RB 2778

'Goody Good Stuff' als naam voor snoep is geen gezondheidsclaim

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 26 jul 2016, RB 2778; Dossiernr: 2016/00431 (Goody Good Stuff), http://www.reclameboek.nl/artikelen/goody-good-stuff-als-naam-voor-snoep-is-geen-gezondheidsclaim

Vz. RCC 26 juli 2016, RB 2778; Dossiernr: 2016/00431 (Goody Good Stuff) Afwijzing. Misleidende reclame. Claimsverordening. De bestreden reclame-uiting: het betreft een uiting over “Goody Good Stuff Berry Mix. Dit zijn zachte zoete snoepjes met aardbei, framboos en cassis smaak. Volgens klager impliceert de naam “Goody Good Stuff” dat het een gezond of goed product is en dat het beter/gezonder is dan ander snoep. De voorzitter is van oordeel dat van misleiding geen sprake is. De gemiddelde consument zal de (merk) naam niet opvatten als een gezondheids- of voedingsclaim.

Het oordeel van de voorzitter

De voorzitter is van oordeel dat van misleiding geen sprake is. De gemiddelde consument zal de (merk) naam niet opvatten als een gezondheids- of voedingsclaim in de zin van de EU Verordening 1924/2006. Indien en voor zover bij de gemiddelde consument op basis van de naam “Goody Good Stuff” al de indruk zou ontstaan dat dit snoepgoed gezonder of beter is dan andere vergelijkbare producten, wordt deze indruk voldoende weggenomen door de ingrediëntenlijst op de website.  

Gelet op het voorgaande wordt als volgt beslist. De beslissing van de voorzitter. Gelet op het bovenstaande wijst de voorzitter de klacht af.

RB 2777

Masterclass: Juridische academisch schrijven: Geen Nood! Iedereen kan het leren

masterclass juridisch academisch schrijven-header

De redactie van het tijdschrift AMI organiseert met deLex de Masterclass: Juridische academisch schrijven: Geen Nood! Iedereen kan het leren.

Op donderdag 13 oktober 2016 organiseert deLex, in samenwerking met de redactie van AMI de Masterclass ‘Juridisch academisch schrijven’. Wie de masterclass volgt, beschikt daarna over voldoende houvast voor het schrijven van een gedegen, maar prettig leesbare wetenschappelijke publicatie, een beschouwing over actuele ontwikkelingen of een annotatie. Bij de bevestiging van de inschrijving worden deelnemers uitgenodigd om hun idee voor een publicatie, of indien voorhanden een synopsis of zelfs conceptartikel in te brengen zodat in de cursus (desgewenst) optimaal kan worden ingespeeld op de behoeften en vaardigheden van de deelnemers. Bekende schrijvers en annotatoren geven uitleg:

RB 2776

Conclusie AG: Richtlijn OHP is beperkt en InfoSocrichtlijn verzet zich niet tegen nationale regeling inzake publiciteit voor tandverzorging

Rechtspraak (NL/EU) 8 sep 2016, RB 2776; ECLI:EU:C:2016:660 (VVT tegen Vanderborght), http://www.reclameboek.nl/artikelen/conclusie-ag-richtlijn-ohp-is-beperkt-en-infosocrichtlijn-verzet-zich-niet-tegen-nationale-regeling

Conclusie AG HvJ 8 september 2016, IEFbe 1920; IEF 16228; RB 2776, C-339/15, ECLI:EU:C:2016:660(V.Z.W. tegen Vanderborght) Reclamerecht. Oneerlijke handelspraktijk.  Verzoeker Luc Vanderborght is erkend tandarts en gespecialiseerd in cosmetische en implantaatbehandelingen. Hij wordt ervan verdacht reclame te hebben gemaakt voor zijn praktijk door middel van een reclamezuil ‘van onbescheiden afmeting’ en andere verboden reclamepraktijken te hebben verricht. Al in 2003 heeft het Verbond der Vlaamse Tandartsen (VVT) een klacht tegen verzoeker ingediend wegens zijn reclameactiviteiten. Op grond van een wet uit 1958 mag in België geen reclame voor tandartspraktijken gemaakt worden. Verzoeker stelt dat deze wet in strijd is met Europees recht. De verwijzende Belgische rechter constateert dat de wet van 1958 is ingesteld ter bescherming van de volksgezondheid (met name gericht tegen commerciële klinieken die schreeuwerige reclame maken) en gehandhaafd ook na implementatie van de door verzoeker genoemde richtlijnen. Hij stelt nog wel vragen over de juiste uitleg van Richtlijn 2005/29. Wat betreft richtlijn 2000/31 vraagt hij zich af of mond- en tandverzorging valt onder de definitie van diensten van de informatiemaatschappij.

Conclusie AG:

Gelet op het voorgaande geef ik het Hof in overweging de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg Brussel (België) te antwoorden als volgt:

„1) Richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2005 betreffende oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten op de interne markt en tot wijziging van richtlijn 84/450/EEG van de Raad, richtlijnen 97/7/EG, 98/27/EG en 2002/65/EG van het Europees Parlement en de Raad en van verordening (EG) nr. 2006/2004 van het Europees Parlement en de Raad (,richtlijn oneerlijke handelspraktijken’) moet aldus worden uitgelegd dat zij op grond van de beperkingen die de Uniewetgever uitdrukkelijk heeft neergelegd in artikel 3, leden 3 en 8, van die richtlijn niet van toepassing is op een nationale regeling zoals neergelegd in artikel 1 van de wet van 15 april 1958 betreffende de publiciteit inzake tandverzorging, in de versie die gold ten tijde van de feiten in het hoofdgeding, waarbij alle reclame voor tandheelkundige zorg wordt verboden, of een nationale regeling zoals neergelegd in artikel 8 quinquies van het koninklijk besluit van 1 juni 1934 houdende reglement op de beoefening der tandheelkunde, in de versie die gold ten tijde van de feiten in het hoofdgeding, waarbij de vereisten van bescheidenheid waaraan het uithangbord van een tandartspraktijk moet voldoen, worden vastgesteld.

2) Richtlijn 2000/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2000 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt (,richtlijn inzake elektronische handel’), en inzonderheid de artikelen 3, lid 1, en 8, lid 1, moet aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzet tegen een nationale regeling zoals neergelegd in artikel 1 van de wet van 15 april 1958 betreffende de publiciteit inzake tandverzorging, in de versie die gold ten tijde van de feiten in het hoofdgeding, die verstrekkers van tandheelkundige zorg in het kader van een vrij beroep of een tandartspraktijk verbiedt enige reclame voor hun diensten te maken via internet, aangezien die regeling ertoe strekt de eerbiediging van de beroepsregels te waarborgen en van toepassing is op een op het nationale grondgebied gevestigde dienstverlener.

3) Een nationale regeling zoals neergelegd in artikel 1 van de wet van 15 april 1958 betreffende de publiciteit inzake tandverzorging, in de versie die gold ten tijde van de feiten in het hoofdgeding, die verstrekkers van tandheelkundige zorg in het kader van een vrij beroep of een tandartspraktijk verbiedt direct of indirect enige op het publiek gerichte reclame voor hun diensten te maken, vormt een beperking van de vrijheid van vestiging en van de vrijheid van dienstverrichting in de zin van de artikelen 49 en 56 VWEU.

Deze beperking is gerechtvaardigd uit hoofde van de bescherming van de volksgezondheid indien de nationale wettelijke regeling aan de orde in het hoofdgeding dergelijke beroepsbeoefenaren niet verbiedt een eenvoudige en neutrale vermelding te doen opnemen in een telefoongids of in een ander openbaar informatiemedium teneinde aan hun bestaan als beroepsbeoefenaar bekendheid te geven, zoals een vermelding van hun identiteit, de activiteiten die zij mogen uitoefenen, de plaats waar zij deze uitoefenen, hun spreekuren en hun contactgegevens.”

RB 2775

Strijd met RvA door het aanbieden van alcoholhoudende drank met 50% korting

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 1 aug 2016, RB 2775; Dossiers: 2016/00520 (Wijnvoordeel), http://www.reclameboek.nl/artikelen/strijd-met-rva-door-het-aanbieden-van-alcoholhoudende-drank-met-50-korting
Wijnvoordeel

RCC 1 augustus 2016, RB 2775; Dossiernr: 2016/00520 (Wijnvoordeel) Aanbeveling. Reclame-uiting. De klacht: Er wordt wijn aangeboden met een korting van meer dan 50%. Klaagster vindt dit in strijd met de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken (RvA). Aangezien de alcoholhoudende drank tegen minder dan de helft van de normale verkoopprijs wordt aangeboden en er geen sprake is van een slijterij o.i.d. is de uiting naar oordeel van de Commissie inderdaad in strijd met de RvA.

RB 2774

Handelsvergunning vereist indien reclame voor product medische werking impliceert

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 23 aug 2016, RB 2774; Dossiernr: 2016/00442 (Rain Core + Rain Soul), http://www.reclameboek.nl/artikelen/handelsvergunning-vereist-indien-reclame-voor-product-medische-werking-impliceert
Rain core/soul drank

Vz. RCC 23 augustus 2016, RB 2774; LS&R 1369; Dossiernr: 2016/00442 (bestreden reclame-uiting ‘rain product’) Toewijzing. Misleidende reclame. Medische claims. De klacht: Klager stelt dat op de website voor Rain Core en Rain Soul diverse gezondheidsclaims worden gebruikt die niet zijn toegestaan door de Europese Commissie. Hierdoor wordt de consument misleid. De uitingen vallen onder de competentie van de KOAG. De uitingen zijn niet ter preventieve toetsing aan de KOAG voorgelegd en niet van een toelatingsnummer voorzien. Indien de betreffende uitingen wel zouden zijn voorgelegd, had de Keuringsraad KOAG/KAG de ze niet van een toelatingsnummer voorzien, aangezien er gebruikt wordt gemaakt van diverse medische claims. Naar oordeel van de voorzitter is er er een handelsvergunning vereist indien een product medische werking impliceert.

RB 2773

HvJ EU: Koppelverkoop van een computer met voorgeïnstalleerde software is geen oneerlijke handelspraktijk

Rechtspraak (NL/EU) 7 sep 2016, RB 2773; ECLI:EU:C:2016:633 (Deroo-Blanquart tegen Sony), http://www.reclameboek.nl/artikelen/hvj-eu-koppelverkoop-van-een-computer-met-voorge-nstalleerde-software-is-geen-oneerlijke-handelsprak

HvJ EU 7 september 2016, IEFbe 1916; IT 2125; RB 2773; ECLI:EU:C:2016:633; C-310/15 (Deroo-Blanquart tegen Sony) Koppelverkoop. Oneerlijke handelspraktijk. Verzoeker Vincent Deroo-Blanquart koopt in december 2008 een computer met voorgeïnstalleerde software bij verweerster Sony France (nu Sony Europe). Hij vraagt verweerster tevergeefs terugbetaling van de kosten van de meegeleverde software en begint een procedure. Hij stelt dat dit verboden koppelverkoop is, een oneerlijke handelspraktijk. HvJ EU: Een handelspraktijk bestaande in de verkoop van een computer met voorgeïnstalleerde software zonder de mogelijkheid voor de consument om hetzelfde model computer zonder voorgeïnstalleerde software te kopen, vormt als zodanig geen oneerlijke handelspraktijk:

1) Een handelspraktijk bestaande in de verkoop van een computer met voorgeïnstalleerde software zonder de mogelijkheid voor de consument om hetzelfde model computer zonder voorgeïnstalleerde software te kopen, vormt als zodanig geen oneerlijke handelspraktijk in de zin van artikel 5, lid 2, van richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2005 betreffende oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten op de interne markt en tot wijziging van richtlijn 84/450/EEG van de Raad, richtlijnen 97/7/EG, 98/27/EG en 2002/65/EG van het Europees Parlement en de Raad en van verordening (EG) nr. 2006/2004 van het Europees Parlement en de Raad („richtlijn oneerlijke handelspraktijken”), tenzij een dergelijke praktijk in strijd zou zijn met de vereisten van professionele toewijding en het economische gedrag van de gemiddelde consument met betrekking tot dat product wezenlijk verstoort of kan verstoren, wat aan de nationale rechter toekomt om te beoordelen rekening houdend met de bijzondere omstandigheden van het hoofdgeding.

2) In het kader van een gezamenlijk aanbod bestaande in de verkoop van een computer met voorgeïnstalleerde software, vormt het ontbreken van een prijsaanduiding voor elk van de voorgeïnstalleerde softwareprogramma’s geen misleidende handelspraktijk in de zin van artikel 5, lid 4, onder a), en artikel 7 van richtlijn 2005/29.

RB 2772

Gerecht Aruba geeft gelegenheid tot het overleggen van bewijs door het horen van getuigen

buitenland 24 aug 2016, RB 2772; ECLI:NL:OGEAA:2016:540 (TELEARUBA), http://www.reclameboek.nl/artikelen/gerecht-aruba-geeft-gelegenheid-tot-het-overleggen-van-bewijs-door-het-horen-van-getuigen
TeleAruba

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 24 augustus 2016, IEF 16218; ECLI:NL:OGEAA:2016:540 (TELEARUBA N.V. tegen h.o.d.n.) Reclame. Bewijslevering. Het gaat in deze zaak om een overeenkomsten van opdracht bestaande uit het uitzenden van tv-programma’s en/of reclameboodschappen. TeleAruba stelt dat zij namens de gedaagde door derde en TeleAruba gesloten overeenkomsten van opdracht diensten heeft verleend voor gedaagde, bestaande uit het uitzenden van tv-programma’s en/of reclameboodschappen en dat de gedaagde uit dien hoofde het in de hoofdsom gevorderde bedrag verschuldigd is aan TeleAruba. Het Gerecht stelt TeleAruba in de gelegenheid om hetgeen zij vooropgesteld hebben te bewijzen.

RB 2771

Kinderen benaderd met bijbelse brief d.m.v. neppe 'dino plaatjes'

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 16 aug 2016, RB 2771; Dossiernr: 2016/00569 (dino plaatjes bijbelse brief), http://www.reclameboek.nl/artikelen/kinderen-benaderd-met-bijbelse-brief-d-m-v-neppe-dino-plaatjes
Dino

Vz. RCC 16 augustus 2016, RB 2771 en IEF 16218; Dossiernr: 2016/00569 (Dinoplaatjes bijbelse brief) Vrijblijvend advies. Reclame-uiting. Onrechtmatige daad. Het betreft een brief die was gevoegd bij de kaartjes waarin onder meer staat: “We zijn erg dankbaar dat u wilt meewerken om een duidelijke, Bijbelse visie op dinosauriërs en de schepping bij kinderen te maken. De kaartjes kunt u uitdelen als u de Albert Heijn bezoekt en kinderen bij de uitgang u vragen of u dinoplaatjes heeft. Onderaan de brief prijst adverteerder zich aan als instituut op het terrein van het geloof. 
De klacht: Het zoontje van klaagster kwam thuis met een envelop met valse dinoplaatjes die moesten doorgaan voor dinoplaatjes van de Albert Heijn. In de envelop zat een instructie om die plaatjes aan jonge kinderen uit te delen. Onder de vlag van een Albert Heijn actie worden kinderen bewust benaderd en gerekruteerd voor het geloof. Dit is een kwalijke zaak. De voorzitter acht het onaanvaardbaar om op deze wijze in de brief op te roepen tot een benadering van kinderen die in feite erop is gericht buiten hun ouders om een bepaald denkbeeld bij hen aan te prijzen.

RB 2770

Banner 'gratis installatie' cv-ketel komt niet voor op de website

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 17 aug 2016, RB 2770; Dossiernr: 2016/00499 (Advertentie gratis installatie cv-ketel), http://www.reclameboek.nl/artikelen/banner-gratis-installatie-cv-ketel-komt-niet-voor-op-de-website
cv ketel

RCC 17 augustus 2016, RB 2770; Dossiernr: 2016/00499 (Advertentie gratis installatie cv ketel) Aanbeveling. Misleidende reclame. Het betreft een banner van adverteerder op de website www.marktplaats.nl waarin staat: “Remeha avanta cw5 + gratis install… > [link] (…)” De klacht: Klager heeft op marktplaats gezocht naar een nieuwe cv ketel. Vervolgens krijgt hij steeds pop ups (in de vorm van een banner) van adverteerder. Hierin wordt gesuggereerd dat de installatie van een nieuwe cv ketel gratis is, terwijl op de website van adverteerder staat dat hiervoor € 430,- dient te worden voldaan.

RB 2769

Kankerpatiënt in reclame over 'superfood' misleidend?

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 17 aug 2016, RB 2769; Dossiernr: 2016/00571 (NutriBullet blender), http://www.reclameboek.nl/artikelen/kankerpati-nt-in-reclame-over-superfood-misleidend
NutriBullet blender

RCC 17 augustus 2016, RB 2768 en LS&R 1363; Dossiernr: 2016/00571 (NutriBullet blender) Gedeeltelijke aanbeveling. Misleidende reclame. Het betreft een reclame-uiting waarin een blender gepresenteerd wordt alsof het gewoon voedsel in ‘superfood' omzet en speciaal ontworpen is om celwanden van voedsel te verpulveren waardoor voedingsstoffen vrij komen. In de infomercial vertelt een kankerpatiënt over haar ervaringen met de NutriBullet: “Helaas bleek ik kanker te hebben (…) Maar als je die pruik dan afzet en het resultaat van de chemo ziet, is dat heel moeilijk te verwerken. Ik was zo blij. Toen ik het effect voelde van die tweede NutriBlast was ik door het dolle heen van vreugde.”
De klacht: Dat de NutriBullet fruit (en dergelijke) op celniveau “opbreekt”, is volkomen onzin. De uiting is op dat punt misleidend. Door het tonen van een kankerpatiënt in de infomercial, die vertelt over haar ervaringen met de NutriBullet, wordt bovendien de indruk gewekt dat dit apparaat bijdraagt aan de genezing van kanker.

RB 2768

'Erotische videotheek' van KPN te makkelijk toegankelijk voor jonge kinderen

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 16 jun 2016, RB 2768; Dossiernr: 2016/00319 (Erotische videotheek KPN), http://www.reclameboek.nl/artikelen/erotische-videotheek-van-kpn-te-makkelijk-toegankelijk-voor-jonge-kinderen
KPN logo

Vz. RCC 16 juni 2016, RB 2768; Dossiernr: 2016/00319 (KPN erotiek videotheek) Toewijzing. Reclame-uiting. Mediadienst. Erotische beelden. Het betreft een foto van een liggende, grotendeels naakte vrouw die van onderaf is gefotografeerd terwijl zij haar benen spreidt. Haar geslachtsdelen zijn prominent in beeld. Deze foto is te zien als onderdeel van het submenu ‘Erotiek’ van de ‘Videotheek’ van het KPN Interactieve TV menu.
De klacht: Klaagster stelt dat onder het genre erotiek allemaal seksuele afbeeldingen zijn te zien van geslachtsdelen in alle denkbare posities. Dit laat niets aan de fantasie over en kan gewoon door de kinderen van klaagster van 8 en 12 jaar bekeken worden. Adverteerder zegt in reactie op klachten alleen maar dat “het niet zo snel te regelen is”. De voorzitter oordeelt dat adverteerder onvoldoende maatregelen heeft getroffen om een confrontatie met jonge personen te voorkomen.

RB 2767

Geen 'actieve' toestemming voor het versturen van ongevraagde reclame e-mail

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 15 aug 2016, RB 2767; Dossiernr: 2016/00373 (ongevraagde reclame i.s.m. code email), http://www.reclameboek.nl/artikelen/geen-actieve-toestemming-voor-het-versturen-van-ongevraagde-reclame-e-mail
e-mail

RCC 15 augustus 2016, RB 2767; Dossiernr: 2016/00373 (ongevraagde reclame i.s.m. code email) Toewijzing. Reclame. Digitale marketing. De klacht: Klager maakt bezwaar tegen het feit dat hij reclame per e-mail (een nieuwsbrief) van afzender heeft ontvangen. Klager stelt dat hij geen ‘actieve toestemming’ heeft gegeven voor het per e-mail verzenden van ‘commerciële nieuwsbrieven’ aan hem.
Kern van het inhoudelijke geschil van partijen is de vraag of afzender aan klager reclame via e-mail mocht toezenden. Nu afzender hiertegenover op geen enkele wijze bewijs heeft aangedragen waaruit blijkt dat klager de vereiste toestemming heeft verleend, oordeelt de Commissie dat niet is komen vast te staan dat afzender aan klager reclame via e-mail mocht toezenden. Hieruit volgt dat afzender in strijd met artikel 1.3.a Code e-mail heeft gehandeld. De klacht is derhalve gegrond.

RB 2766

Donkere huidskleur in reclame is niet discriminerend of stigmatiserend

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 15 jul 2016, RB 2766; Dossiers: 2016/00507 (Specsavers commercial), http://www.reclameboek.nl/artikelen/donkere-huidskleur-in-reclame-is-niet-discriminerend-of-stigmatiserend
Specsavers meeuw

RCC 15 juli 2016, RB 2766; Dossiernr:2016/00507 (Specsavers commercial) Afwijzing. Reclame-uiting. Racisme. Het betreft de televisiecommercial ‘Zeemeeuw’ van Specsavers. In de commercial is een beachvolleybalwedstrijd te zien. Een man springt op om een bal te smashen, waarbij hij in plaats van de bal een overvliegende meeuw lijkt te raken. Deze man, die een donkere huidskleur heeft, viert de klap alsof hij een punt heeft gescoord. De overige spelers zien dit verbaasd aan. De meeuw zit aanvankelijk wat versuft op het zand. Nadat in beeld en gesproken tekst de aanbieding van adverteerder (2e bril gratis) is toegelicht, is te zien dat de meeuw wegvliegt en daarbij poept op de betreffende man, waardoor een witte vlek op zijn schouder ontstaat. De commercial wordt afgesloten met de mededeling: “Was nou maar naar Specsavers gegaan!”
De klacht: Klaagster stelt dat de commercial stigmatiserend, racistisch en onnodig kwetsend is door de daarin bij kijkers (veelal onbewust) gewekte suggestie van een zwarte man in een domme rol die wordt ondergepoept door een meeuw. Stigmatiserende beeldvorming, ook als die als grapje wordt gepresenteerd, is fnuikend en moet daarom worden vermeden. Het geheel van details en effecten komt op klaagster over als discriminerend, racistisch en totaal ongepast.

RB 2765

Fieldmarketeer droeg herkenbare kleding en hoeft dus geen legitimatiebewijs te tonen

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 3 aug 2016, RB 2765; Dossiernr: 2016/00334 (Identificatie fieldmarketeer), http://www.reclameboek.nl/artikelen/fieldmarketeer-droeg-herkenbare-kleding-en-hoeft-dus-geen-legitimatiebewijs-te-tonen

Vz. RCC 3 augustus 2016, RB 2765; Dossiernr: 2016/00334 (Nationale Postcode Loterij - fieldmarketeer)
Afwijzing. Fieldmarketing. Klager stelt dat hij in Zwolle op straat werd aangesproken door twee dames die begonnen met het stellen van een vraag in plaats van te zeggen wat het doel van het gesprek zou zijn. Dit is in strijd met artikel 2 lid 1 Reclamecode voor Fieldmarketing (RFM). Er stonden geen namen op hun jassen en zij wilden zich desgevraagd ook niet legitimeren en gingen een teamleider bellen. Men vertelde aan klager dat hij moest blijven staan. Hij was daarvan niet gediend en liep verder. Later kwam de teamleider en nog een persoon erbij die aan klager vertelden dat hij de RFM moest uitleggen, hetgeen klager weigerde. Klager stelt dat niet is voldaan aan artikel 4 onder c RFM omdat sprake is van een agressieve vorm van benadering. Hij werd meermalen benaderd terwijl hij te kennen had gegeven verder te gaan, waarbij klager tegenover vier personen kwam te staan. Daarbij is de benadering niet gestaakt. Klager heeft zich over het voorgaande beklaagd bij adverteerder, maar kreeg hierop geen inhoudelijke reactie.

 

RB 2764

Fieldmarketing gereguleerd

Recent heeft de Reclame Code Commissie ("RCC") van de Stichting Reclame Code voor het eerst uitspraak gedaan over een klacht met betrekking tot fieldmarketing. De klacht en de uitspraak zijn gebaseerd op de Reclame Code voor Fieldmarketing ("RFM"). Deze code is in werking getreden op 1 januari 2016 en maakt onderdeel uit van de Nederlandse Reclame Code.

Wat is fieldmarketing? Fieldmarketing is het planmatig en systematisch aanprijzen van goederen, diensten of denkbeelden buiten de eigen verkoopruimte, in de openbare ruimte of aan huis (Door2Door). Fieldmarketing omvat presentatie, promotie, activatie en directe verkoop "van een standaard niet op de individuele ontvanger toegespitste inhoud". Gedacht kan daarbij worden aan het in een winkelstraat aan winkelend publiek trachten te verkopen van een abonnement op een krant of het aan de deur proberen consumenten te laten overstappen op een andere energieleverancier. De RFM reguleert deze vorm van marketing.

RB 2763

Reclame van PvdD over pluimvee en het associatieverdrag met Oekraïne

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 9 aug 2016, RB 2763; Dossiernr: 2016/00403 (PvdD en associatieverdrag met Oekraïne), http://www.reclameboek.nl/artikelen/reclame-van-pvdd-over-pluimvee-en-het-associatieverdrag-met-oekra-ne
PvdD

RCC 9 augustus 2016, RB 2763; Dossiernr: 2016/00403 (PvdD en associatieverdrag met Oekraïne). Vrijblijvend advies. Reclame. Politiek. Associatieverdrag met Oekraïne. Het betreft een in ‘De Telegraaf’ en ‘Metro’ geplaatste advertentie. In de advertentie staat in grote letters het woord “NEE”, waarbij de letters worden gevormd door een foto van kippen in (kennelijk) een ‘legbatterij’. Hieronder staat de kop: “Zeg op 6 april NEE tegen het associatieverdrag met Oekraïne”. In de hierna volgende tekst staat, voor zover hier van belang: “Legbatterijen zijn verboden in de EU; ze veroorzaken onacceptabel dierenleed. Maar met dit associatieverdrag komen dieronvriendelijke eiproducten uit Oekraïense legbatterijen massaal hierheen. Ook kippenvlees uit de Oekraïense giga-stal MHP, die jaarlijks 332 miljoen kippen slacht en Europese dierenwelzijnsregels niet naleeft, belandt door dit verdrag bij ons in de winkel. (…)”
Onderin de advertentie staan het logo en het websiteadres van de Partij voor de Dieren en het logo en het websiteadres van GUE/NGL.
Klacht: Partij voor de Dieren heeft negatieve en suggestieve boodschappen verspreid om mensen over te halen ‘nee’ te stemmen bij het Oekraïne-referendum. In deze uitingen wordt MHP misbruikt. In de bestreden advertentie staat “(…) de Oekraïense giga-stal MHP, die (…) Europese dierenwelzijnsregels niet naleeft”. Dit is niet waar. Zowel het productieproces als het vleesproduct voldoet aan alle mogelijke Europese wet- en regelgeving. Dit is herhaaldelijk bevestigd tegenover het parlement door bijvoorbeeld de ministers Ploumen, Dijselbloem en Koenders. Zij baseren zich hierbij op de uitkomsten van onderzoeksrapporten van onder anderen dierenartsen. Aangezien de mededeling over MHP niet strookt met de waarheid is de uiting in strijd met artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Volgens de Commissie weegt bij een dergelijke reclame de vrijheid van meningsuiting zwaarder dan bij een louter commerciële uiting. Dit brengt mee dat de Commissie zich bij de beoordeling van de uiting terughoudend opstelt onder meer in die zin dat – indien de Commissie oordeelt dat sprake is van strijd met de NRC – dit niet leidt tot een aanbeveling maar tot het (vrijblijvende) advies aan de adverteerder(s) om niet meer op de onderhavige wijze reclame te maken.

RB 2762

Reclamebeelden Corfu zijn niet de beelden van de bestemming

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 9 aug 2016, RB 2762; Dossiernr: 2016/00579 (reclame corfu beelden bestemming), http://www.reclameboek.nl/artikelen/reclamebeelden-corfu-zijn-niet-de-beelden-van-de-bestemming
Zon

Vz. RCC 9 augustus 2016, RB 2762; Dossiernr:2016/00579 (Reclamebeelden Corfu zijn niet de beelden van de bestemming) Afwijzing. Reclame. Reizen. Het betreft een televisiecommercial waarin onder meer te zien is hoe een vrouw aan het strand het water induikt. Vervolgens verschijnt in beeld: “Corfu* 2282 kilometer verwijderd van je collega’s”. Onderin in beeld staat: “*De getoonde beelden zijn een sfeerimpressie en zijn niet opgenomen op de genoemde bestemming”. Klacht: de televisiecommercial toont prachtige beelden. Daarbij wordt vermeld dat het om Corfu gaat. In de kleine letters onderin beeld staat dat de beelden niet van de bestemming zijn. De beelden en de tekst lijken bij elkaar te passen, maar dit is onjuist. Naar oordeel van de voorzitter wordt in de reclame voldoende duidelijk dat het niet om de bestemming gaat, de klacht wordt dan ook afgewezen.

RB 2761

Glorix reclame over het bestrijden van allergieën

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 22 jul 2016, RB 2761; Dossiernr:2016/00517 (Glorix verwijdert allergenen), http://www.reclameboek.nl/artikelen/glorix-reclame-over-het-bestrijden-van-allergie-n

RCC 22 juli 2016, RB 2761; Dossiernr:2016/00517 (Glorix verwijdert allergenen) Aanbeveling. Misleidende reclame. Het betreft een televisiereclame. De voice-over zegt: “Glorix Allesreiniger beschermt tegen vuil, zonder bleek. En het verwijdert zelfs allergenen. Vertrouw op Glorix Allesreiniger en bescherm je gezin”. Ten slotte staat onder in beeld, onder drie flessen Glorix Allesreiniger: “Bescherm je gezin tegen vuil en allergenen zoals stof en pollen”. Klacht: In de reclame wordt gezegd: "Glorix (…) verwijdert (…) allergenen”. “Een allergie” is een heel breed begrip. Wellicht levert het product een bijdrage voor wat betreft mensen die allergisch zijn voor huisstofmijt, maar toch niet in geval van hooikoorts, pollen, voedselallergie of een allergie voor huisdieren. Verder merkt klaagster op dat dweilen met Glorix ook niet helpt als je allergisch bent voor huisdieren, zoals bijvoorbeeld de in de uiting getekende hond. Aangezien Glorix geen bescherming biedt tegen dergelijke allergieën en allergieën voor huisdieren, beveelt de Commissie om niet meer op dergelijke wijze reclame te maken.

RB 2760

Reclame-uiting zonder toelatingsnummer en ongeregistreerd geneesmiddel

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 27 jul 2016, RB 2760; Dossier: 2016/00451 (Reclame zonder toelatingsnummer en ongeregistreerd geneesmiddel), http://www.reclameboek.nl/artikelen/reclame-uiting-zonder-toelatingsnummer-en-ongeregistreerd-geneesmiddel

Vz. RCC 27 juli 2016, RB 2760 en LS&R 1367; Dossiernr: 2016/00451 (reclame-uiting zonder toelatingsnummer en ongeregistreerd geneesmiddel)
Toewijzing. Reclame. Gezondheid. Toelatingsnummer. Ongeregistreerd geneesmiddel. Het betreft de verpakking van het product “Lucovitaal Puur en Groen Lactose Gluten Intolerantie” voor zover op deze verpakking de volgende mededelingen staan: “Lactose Gluten Intolerantie.” “Verbetert de vertering van voeding met gluten en lactose.”
De klacht: De claim op de verpakking is misleidend en ronduit gevaarlijk. Mensen met een Coeliakie die het product gebruiken kunnen hiervan ernstige darmschade oplopen en ziek worden. De uiting valt onder de competentie van de Keuringsraad Aanprijzing Gezondheidsproducten. De uiting is niet ter preventieve toetsing aan de Keuringsraad voorgelegd en derhalve niet van een toelatingsnummer voorzien. Derhalve is sprake van een ongeregistreerd geneesmiddel volgens het aandieningscriterium, dat wil zeggen dat door het gebruik van medische claims het product wordt gepositioneerd als een geneesmiddel waarvoor de wettelijk vereiste handelsvergunning niet is afgegeven. De uiting is daarom in strijd met artikel 3c en 4 Code Publieksreclame voor Geneesmiddelen (CPG) 2015 alsmede in strijd met artikel 84 lid 2 Geneesmiddelenwet. De voorzitter oordeelt, in navolging van de Keuringsraad KOAG/KAG, dat het onderhavige product door de hiervoor weergegeven mededelingen volgens het aandieningscriterium (als bedoeld in artikel 1 aanhef en onder b Geneesmiddelenwet) als een geneesmiddel dient te worden gekwalificeerd. Daarnaast kan het doen van dergelijke mededelingen in reclame misleidend en gevaarlijk zijn.

 

 

RB 2759

Aanbeveling bij reclame voor 'allergeenvrije' tomatensoep

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 21 jul 2016, RB 2759; Dossiernr: 2016/00430 (bestreden reclame-uiting over allergeenvrij product), http://www.reclameboek.nl/artikelen/aanbeveling-bij-reclame-voor-allergeenvrije-tomatensoep

RCC 21 juli 2016, RB 2759; LS&R 1366; Dossiernr: 2016/00430 (bestreden reclame-uiting over allergeenvrij product) Aanbeveling. Reclame. Voeding. Het betreft een reclame voor tomatensoep waarin gezegd wordt dat dit 100% allergeenvrij is. Klacht: In de uiting wordt vermeld dat de tomaten- en groentesoep (100%) allergeenvrij zijn. Volgens klager is dit misleidend. Klager vermoedt dat adverteerder hiermee wellicht bedoelt dat deze producten vrij zijn van de 14 in de EU wetgeving genoemde declareerbare allergenen. Maar (100%) allergeenvrij is niet hetzelfde als vrij van declareerbare allergenen. In deze producten zitten diverse kruiden, waaronder knoflook en peper waartegen allergie bekend is bij 2% van de bevolking. Ook zitten in deze producten gistextracten, groenten en tomaten waartegen allergieën bekend zijn. De Commissie  beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.