentie is in de rechtspraak van de JEP terzake.
De Jury in hoger beroep verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de beslissing van de Jury in eerste aanleg, zijnde een beslissing tot stopzetting van deze reclame.

Lees de uitspraak hier (link) en hier (pdf).

Regeling: 
Code van de Internationale Kamer van Koophandel art. 1, 2 en 4
Regels inzake de afbeelding van de mens punt 2 en 4
Juryreglement art. 10

Nabeschouwing: Wat wel en niet in strijd is met de goede zeden is geen gemeengoed. De Belgische goede zeden lijken wat kuiser dan de Nederlandse. Dat de RCC zich minder stoort aan erotiek in reclame blijkt bijvoorbeeld uit zijn uitspraak in over een pittige campagne van het lingeriemerk Sapph. Volgens RCC overschreed de foto met een vrouw in lingerie met een uitdagende, erotisch geladen pose niet de grenzen van het toelaatbare. Lees het eerdere bericht hier en het dossier van de RCC hier

Ook oordeelde de Reclamecodecommissie in november 2010 dat de Shameless campagne van Suit Supply niet in strijd is met de goede zeden. Lees het eerdere bericht hier. JEP oordeelde over precies dezelfde campagne anders in haar uitspraak van 13 januari 2011. Vier foto’s uit de campagne Suit Supply konden volgens JEP niet door de beugel. De vrouw werd daarop teveel als lustobject of als onderdanig aan de man afgebeeld. JEP oordeelde dat de reclame-uitingen: “stereotypen bestendigen die indruisen tegen de evolutie van de maatschappij en de waardigheid van de vrouw aantasten”. Lees de uitspraak van JEP hier.

De huidige campagne van banensite Autojobs.nl zou in België daarom wel eens minder gewaardeerd kunnen worden:

RB 737

Hypodomus: Deurhanger is geen brievenbus

RCC 24 december 2010, Dossiernr: 2010/00811 (Hypodomus deurhanger)

Reclamerecht, bijzondere reclamecode, Code verspreiding ongeadresseerd reclamedrukwerk (VOR). Uiting betreft een deurhanger die dienst doet als folder van makelaar- en hypotheekadviseur Hypodomus. Klacht: ondanks NEE/NEE-sticker is deze deurhanger aan deur van klager gehangen. Verweer: de uiting werd aan deurknop gehangen, en niet in of op de brievenbus. Op de onduidelijk geformuleerde klacht heeft adverteerder niet gereageerd. De RCC legt een test aan, ex art. 2.2 Code VOR: de betekenis van de NEE/NEE-sticker neer op dat de bewoner of gebruiker van het perceel geen prijs stelt op reclamedrukwerk. Strijd met art. 3.1 Code VOR en doet een aanbeveling.

Het oordeel van de Commissie

De uiting betreft reclamedrukwerk dat gratis huis-aan-huis wordt verspreid zonder vermelding van adres en woonplaats van de ontvanger en moet daarom worden beschouwd als ongeadresseerd reclamedrukwerk in de zin van artikel 1.1 sub d van de Code Verspreiding Ongeadresseerd Reclamedrukwerk (Code VOR).
 
Niet is weersproken dat klager een NEE/NEE sticker op zijn brievenbus heeft aangebracht als bedoeld in bijlage 1 bij de Code VOR. Blijkens artikel 2.2 Code VOR wordt met een dergelijke sticker aangegeven dat de bewoner of gebruiker van het desbetreffende perceel geen prijs stelt op de ontvangst van ongeadresseerd reclamedrukwerk en huis-aan-huisbladen.
 
Ondanks de aanwezigheid van een NEE/NEE sticker is de van Hypodomus afkom­stige deurhanger aan klagers voordeur gehangen. Naar het oordeel van de Com­mis­sie heeft Hypodomus hierdoor gehandeld in strijd met artikel 3.1 Code VOR, waarin is bepaald – voor zover hier van belang – dat een afzender van ongeadres­seerd reclamedrukwerk alle maatregelen en voorzieningen moet treffen die nood­zakelijk zijn om de respectering van de NEE/NEE sticker te bereiken. Het verweer dat de deurhanger niet in de brievenbus is gedaan en daarom buiten het bereik van de NEE/NEE sticker valt, houdt geen stand. Onder ontvangst van ongeadresseerd reclamedrukwerk, waarop klager blijkens de sticker geen prijs stelt, dient ook te worden begrepen het hangen van een folder aan de deurknop van een voordeur.
 
De Commissie acht voldoende aannemelijk geworden dat klager zich voorafgaand aan het indienen van de onderhavige klacht schriftelijk bij Hypodomus als afzender heeft beklaagd over het in strijd met de NEE/NEE sticker ontvangen van de deur­hanger, en de afhandeling van zijn klacht door de afzender onbevredigend heeft geacht, zodat is voldaan aan de bepalingen in de artikelen 5 en 6 Code VOR.

Lees de uitspraak hier(link) of hier(pdf).
Zie o.a. hier bij de Consumentenbond hoe Hypodomus wordt gedacht.

Regeling: Code VOR: art. 1.1, 2.2, 3.1, 5 en 6. 

RB 730

Volgorde en naam pakketten: stijgende dekking?

RCC 17 februari 2011, Dossiernr: 2010/00801 (Avéro Achmeao - alternatieve geneeswijzen)

Reclamerecht. Vergoeding van alternatieve geneeswijzen in aanvullende verzekeringen van Avéro Achmea online; (klik plaatje(vergroting) of hier(pdf) voor uiting) misleiding voornaamste kenmerken, product, ontbrekende informatie. Aanvullend pakket Start, Extra, Royaal en Excellent suggereert een stijgende lijn in de dekking van de pakketten; bij Excellent-pakket aantal (niet-)artsen wiens behandelingen worden vergoed is kleiner, en niet-expliciete vermelding van te vergoede behandelingen; terwijl bij Start-pakket wel vermeld.

Verweer: geen reclame; voor aspirant-verzekerden. Met de aanvullende informatie waarnaar op de website wordt verwezen is een duidelijk en overzichtelijk beeld gegeven rondom vergoeding alternatieve geneeswijzen in aanvullende verzekeringen. RCC: overgangsrecht; oordeel naar oude definitie "reclame"; volgorde waarin de pakketten zijn opgenomen ontstaat de indruk een stijgende lijn in dekking en vergoedingen. Hyperlinken naar een compleet dekkingsoverzicht en de polisvoorwaarden is onvoldoende om de onduidelijkheid in de gewraakte uiting weg te nemen. RCC acht strijd met art. 7 NRC.

Het oordeel van de Commissie
 
1. In de eerste plaats dient beoordeeld te worden of de bestreden uiting reclame betreft in de zin van de Nederlandse Reclame Code. Met ingang van 1 januari 2011 is het aangepaste artikel 1 NRC, waarin wordt gedefinieerd wat onder reclame moet worden verstaan, in werking getreden. Krachtens het daarbij geldende overgangsrecht moeten klachten die zijn ingediend voor 1 januari 2011 en betrekking hebben op uitingen die zijn gepubliceerd in 2010 en niet meer in 2011 worden beoordeeld met toepassing van de definitie van  reclame in het oude artikel 1 NRC.

Nu de onderhavige klacht is ingediend in oktober 2010 en niet is gebleken dat de bestreden webpagina ook in 2011 in deze vorm is gehandhaafd, beantwoordt de Commissie de vraag of sprake is van een reclame-uiting aan de hand van het tot 1 januari 2011 geldende artikel 1 NRC. Hierin is bepaald dat onder reclame wordt verstaan iedere openbare aanprijzing van goederen, diensten of denkbeelden, alsmede het vragen van diensten. Naar het oordeel van de Commissie bevat de bestreden uiting openbaar beschikbare informatie die een aanprijzing inhoudt van de aanvullende verzekeringen van verweerder. Blijkens mededeling van verweerder is de uiting gericht op aspirant-verzekerden, wat het wervende karakter van de uiting onderstreept. Gelet hierop wordt de bestreden uiting beschouwd als een reclame-uiting in de zin van de NRC.
 
2. De vier aanvullende verzekeringspakketten zijn genaamd Start, Extra, Royaal en Excellent. Door de volgorde waarin de pakketten zijn opgenomen in de uiting en door de benaming ontstaat de indruk dat een volgend pakket wat betreft dekking en vergoedingen een uitbreiding betekent van het voorafgaande pakket. Vast is komen te staan dat dit met betrekking tot de dekking van alternatieve geneeswijzen niet het geval is. Bij het Start-pakket is sprake van een dekking voor een breed scala aan alternatieve geneeswijzen, terwijl de dekking bij het Excellent-pakket beperkt blijkt te zijn tot een limitatieve opsomming van artsen en overige zorgverleners.

Deze beperking, waarop de consument niet bedacht hoeft te zijn, wordt in de bestreden uiting niet vermeld. Het opnemen van een link naar een compleet dekkingsoverzicht en de polisvoorwaarden is onvoldoende om de onduidelijkheid in de gewraakte uiting weg te nemen.
 
3. Gelet op het voorgaande is de uiting gepaard gegaan met onduidelijke of dubbelzinnige informatie over de aard van de door verweerder aangeboden aanvullende verzekeringen als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en sub a van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Omdat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over de transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Lees de uitspraak hier(link) en hier(pdf).

Regeling: NRC (nieuw) art. 7, NRC (nieuw) art. 8.2 onder a; oude definitie reclame

RB 724

OP=OP, voldoende? Handdoek in de ring?

RCC 17 februari 2011, Dossiernr: 2010/00875

Reclamerecht. Actie-aanbieding bij Kruidvat waarbij geldt voor Niveau for men-producten: "2+1 gratis+ voor Niveau for Men-handdoek" is aangekondigd. Nu blijkt dat 3,5 uur nadat de actie van start is gegaan geen handdoeken meer voorradig zijn. Hoewel op=op, en nalevering op 2e en 2e dag, rust op filiaalbedrijven (...) de  verplichting om zodanige maatregelen te treffen dat, indien geen specifieke uitzonderingen worden genoemd, een aanbieding in alle verkooppunten wordt nagekomen. Strijd met algemene aanbeveling sub h NRC, strijd met artikel 7 NRC; aanbeveling.

Op grond van de algemene aanbeveling sub h van de Nederlandse Reclame Code (NRC) rust op filiaalbedrijven, waartoe adverteerder gerekend moet worden, de  verplichting om zodanige maatregelen te treffen dat, indien geen specifieke uitzonderingen worden genoemd, een aanbieding in alle verkooppunten wordt nagekomen. Als erkend is komen vast te staan, dat op de eerste dag van de actie waarbij 2+1 gratis Nivea for men producten met een gratis kleedkamerhanddoek zijn aangeboden de handdoeken in veel Kruidvatfilialen, waaronder het filiaal in klagers woonplaats, niet voorradig waren.
 
Adverteerder heeft hiermee gehandeld in strijd met de eisen van de algemene aanbeveling sub h NRC. Hieruit volgt tevens dat in de gewraakte reclame-uiting geen duidelijk informatie is verstrekt over de beschikbaarheid van het aangeboden product als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder b NRC. Gelet hierop acht de Commissie de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
 
Het beroep van adverteerder op overmacht bij de productieafdeling kan naar het oordeel van de Commissie, onder verwijzing naar (de toelichting op) genoemde algemene aanbeveling sub h NRC, niet worden aanvaard. Ook de vermelding dat het een op=op actie betreft neemt het misleidende karakter van de uiting niet weg, nu in het onderhavige geval het aangeboden actieproduct bij het ingaan van de actieperiode in het geheel niet aanwezig was.

De beslissing
 
De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met artikel 7 van de Nederlandse Reclame Code. Zij beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

Regeling: NRC (nieuw) art. 7; art. 8.2 onder b én Algemene Aanbeveling sub h. filiaalbedrijven
Zie ook: www.creatie.nl/creatie/select/expression/66644.do en www.niveaformen-press.nl
plaatje: ©2010, TWBA/BEC

RB 721

UK ASA Adjudications 16.3.2011

Ook Advertising Standards Authorization, de RCC in Groot Britannië, heeft een bundel uitspraken gepubliceerd. Categoriën variëren van ontharingssysteem, Palestina-reisorganisatie, houtbriquetten, museum, muziekband genaamd "HOLYFUCK" en opmerkelijk veel rondom een advertentie van een begrafenisonderneming.

Zie plaatje hieronder (klik voor vergroting), klik hier voor de directe site:

Richard Steel Partners Ltd - a. A regional magazine ad for a funeral directors was headed "Richard Steel & Partners Independent Family Owned Funeral Directors". Text also stated "Four Generations Since 1860" and "Monumental Masons". The ad featured the SIFH (Selected Independent Funeral Homes) logo. b. A directory ad for the same company stated "1860 - 2010 FAMILY OWNED FUNERAL DIRECTORS 150 years of Personal Family Service". It also offered a "Monumental Masonry...

Roger Poat Partners - A regional magazine ad for a funeral director, stated "Professionally Managed Funeral Directors & Monumental Masonry Consultants". It also stated "Roger Poat & Partners is a family owned and professionally managed funeral service. It is in partnership with Michael Miller's of Petersfield".

Petfre (Gibraltar) Ltd - A TV ad for Betfred featured co-founder Fred Done. Mr Done said "I'll give you great odds and fantastic bonuses. Why? It's my fun and I love it. I'll even match your first bet up to £50. Watch my lips, a free bet up to £50, if you sign up today". On-screen text stated "Open online account, place £5 min bet, get free bet to same value, £50 max. T & C's apply, selected games. Free bet stake not included in returns".

Philips Electronics UK Ltd - A regional press ad for a hair removal system was headlined "And then there was light". Further text stated "Prevent hair growth with Philips Lumea. The new Phillips Lumea IPL hair removal system works wonders to prevent the reappearance of hair. Developed in conjunction with leading dermatologists specifically for safe, effective home use, the gentle pulses of light, applied every two to four weeks, keep your skin silky smooth" and "Guaranteed smooth skin results in 60 days, or your money...

Travel Palestine - A magazine ad for Travel Palestine stated "Palestine is a land rich in history with a tradition of hospitality. From the famous cities of Jerusalem, Bethlehem, Hebron, Jericho, Nablus, and Gaza, the Palestinian people welcome you to this Holy Land ... Starting from the earliest religious pilgrims, the country has seen famous visitors come and go. Palestine lies between the Mediterranean Coast and the Jordan River ... It takes a visit to this wonderful country to appreciate the most palpable...

Wight Heat - A regional press ad, for wood briquettes, was headed "advertisement feture [sic]". Text stated "Wight Heat can supply you with briquettes to warm you and your home this winter. Not only are the briquettes reasonably priced and easy to use but Wight Heat's briquettes won't damage the environment either".

Scotts of Stow Ltd - Brochures distributed by direct mail promoted “The Original Gift Company”. The cover was designed in the style of a newspaper front page and referred to the recipient in the headline text and the article. The front page of one of the brochures was headed “MRS XXXX HELPS SAVE THE PLANET!”. Text below stated “Catalogue shopper, Mrs XXXX of [address] understands that buying from home is comfortable and convenient and can offer big savings on High Street prices. What is less well known however,...

Semmel Concerts Veranstaltungsservice GmbH - A TV ad for the "Tutankhamun - His Tomb and His Treasures" exhibition at the Museum of Museums, Manchester said, in a voice-over, "Escape on a voyage into the fascinating world of ancient Egypt. Tutankhamun - his tomb and his treasures is not just an exhibition, it's an adventure. Visitors become explorers, discovering and solving the mystery of the long lost world of ancient Egypt". On-screen text stated "THE SPECTACULAR RECONSTRUCTION OF THE PHARAOH’S TOMB AND TREASURES ... A MAJOR...

Nigel Chamberlain Partners Ltd - a. A leaflet for a funeral directors stated "Independent Funeral Directors & Monumental Masons". It contained the logo for Selected Independent Funeral Homes (SIFH). b. A directory ad for the company also stated "Independent Funeral Directors & Monumental Masons".

Corney Barrow Wine Bars Ltd - An e-mail, for a wine bar promotion, was headlined "CORNEY & BARROW Your promotions". Text below stated "Forget boring team meetings in the office. Book a Beaujolais breakfast with C&B on Thursday 18th November and enjoy a glass of Beaujolais Nouveau with a full English breakfast for £10. We guarantee your meeting minutes will be taken to a whole new level!". Bigger text in a blue box beneath stated "Now that's a red worth getting out of bed for" and was...

Keith Dobson - A mailshot for Keith Dobson, a betting tipster service, stated "The No 1 Money Making Racing Service In The U.K."; "Huge Profits Are Now Being Achieved"; "£5,000 EXTRA IN YOUR POCKET - EVERY MONTH - TAX FREE!"; "71% WINNING STRIKE RATE"; and "When I say GUARANTEED I mean just that! If you join me and don't for any reason make at least £5,000 per month you can write direct to my office and request YOUR MONEY BACK. Your money will then be sent to you by return and without quibble".

AH Cheater Ltd - A regional press ad, for a funeral director called A.H. Cheater, was headed "Independent family owned funeral directors". Text underneath the heading stated "Personal attention from Simon & Michael Peace, Nigel Mayor & Giles Sadd" and "Monumental masonry service". Text at the bottom of the ad stated "Over 100 years of service to the community".

Channel Four Television Corporation - A poster for a Channel Four comedy show featured the title "TRAMADOL NIGHTS" which was written in the style of the fabric craft toy, fuzzy felt. The poster also featured fuzzy felt style images of a badger firing a machine gun, two rabbits attacking each other with hypodermic needles and another who had been stabbed with knives. The ad also featured an animal holding a chainsaw and pools of blood.

Medway Council - A leaflet, produced by Medway Council, promoted "Historic Rochester and Maritime Chatham". It was distributed in a local tourist information office. The front page featured a logo which stated "City of Medway rich heritage great future".

Myofascial Release UK - A leaflet, promoting training courses in a soft tissue therapy, was titled "INTEGRATED MYOFASCIAL THERAPY" and featured pictures of practitioners treating patients. Text below the pictures stated "Post graduate training programmes in MYOFASCIAL RELEASE Develop a unique and dynamic whole-body approach to healthcare. Enhance diagnostic and therapeutic skills. Learn advanced, traditional and modern fascial techniques". A logo at the bottom was accompanied by text which...

Kilimanjaro Live Ltd  - An ad for music gigs, in the Guide section of the Guardian, was headlined with the name of the band "HOLYFUCK". The ad also featured a picture of the band, tour dates and booking information.

Luv ncare Ltd - Two magazine ads for Nuby drinking cups. a. The first ad featured a picture of two drinking cups and was headlined "FREE† Nuby Grip'n'Sip CUP. CHOOSE FROM PINK OR BLUE”. Text in three bubbles underneath the products stated “ UK's No 1 Best Selling Silicone Spout”, “THE WORLD’S No. 1 CUP BRAND”, and “BPA FREE”. Further text underneath stated “The perfect first cup designed for little hands and mouths. Over the last eight years Nuby™has established itself as the UK's No.1...

RB 720

onrealistisch beeld en bijna een belediging voor Togaberoepen

UPDATE: deze klacht is procedureel afgehandeld vanwege eerdere klacht > lees verder...
Bij de Reclame Code Commissie is een klacht over het nieuwe reclamespotje van de NTI neergelegd door Groningse togamasterstudent, Sabine Korte. Het spotje waarin de cursisten continue gekleed in toga verschijnen acht ze misleidend. In't kort: Er wordt een HBO-studie aangeboden, dat heeft geen civiel effect, dus toga is misleidend. Daarbij is borrelen in toga is geen 'praktijkles'; ook is de NTI eerder op de vingers getikt in 2006.

 "Het is werkelijk een bijna lachwekkende reclame die van voor tot achter niet klopt. Het filmpje laat aanstaande cursisten in de waan dat men door middel van het volgen van een cursus bij het NTI werkzaam zou kunnen zijn in een van de togaberoepen, hoewel dit vanwege het ontbreken van het civiel effect niet mogelijk is", aldus Korte. Dat 'praktijkles' wordt neergezet als borrelen in toga is "onrealistisch en bijna een belediging voor togaberoepen.".

Lees ook mr-online hier.

UPDATE: na contact met de RCC blijkt dat er reeds een soortgelijke klacht is geweest; RCC 10 maart 2011, Dossiernr. 2011/00116, hier(link), hier(pdf) en hier(doorzoekbare pdf)); commissie oordeelt dat er strijd is met art. 8.2 aanhef en onder b en dus art. 7 NRC (nieuw).

Bent u in een voorspellende bui? Gaat het NTI nat? Of kan het verweer ertoe doen (bijv. ná NTI kun je een civiel effect via universiteitsschakelprogramma halen)? Praat met ons mee op onze (gesloten) LinkedIN-groep; reclameboek.nl